Van Riesen omringd door duivelse fantasiefiguren

Op de hoes van Napoleon of the Heart staat het portret van een bleek mannetje met een donker geschminkt gezicht. De rauwe blues op de plaat klinkt zwarter dan zwart. Toch komt maker Wouter van Riessen, de man op de hoes, niet uit de Mississipi Delta maar gewoon uit Arnhem aan de Rijn. Is Van Riessen eigenlijk geboren in de verkeerde huid? Of is die schoensmeer een schild, een masker om achter te schuilen?

In Van Riessens werk als beeldend kunstenaar keren maskers en poppen steeds weer terug. Pinokkio, Kermit de kikker en allerlei fantasiefiguren vormen de basis voor zelfportretten. Door zichzelf weer te geven als pop of via een pop verhult en verhaalt Van Riessen. Hij is als een poppenkastspeler die alleen kan vertellen wat hem werkelijk op het hart ligt als hij zijn hand in een Jan Klaasen stopt en een raar stemmetje opzet.

Het is alsof de kunstenaar tot een diepere betekenislaag wil doordringen door er nog eens een laag overheen te leggen. En soms zijn die lagen tastbaar en direct. Zoals in de serie maskers die nu in de projectenzaal van het Gemeentemuseum Den Haag te zien is. Het zijn afgietsels van Van Riessens eigen gezicht maar voorzien van een hooghartig opgetrokken Pinokkio-neus en een sardonisch glimlachje. De kijker wordt uitgenodigd om te trekken aan een touwtje waardoor de ogen wegdraaien of je brutaal aankijken.

In het geschilderde werk is de stylering extreem doorgevoerd. De reusachtige trekpop, die martiaal met zijn hakken klapt, heeft niets individueels meer. Hij draagt een anonieme outfit van zwarte broek en blauwe bloes en zijn gezichtsuitdrukkingen zijn beperkt tot minimale, stripfiguurachtige streepjes en punten. Van Riessens achtergrond als illustrator is zichtbaar in de dikke, zwarte viltstiftcontouren, de bijna geometrische vormen waaruit de figuren zijn opgebouwd en de egale kleurvlakken. De poppen en de kunstenaar die poseert als pop zijn gereduceerd tot cartoons, waardoor het onderlinge onderscheid zo goed als uitgevlakt wordt. Toch leidt de stylering niet tot afstandelijkheid. Zelfportret met rood masker of zelfportret met twee poppen zijn ronduit angstaanjagend. De koppen doen denken aan slechterik Joker uit Batman of de moorddadige speelgoedpop Chucky uit de horrorfilmserie Child's play. Zelfs de gezeefdrukte gezichten op twaalf klokken grijnzen boosaardig.

Als de duivelse portretten een weerslag zijn van Van Riessens zelfonderzoek dan moet hij in de krochten van zijn ziel wel iets heel vreselijks gevonden hebben. Maar wat deze schilderijen tot leven wekt en zo verwarrend maakt is de totale versmelting van buikspreekpop en buikspreker. Van Riessen gebruikt het masker niet meer om enkel puntig commentaar te leveren en vragen op te roepen, zoals op de hoes van zijn bluesplaat. Hij is een obsessieve poppenkastspeler die één is geworden met zijn medium, zijn kunst is je reinste voodoo.

Tentoonstelling: Poppen, maskers en zelfportretten: Wouter van Riessen. T/m 16/3 in Gemeentemuseum Den Haag.