Een ruïneuze tompoes

Bij de Hema probeert Joep Habets stampot boerenkool met worst te eten. Maar de gewoonste zaak van de wereld gaat opeens werelds doen.

Een mens wil na een maand van gevulde speculaas en marsepein, van hazenpeper en kalkoen, van gerookte zalm en vruchtenbowl, wel weer eens gewoon een eerlijke stamppot boerenkool met worst. Dat valt nog niet mee voor de buitenshuiseter. Fastfoodzaken doen aan hamburgers en kipkrokantjes en de middenklassers serveren carpaccio of eendenborst met kersensaus. Alleen in de chique restaurants is tegenwoordig wel eens een stamppotje te krijgen, maar dan ligt er een ontbeend gekonfijt kwarteltje op of een in gerookte boter gewelde tongfilet. En als ze rookworst hebben dan is het er een op miniformaat, gevuld met kabeljauw en pistachenoten of met gepekelde slachtafvalletjes van kapoen. Stamppot boerenkool met rookworst zou toch de gewoonste zaak van de wereld moeten zijn.

De Hema ís de gewoonste zaak van de wereld, dat zegt de Hema zelf. De roltrap in de Rotterdamse vestiging aan het Beursplein voert langs een metershoge afbeelding van de befaamde rookworst. Ook de entourage in het restaurant belooft alle goeds. Uitgevoerd in fleurige lettertegels lijkt de spijskaart op de lambrisering te staan: soep met ballen, bitterkoekjespudding, gele vla, hutspot met klapstuk en kapucijners met spek. Het is een aantrekkelijk Hollands aanbod.

Maar bij de afhaalbalie krijgt het verhaal een even verrassende als ongewenste wending. De Hema gaat opeens werelds doen met muffins, chocolate chip cookies, croque monsieur's, pizza's, bagels en – graaf Tosti zou vreemd opkijken – `tostinette's'. En de Hema gaat op chique met zalm-dille soep en champagnevlaai. Toe maar! Het assortiment bestaat vooral uit taart en snacks. Voor de hongerige winkelaar is er weinig keuze in substantiële gerechten. Wat ik voor een lasagneschotel aanzie blijkt bij nadere inspectie de vis van dag. Wel zijn er veel frietjes en aan een uiteinde van het buffet staat een grote pot erwtensoep, met worst. Een eerlijke stampot met een kuiltje jus, bekroond met een halve rookworst is nergens te bekennen.

Ik neem mijn toevlucht tot de erwtensoep. Hij is goed warm, dat is al heel wat in de zelfbediening. De soep is dik en groen met minuscule deeltjes vlees, het zou mager spek kunnen zijn, en een mooie hoeveelheid rookworst. Een beetje grof gesneden groente zou de soep meer smaak en karakter geven. In de Amsterdamse vestiging van de Hema op de Nieuwendijk, oogt en smaakt de controlesoep exact hetzelfde. Een mooi staaltje kwaliteitsbeheersing – of is hier prefabricage in het geding? De mevrouw naast me aan de afhaalbalie heeft pontificaal een flesje maggi op haar dienblad staan. Zou ze dat zelf hebben meegenomen of heeft ze het zich preventief toegeëigend van het servicebuffet, wetend wat voor een soep ze in haar kom heeft? Als troost neem ik een vertrouwde Hema tompoes, daar kan niets mis mee zijn. Of toch? De tompoes is ruïneus verrijkt met tweekleurencrème en een feestelijke versiering. Is er nou niets meer gewoon?

Mijn hartenkreet wordt gehoord. Een paar dagen later afficheert de Hema stamppot boerenkool voor € 5,70. In de verhouding tussen kool en aardappel voert de naar mijn smaak iets te lang doorgekookte kool de boventoon. Er zitten veel spekjes bij, een kuiltje jus en naar believen een stuk rookworst of een gehaktbal. ,,Zelf gemaakt?'' vraag ik aan de man in de bediening. ,,Ja'', zegt hij jolig, ,,zelf het pak opengeknipt.'' Dat is tegenwoordig heel gewoon.