GZA

Zelfs na tien jaar Wu Tang Clan blijft de sound van dit hiphopgezelschap opmerkelijk uniek. Jammer is wel dat dit de laatste jaren beter te horen valt op de soloalbums van de heren. Zo is de derde plaat van GZA (spreek uit: `gizza'), de voornaamste mc van de clan, weer een kwalitatief hoogtepunt in het Wu Tang oeuvre. Legend of the Liquid Sword is snoeihard qua beats, uiterst rijk in de muzikale versiering en ronduit briljant gerapt.

Vooral in muzikale bruggetjes zijn de jongens sterk, en ook op GZA's nieuwe komen we dus weer echte songstructuren tegen. Dat The Genius, zoals GZA zichzelf noemt, heel goed zonder vaste Wu Tang producer RZA kan, blijkt uit het feit dat op deze plaat meerdere producers verantwoordelijk zijn voor de sound zonder dat dit stijlbreuken oplevert. Hoe wonderlijk vallen strijkers, blazers, koortjes en andere parafernalia weer feilloos op hun plek, terwijl dergelijke versieringen platen van andere rauwe hiphopartiesten bijna per definitie verzieken.

Vreemd is wel dat zelfs de niet-gecensureerde versie van dit album enkele weggebliepte `fucks' kent, maar daarvoor heeft GZA zelf gekozen. Hij beschouwt deze vorm van zelfcensuur als emancipatie. Nu ja: genieën mogen best dwalingen koesteren, zolang ze maar platen als deze blijven maken.

GZA/Genius, Legend of the Liquid Sword; MCA/Universal 113 083-2

    • Nanne Tepper