Geloof en ratio 1

Het is spijtig dat J. Bartstra geen motieven aanvoert voor zijn stelling dat religie rationeel denken verhindert, ja zelfs irrationele onzin zou zijn (NRC Handelsblad, 27 december).

Het christendom (ik beperk mij, evenals Bartstra voorshands daartoe) geeft in grote lijnen aan hoe een mens zich tegenover God, maar ook tegenover zijn medemensen behoort te gedragen. In grote lijnen, de mens zal zelf hebben te beslissen hoe hij zich in concrete gevallen zal hebben te gedragen, waarbij hem de grote lijnen van zijn godsdienst een richtlijn kunnen zijn. Hij zal dus rationeel hebben te overwegen (en kan dat ook gelet op de vrijheid van denken die hij heeft) hoe hij in een bepaald geval dient te handelen c.q. te oordelen. Hetzelfde geldt voor degeen die het socialisme of liberalisme aanhangt. Een mens laat zich bij zijn oordeelvorming beïnvloeden door allerlei omstandigheden (en daartoe behoort ook zijn religie en zijn politieke opvattingen), maar zulks betekent niet dat hij niet rationeel zou kunnen denken. Indien christenen niet rationeel zouden kunnen denken en handelen zou dat in de praktijk zijn gebleken. Rechters, bewindslieden, ambtenaren etc. die christen zijn, functioneren normaal ondanks de religie die zij aanhangen. De stelling van Bartstra dat de overheid religie moet ontmoedigen moet derhalve worden verworpen.

    • E.A.M. Hüffer