Geloof en ratio 3

Zelden heb ik een meer irrationeel betoog gelezen dan het tegen irrationaliteit gerichte artikel over geloof en ratio van Joris Bartstra. Er is weinig eruditie nodig om te zien dat een zin als ,,[...] zonder het geloof [...] in dingen die niet bestaan, zoals een leven na de dood'', niets te maken heeft met rationeel denken, maar een bijna klassiek geworden uiting is van een geloofsovertuiging. Het is overbodig om welk geloof dan ook aan te hangen om dat op te merken.

Eigenlijk is het voorgaande al voldoende om de teneur van bedoeld artikel te kwalificeren. Ik wil nog toevoegen dat er geen bezwaar kan bestaan tegen rationeel redeneren, maar het lijkt me evident dat het dan toch gepaard moet gaan met een zeker gevoel voor realiteit. Wat is het realiteitsgehalte van een pleidooi voor het ontmoedigen van religieuze opvoeding? Een groot deel, wellicht het overgrote deel van de mensheid vindt in de religie broodnodige zekerheden, als tegenwicht voor de onzekerheden en angsten, die het raadsel van leven en dood oproept. Bij alle verschillen is dat het gemeenschappelijke kenmerk van alle religies. Dat die verschillen soms extremisme uitlokken, is te betreuren, overbodig en heel eng, maar dat los je toch niet op door geloof en religie even af te schaffen?