Ook met vervuiling gaat het leven door

Bijna twee jaar na na een zware milieuramp in het noordwesten van Roemenië, nabij de stad Baia Mare, is het gebied nog steeds ernstig vervuild.

Eind januari 2000 brak door hevige regen en smeltwater een dam in een enorm waterbekken waar het mijnbedrijf Aurul SA zijn cyanidewater opsloeg. Het zwaar giftige cyanide, ruim 700 maal de toegestane waarde van 0.1 milligram per liter water, stroomde vervolgens in de rivier de Tisza, die weer uitmondt in de Donau. Minstens 100.000 kubieke liter vervuild water raasde door Roemenië en Hongarije. Vogels en vissen stierven. De ecologische schade werd geraamd op 100 miljoen dollar, de economische schade werd niet berekend. Een schadeclaim van Hongarije tegen de juridische erfgenamen van Aurul SA loopt nog.

De bevolking van het dorp Bozinta Mare, waar de goudmijn ligt, was zonder waterleiding en met slechts twee liter mineraalwater per dag gedwongen uit de vervuilde waterputten te drinken. Tests wezen uit dat de putten cyanide bevatten. Het vee van de dorpelingen graasde in de omgeving van de vervuilde rivier. ,,We kunnen ons vee moeilijk mineraalwater gaan geven'', zei een boer toen.

De goudmijn is inmiddels overgenomen door de Australisch-Roemeense joint venture Transgold. De heuvels boven Baia Mare zijn rijk aan allerlei ertsen, die in de stad worden verwerkt. In het afval ligt goud, dat gewonnen kan worden door cyanide toe te voegen. Het afvalwater wordt vervolgens via een pijpleiding naar twee waterbekkens gebracht en opgeslagen. Milieubewegingen noemen de reservoirs `tijdbommen'.

Ook het leven in Baia Mare gaat gewoon door. De bewoners van het gebied zijn gewend tussen de vervuiling te leven. De rivier Sasar, die dwars door de stad stroomt, is al sinds mensenheugenis `dood' door loodvergiftiging. Zolang er rook uit de fabriek komt, is er werk.