Een mond opent zich nooit per ongeluk

Het vertellen van verhalen en mythen, een eeuwenoude traditie in Afrika, is een kunstvorm aan het worden. De conteurs zijn professionals geworden.

De verhalenverteller uit Ivoorkust is de ster van de openingsavond. Zijn timing, zijn mimiek, zijn grappen: het is volwaardig Afrikaans cabaret. Onder een heldere sterrenhemel in avondlijk koel Burkina Faso luistert het publiek geboeid. ,,Observeer hoe een vrouw een kip eet en je kent haar karakter'', zegt taxi conteur. Elk deel heeft een betekenis, van de vleugels tot de poten. Een vrouw die alles eet, is onvoorspelbaar. Een vrouw die helemaal niet van kip houdt, onverzadigbaar. ,,Hiehiehie'', giert een jonge Burkinabé, dubbelgevouwen van plezier. Een Afrikaanse vrouw die geen kip lust? Dat is pas écht lachen.

Het vertellen van verhalen, in Afrika een eeuwenoude traditie, is een kunstvorm aan het worden. Overal in West-Afrika vinden de laatste jaren festivals plaats waar vertellers, conteurs, bezoekers amuseren en adviseren met gezegdes, anekdotes en verhalen die ofwel afkomstig zijn uit het onuitputtelijke reservoir van de plattelandsbevolking ofwel zelf verzonnen zijn. Een van de betere festivals heet Yeleen, een initiatief van Hassane Kouyaté, telg uit Burkina's beroemdste artistieke familie. Het duurt tot net na de jaarwisseling en is aan zijn zevende editie toe. Er komen honderden mensen op af, een mengeling van Franse toeristen en lokale jongeren. Bobo Dioulasso drijft op evenementen als deze. De tweede stad van Burkina Faso is `economisch dood', maar het culturele leven bloeit als nooit tevoren, zegt een plaatselijke medewerker van het ministerie van Cultuur.

Veel verhalenvertellers hebben de orale traditie gekneed tot een soort cabaret dat ook begrijpelijk is voor een Europees publiek. En voor jonge Afrikanen, want door de explosieve groei van de steden en de populariteit van televisie sterven de uren-, soms dagenlange recitals over de jacht langzaam uit. ,,Vroeger vertelde iemand omdat hij er plezier in had, tegenwoordig kun je er geld mee verdienen'', zegt Hawa Berthé uit Mali, een vrouw die in majesteitelijke groene gewaden het podium opgaat en hartverscheurend kan zingen. Berthé stopte met vertellen en zingen nadat ze met haar dochter naar Zwitserland was verhuisd. ,,Bij ons zegt men: als je bij je schoonouders op bezoek gaat, laat je je slechte eigenschappen bij de voordeur achter. Maar als je lang binnen blijft, komen ze van ongeduld op de deur kloppen.'' Ze luisterde naar een radioprogramma voor kinderen toen een jongetje opbelde met de vraag waarom katten een staart hebben. Nou, dat wist Berthé wel. Niet lang daarna kwam ze in het professionele circuit terecht. ,,Contes zijn een spiegel, een boodschap, ze maken contact tussen mensen mogelijk, ze luchten op en ze geven troost.''

Festival Yeleen wordt gehouden in en rondom een cultureel centrum dat Hassane Kouyaté in een achterstandswijk heeft laten bouwen. De hele buurt is ervan op de hoogte, loopt uit, komt kijken. De vrouw die bananen aan de man brengt, verdient het dubbele nu er blanken rondlopen. Ook de batikverkopers doen goede zaken. Maar niet iedereen is tevreden over het aanbod. De voorzitter van Burkina Faso's cultuurweek, Dansa Bitchibali, mist traditionele vertellers die de lokale taal spreken. Gezeten op een bruinfluwelen leunstoel, in een huiskamer waar de zon wordt buitengesloten door een gordijn, steekt de in joggingbroek geklede Bitchibali van wal. Hij praat als een dichter, bijna een uur lang, over het belang van het gesproken woord in Afrika. Het dient om het historisch erfgoed over te brengen, de verzamelde wijsheid van eerdere generaties. Het smeedt de saamhorigheid. Echte vertellers vuren bijvoorbeeld het eerste half uur een aaneenschakeling van gezegdes af. ,,Als wij praten, zit daar altijd een bedoeling achter. Een mond opent zich nooit per ongeluk. Het woord is heilig.''

Allemaal waar, maar de maatschappij verandert en de vertellers veranderen mee, zegt Guy-Alexandre Sounda uit Congo-Brazzaville. Op het podium is hij een grappenmaker in een wit kostuum, in de coulissen praat hij zacht en aarzelend. Sounda schreef toneelstukken voordat hij verteller werd. Hij vindt dat Afrikaanse vertellers een evenwicht tussen traditie en moderniteit moeten vinden. ,,Als ik vertel over het bos met wilde dieren, wil ik dat bos opnieuw uitvinden. De meeste kinderen kennen het bos niet meer: als zij uit het raam kijken, zien ze auto's voorbij rijden.'' In het begin leerde Sounda de verhalen van zijn grootouders uit het hoofd. Nu put hij steeds vaker uit zijn verbeelding. ,,Het erfgoed van mijn voorouders moet niet te makkelijk gebruikt worden. Ik streef naar een africanité die je niet ziet, maar die je voelt.''

De vertellers staan niet alleen in het cultureel centrum, maar komen ook naar de binnenplaatsen waar meerdere families bij elkaar wonen. Dan slentert er ineens een nieuwsgierige oude man langs met de handen op de rug, of hangt een moeder achter de rug van een verteller de was op. Zelfs de kinderen die nauwelijks Frans verstaan, luisteren ademloos toe. Zeker als taxi conteur aan de beurt is met een verhaal over een zoon die de strijd met zijn vader aanbindt. Het is een klassiek thema, dat eindigt met de nederlaag van de zoon, maar aan het einde van de avond lijken deze moderne vertellers, wat het festival betreft, het pleit te hebben gewonnen.