De pooierbak is terug in Detroit

Een luidruchtige V8 mag weer op de autoshow in Detroit. De twee grootste Amerikaanse autofabrikanten presenteren deze week ronkende sportwagens met acht cilinders voor minder dan 20.000 dollar

De pooierbak is terug. De twee grootste Amerikaanse autoproducenten, General Motors en Ford, hebben voor de traditionele autoshow in Detroit dit jaar een concept uit de oude doos gehaald: de legendarische muscle-car uit de jaren zestig, een ronkende, betaalbare sportwagen, die in Nederland ook wel voor pooierbak doorgaat.

General Motors (GM) is al een tijdje geleden gestopt met de productie van de Pontiac Firebird en de Chevrolet Camaro. Maar dit weekeinde presenteerde 's werelds grootste autofabrikant de Pontiac GTO, die min of meer dezelfde kenmerken heeft: een luidruchtige V8, een katachtige buitenkant en een prijs die niet boven de 20.000 dollar uitkomt. ,,Al onze modellen zien er een beetje opgefokt uit'', aldus Bob Lutz, die verantwoordelijk is voor de nieuwe lijn bij GM. ,,En dat moet ook.''

Ford gaf twee jaar geleden al – met matig succes – zijn elegante Thunderbird uit de jaren zestig een nieuw jasje. In Detroit toont Ford nu de Mustang GT: een V8, 400 PK, 4,6 liter-motor onder een geheel vernieuwd, strak koetswerk. Het ontwerp is van J. Mays, die ook betrokken was bij de Volkswagen Beetle, de retro-versie van de Kever. ,,Mooier dan dit kan het niet worden'', sprak Bill Ford, de bestuursvoorzitter van het bedrijf dat dit jaar zijn honderdste verjaardag viert, zichtbaar ontroerd.

Dat zowel de nieuwe Pontiac en de Ford Mustang ongeveer een liter brandstof per zeven kilometer gebruiken en dat de nieuwe eigenaren daarvoor zullen worden bestraft met een extra belasting van enkele duizenden dollars, schijnt geen van de automakers te deren. Zij denken dat er wel een markt voor is, gezien de bescheiden maar stijgende vraag naar benzineslurpende BMW's, Lamborghini's en Jaguars.

De nieuwe sportwagens illustreren het vertrouwen van de autofabrikanten, die deze week weer naar de bakermat van de autoindustrie zijn gekomen om met veel ophef en geweld hun laatste modellen te tonen op de jaarlijkse autoshow. De omstandigheden zijn niet zo somber als vorig jaar, toen Ford met miljardenverliezen kampte en de gevolgen van de terreuraanslagen van 11 september het klimaat bepaalden. Maar met de dreiging van een oorlog in Irak, het uitblijven van het economische herstel en de moordende concurrentie op de Amerikaanse markt, is er met name voor de thuisspelers – General Motors, Ford en Chrysler – meer reden om te tobben dan te juichen.

Toch glommen de topmannen als vanouds naast hun glimmende nieuwe auto's. Opnieuw waren de Sport Utility Vehicles (SUV's), ofwel luxe terreinwagens, in Detroit ver in de meerderheid. Merken zo uiteenlopend als Lexus, Buick, Honda, en Porsche mikken op dit uiterst lucratieve segment van de Amerikaanse automarkt. En in bijna alle gevallen zijn de nieuwe modellen groter en sneller dan voorheen. De nieuwe Dodge Durango conceptcar, ietwat onwennig gepresenteerd door Dieter Zetsche, de Duitse ingenieur die het Amerikaanse Chrysler onder zijn hoede heeft genomen sinds de overname door Daimler Benz, is langer, breder, en hoger dan zijn voorganger. ,,De Durango heeft nu de capaciteit om ruim 48 inch brede multiplex te vervoeren tussen de wielkasten'', aldus de brochure. Ook de motor is sterker, maar volgens Zetsche verbuiken de SUV's van Dodge relatief het minst brandstof. Overigens hoeven SUV-bezitters de extra belasting niet te betalen omdat SUV's in een andere categorie vallen, namelijk die van de light trucks.

Lutz van GM voelt zich desgevraagd niet verantwoordelijk voor het toenemende brandstofverbruik. ,,Wil de klant groter en zwaarder, dan maken wij onze modellen groter en zwaarder'', aldus Lutz. ,,Je kunt van ons niet verwachten dat wij produkten op de markt brengen waar geen vraag naar is.'' Bovendien, voegt hij eraan toe, de concurrentie uit Europa en Japan brengt het er helemaal niet zoveel beter van af. Ook die snijden hun auto's toe op de Amerikaanse vraag. Met een brandstofprijs die weliswaar stijgende is, maar nog altijd een fractie bedraagt van wat Europeanen betalen, zal er niet zoveel veranderen, meent Lutz.

Toyota, de nummer vier in de VS, presenteerde de Scion, een nieuwe, ruime vierkante auto gericht op de sportieve, hippe jongere, die naar verluidt wel geïnteresseerd is in efficiënt brandstofverbuik. Hij rijdt één op veertien. ,,Een beetje Europees'', zo werd de Scion omschreven, en inderdaad, om zijn hoge uiterlijk doet hij wel aan de Fiat Multipla denken.

Ford had in hetzelfde genre een concept Model U (van Urban), een hoekige auto samengesteld uit milieuvriendelijke modules waarmee naar believen kan worden gecombineerd. Ontwerper J. Mays ging zelfs zo ver om te stellen dat de Model U ,,het milieu verbetert'', door de CO2 uitstoot te reduceren. ,,De Model U is geen science fiction'', voegde hij er nog aan toe.