Generaal pardon verliest van Calvijn

Een generaal pardon is waarschijnlijk de beste manier om in het buitenland geparkeerd zwart geld – meer dan 60 miljard euro – terug te halen naar Nederland. Maar de moralistische volksaard van de Nederlander zit zo'n oplossing in de weg.

Voor de Belastingdienst was het eind 2001 een lot uit de loterij. Voor enkele duizenden Nederlanders met een spaarrekening in Luxemburg een nachtmerrie. De fiscus bleek in het bezit te zijn gekomen van een lijst met duizenden namen van landgenoten die een zwart-geldrekening aanhielden bij Kredietbank S.A. Luxembourgeoise (KBL). De gegevens waren waarschijnlijk gestolen door kwaadwillende KBL-werknemers en kwamen uiteindelijk in handen van de Belgische fiscale autoriteiten. Die speelden de lijst, naar men aanneemt, weer door aan de Nederlandse Belastingdienst.

Over de vraag of de `besmette' lijst als geldig bewijsmateriaal kan dienen wordt tot op de dag van vandaag een stevige juridische strijd gevoerd. Maar niet iedereen gaat dat gevecht aan: honderden belastingontduikers hebben zichzelf alsnog aangegeven na te zijn aangeschreven door de fiscus. De Belastingdienst doet naar eigen zeggen onderzoek naar buitenlandse rekeningen bij `meerdere banken', al is er nog nooit een andere naam dan KBL gevallen. De fiscus noemt de actie, die wordt gepresenteerd als grootscheeps offensief om `zwarte spaarders' op te sporen en te straffen, niettemin een eclatant succes.

Toch zou de fiscus op een veel effectievere manier het zwarte geld binnen kunnen halen. Althans, dit beweren K. van Mens en R. Steenman in het jongste nummer van het Nederlands Juristenblad. Wat de Belastingdienst op dit moment doet, is volgens deze twee advocaten vergelijkbaar met een one-hit-wonder: één keer een hit, daarna nooit meer. Zwarte spaarders met een rekening bij KBL hebben pech, maar wie bij een ander bankiert, zit goed. De Nederlandse fiscus heeft geen structureel succes. Daarom pleiten Van Mens en Steenman voor een radicalere maatregel: een generaal pardon. Geef belastingontduikers de mogelijkheid zich vrijwillig te melden, geef ze een naheffing van bijvoorbeeld 20 procent en incasseer de winst, zo is de redenering. Als zo'n pardon succesvol verloopt, zouden er miljarden euro's terugvloeien in de Nederlandse economie, die juist nu zo'n `oppepper' goed kan gebruiken.

De maatregel die Van Mens en Steenman voorstaan is geen `volledig' pardon. Weliswaar hoeft er geen boete te worden betaald en wordt er niet strafrechtelijk vervolgd, maar er wordt wel belasting over het opgegeven zwarte geld geheven. Het percentage van 20 procent dat de advocaten voor ogen hebben, komt overeen met het rentetarief voor spaargeld (1,2 procent), vermenigvuldigd met twaalf – omdat de verjaringstermijn voor fiscale delicten twaalf jaar is. Daar bovenop komt dan nog een rentevergoeding van ruim 5 procent voor het te laat betalen van de belasting.

Nederlanders hebben voor zo'n 60 miljard euro aan zwart geld in het buitenland geparkeerd, vermoeden Van Mens en Steenman. In een officiële schatting van enkele jaren geleden wordt nog uitgegaan van 16 tot 32 miljard euro. Maar de KBL-affaire bracht vorig jaar aan het licht dat Nederlanders in 1994 alleen al bij KBL 600 miljoen euro hadden uitstaan. Bij een jaarrente van 4 procent is dit in 2002 gegroeid tot ongeveer 825 miljoen euro. Bij één bank. Terwijl de landen die soepel omgaan met zwart geld – Luxemburg, Zwitserland, Oostenrijk – vergeven zijn van banken.

S. Oomes, hoofdredacteur van het vakblad Fiscaal Up to Date, ziet wel wat in een generaal pardon. Vooral omdat andere oplossingen niet lijken te werken. Zo wordt in een Europees verband geprobeerd een richtlijn over spaargelden op te stellen, die banken verplicht om informatie te verschaffen over rekeningen die door buitenlanders worden aangehouden. Maar vooral Zwitserland ligt hierbij erg dwars. ,,De onderhandelingen lopen al heel lang'', zegt Oomes. ,,Ik verwacht er op korte termijn niet veel van.''

Die laatste mening wordt gedeeld door hoogleraar belastingrecht J. Zwemmer: ,,De Zwitsers doen echt niets en het Caraïbisch gebied al helemaal niet. Dus je zal altijd belastingvlucht naar die oorden houden. Mensen die geld in het buitenland uitgekeerd krijgen, middenstanders die de bankbiljetten naar Luxemburg of Zürich rijden: het is van alle tijden en alle landen. Daar is geen tarief tegen bestand en dus heel moeilijk tegen te vechten.'' Zwemmer betwijfelt echter of een generaal pardon zal werken: ,,Het voorgestelde tarief van twintig procent is nog behoorlijk hoog, dus ik denk niet dat de mensen daar intrappen. Bovendien denk ik dat het politiek niet haalbaar is.''

Toch wint de `pardonmethode' in Europa aan terrein. Italië wist vorig jaar 50 miljard euro aan zwart geld boven water te krijgen met zo'n actie. Duitsland, dat vorig jaar nog tegen was, lijkt nu toch een pardon te willen afkondigen. Het wil niet meer wachten op de EU-richtlijn.

Overigens pleiten Van Mens en Steenman voor méér dan alleen een generaal pardon. Zo moet de controle door de fiscus na de maatregel flink worden opgevoerd. Mensen die dan nog worden betrapt moeten extra hard worden aangepakt. Ook moet vantevoren duidelijk worden gemaakt dat het pardon eenmalig is. Volgens het tweetal wijst wetenschappelijk onderzoek uit dat tax amnesty mèt flankerende maatregelen heilzamer is voor de belastingmoraal dan opsporing en controle. Vooral in de Verenigde Staten komen generale pardons relatief vaak voor.

Professor Zwemmer heeft waardering voor het onderzoek van de advocaten en denkt ook wel dat het geschatte bedrag van 60 miljard euro aan zwart geld ,,behoorlijk in de buurt van de realiteit'' komt. Maar een generaal pardon heeft volgens hem pas zin als je een boete ,,beneden de 10 procent'' oplegt. En dat is politiek onhaalbaar. Zwemmer: ,,Geen politicus zal die tien procent voor z'n rekening willen nemen. Er blijft toch de zweem om hangen van het belonen van strafbaar gedrag. En in Nederland weegt de calvinistische en moralistische aard dan altijd zwaarder.''