Europese politiemacht in Bosnië is vrijwel kansloos

De Europese Unie heeft op 1 januari de verantwoordelijkheid voor de Internationale Politiemacht in Bosnië overgenomen van de Verenigde Naties. Een mijlpaal, voor het eerst ging de organisatie een belangrijke rol spelen op veiligheidsgebied, nieuwe taken zouden weldra volgen, zo liet men weten. Allemaal grootspraak. Dat is eerder vertoond, in 1991. Toen zou de EU het probleem Joegoslavië gaan oplossen; er kwam niets van terecht. Het belastte de Unie met de schande dat ze binnen Europa een oorlog liet ontstaan die alleen in Bosnië 230.000 doden tot gevolg zou hebben met meer dan twee miljoen vluchtelingen.

Na het Dayton-akkoord van 1995 kwam Bosnië onder juridisch VN-beheer, terwijl de NAVO nieuwe gevechten voorkwam. Onder de ogen van de VN werd Bosnië vervolgens een basis voor de internationale georganiseerde misdaad met sluimerende terroristische kernen. Het Bosnisch politie- en justitieapparaat is inadequaat en de maatschappij is verziekt. De VN-politiemacht moest vechten tegen de bierkaai.

Die VN-politiemacht bestond nog uit circa 1600 politiemensen, aangevuld met 1500 lokale krachten. De EU-politiemacht heeft slechts 512 politiemensen, van wie 20 procent uit niet EU-landen, waaronder Rusland. Nederland neemt met 20 marechaussees en 8 burgerpolitiemensen deel. De politiemacht moet toezicht houden op een Bosnisch politieapparaat met een gepland sterkte van 25.000 mensen. Binnen dit apparaat heerst veel corruptie. Dikwijls maakt de lokale maffia de dienst uit en niet de politie.

De EU-politiemacht moet dit Bosnische politieapparaat screenen, controleren op taakuitvoering en corruptie en opleiden. Verder moet zij de georganiseerde misdaad bestrijden, zoals mensensmokkel, drugssmokkel en wapenhandel. Ook moet zij toezicht gaan houden op een nieuw ministerie van Veiligheid en op de grenspolitie. De grenzen worden nauwelijks bewaakt, hetgeen de smokkel bevordert. Dit alles is met deze kleine sterkte een onbegonnen taak. Veel deskundigen maken zich grote zorgen over de gevolgen. VN-functionarissen zeggen bijvoorbeeld dat het probleem van de vrouwenhandel zal toenemen.

De EU-politiemacht staat onder leiding van de Hoge Vertegenwoordiger voor Bosnië. Deze, thans de Brit Pady Asdow, wordt benoemd door de groep van 55 landen en organisaties die het Dayton-akkoord helpen implementeren. De enige internationale gewapende macht is de de NAVO-macht SFOR. De Hoge Vertegenwoordiger voor Bosnië heeft geen zeggenschap over SFOR, maar de commandant van SFOR werkt nauw met hem samen; SFOR is zo nodig de sterke arm van de politiemacht. Deze taakscheiding werkt in de gegeven omstandigheden goed. Een onafhankelijke politieke rol voor de EU in Bosnië is er niet. Het belangrijkste is dat ze voldoende goede politiemensen moet leveren.

Maar dat is niet het enige. In Bosnië heerst armoede en dat werkt corruptie in de hand. Die corruptie en het feit dat justitie slecht werkt schrikt investeerders af – ziehier een vizieuze cirkel. Door de slechte economie ziet de bevolking ook geen toekomst en blijft ze gevoelig voor beloften van verkeerde politici. De EU moet ernst maken met de economische opbouw, die op laag (kantonnaal) niveau moet beginnen en ontpolitiekt moet worden. Als De EU niet echt de handen uit de mouwen gaat steken voor Bosnië zal het daar van kwaad tot erger gaan. De NAVO zal daar dan tot in eeuwigheid moeten blijven.

Dit jaar kent een slecht begin voor de EU. Nog afgezien dat de economische steun niet van de grond komt, levert de Unie een politiemacht die sterk onder de maat is en niet opgewassen is tegen de grote problemen die er in Bosnië zijn. Eind november constateerden de Europese ministers in Londen nog dat de misdaad op de Balkan beter georganiseerd was dan de organisatie die haar moet bestrijden.

De gevolgen laten zich in heel Europa voelen, ook in Nederland. Het ziet er niet naar uit dat dit op afzienbare tijd verandert, eerder moet het omgekeerde worden gevreesd. De Europese Unie heeft wederom gefaald. Veiligheid krijg je niet op een koopje.

J. Schaberg is genraal-majoor b.d. van de landmacht.