De democratische schaakklok

Waarom kan de omroep geen behoorlijk politiek debat organiseren? Een democratisch debat waarin niet de hardste schreeuwer wint, maar iedere deelnemer recht heeft op dezelfde spreektijd? In het parlement is het al eeuwen usance dat deelnemers op elkaar wachten omdat ze toch wel aan de beurt komen, maar bij de omroep moeten ze de democratie nog uitvinden. Als de omroep het niet wil, kunnen de lijsttrekkers het toch als voorwaarde stellen? Maar misschien hoort de kwestie nog bij het onderzoek naar waarden en normen van premier Balkenende.

In het buitenland kennen ze wel de democratie van de schaakklok. De lijsttrekkers zijn hier kennelijk zo bang om te worden buitengesloten dat ze alles doen wat de tv wil. En de presentator wil volgens zijn eigen willekeur de spreektijd uitdelen, de een wat meer dan de ander. De voorzitter van de Tweede Kamer moest het eens proberen. Het is waar, sommige politici geven geen antwoord op vragen en vullen hun tijd met irrelevante afleiding. Maar dan kunnen de andere lijsttrekkers hen toch attaqueren? Een schaakklok verbiedt presentatoren niet om de onbeantwoorde vraag nogmaals te stellen. Dan heeft de tijdrekker zijn tijd verbeuzeld.

In beschaafde landen als Amerika of Duitsland mogen de deelnemers aan tv-debatten uitpraten. Wie te weinig tijd krijgt wordt aan het eind gecompenseerd. De tv-discussies tussen de kandidaten voor bondskanselier, Stoiber en Schröder, waren informatief over de politieke dilemma's van Duitsland. Dat kon je niet zeggen over het debat op RTL4. Zelfs de pauze van de Soundmixshow vorig jaar was beter georganiseerd. Het door elkaar praten is vorig jaar begonnen toen debater Fortuyn de politieke zenuwen opjoeg. In 1998 ging het er ordelijker aan toe.

Vrijdagavond bij RTL nam Jan Marijnissen vaak het woord en hij geeft het dan niet graag meer af. Hij houdt van vormingsmonologen, goed voor talkshows en tv-interviews, maar minder sterk voor de sprint op de korte baan. Daar waren Paul Rosenmöller en Pim Fortuyn indertijd beter in. Wouter Bos had het meest op Blair-achtige éénzinsvoltreffers geoefend. Balkenende bleef daarentegen zijn wollige CDA-zelf. Zalm drukte zich beknopt uit, bleef bij gebrek aan spreekminuten op de achtergrond en ,,verloor'' dus het debat volgens opinie-onderzoek de volgende dag. Om te ,,winnen'' moet je de ander in de rede vallen en doorzetten tot de ander wijkt. Vaak kon ik niet verstaan wat er werd gezegd. Ik hoorde soms gelach – de mensen hadden plezier om een opmerking die ik niet hoorde.

In ons verkiezingssysteem moet zo'n debat altijd tussen meer dan twee lijsttrekkers worden gehouden en dat is des te meer reden om ieder zijn portie te gunnen.

Gisteren had Netwerk een aardige opzet: een tweestrijd tussen premier Balkenende en Jan Marijnissen, volgende week Femke Halsema versus Thom de Graaf. Ze moeten elkaar om de beurt vragen stellen. Maar de secondenwijzer meet alleen de lengte van ieder onderwerp, niet de spreektijd per persoon. Zodat Marijnissen bij de eerste gelegenheid weer het langst bezig was en Balkenende niet meer kon antwoorden. Daarop wist Balkenende hem het zwijgen op te leggen door hard en duidelijk door hem heen te praten. Marijnissen had verhalen en cijfers over armoede en rechtvaardigheid maar wist toch niet wat ,,ombuigen'' was, het eufemisme voor bezuinigen.

Een tv-debat levert zelden nieuws op. Het is voorlichting. Reeds bekende standpunten worden tegenover elkaar gezet. Bij de analyse achteraf verwacht ik dus dat deskundigen de ingenomen standpunten bezien op tegenspraken met het gevoerde beleid of met de partijlijn. Helaas, bij RTL4 kwamen Herman Heinsbroek, Jan Tromp en imago-deskundige Caroline van Aken niet verder dan het opmerken van dingen die ik al had gezien. Volgens de imago-deskundige hield Wouter Bos zijn hoofd scheef en dat gaf een weinig overtuigde uitstraling. De deskundige had niet goed naar het volk geluisterd, want Bos ,,won''. Misschien iets voor de volgende Intomartpeiling: ,,Vindt u dat Bos zijn hoofd te scheef houdt?'' Dat is de grote vraag die de kiezers in het jaar 2003 bezighoudt.

    • Maarten Huygen