`Iemand moest me tot de orde roepen'

Mark Tuitert (22) staat vandaag na twee jaar van kommer en kwel weer aan de start van het EK allround. Herkansing voor een groot schaatstalent.

Na twee jaar van tegenslagen is Mark Tuitert weer op het punt waar hij in 2001 leek door te breken: bij het Europees kampioenschap allround. Op dit toernooi, dat vandaag in Heerenveen losbarst, begon toen de lijdensweg van het grootste Nederlandse schaatstalent. Het decor was niet de volgepakte tribunes van Thialf, maar de kille, vochtige open baan van Baselga di Piné. De door coach Peter Mueller volledig op scherp gezette Tuitert nam te veel risico's op de schaatsmijl en ging onderuit. Daarmee verspeelde de Twentenaar vrijwel zeker de Europese titel; Tuitert had op de 1.500 meter 1.69 seconden voorsprong op de latere winnaar Dmitry Sjepel.

De val luidde een lange periode van kommer en kwel in. Een heupblessure die de harde boarding van de primitieve ijsbaan veroorzaakte, belette hem dat seizoen nog in actie te komen. Tot overmaat van ramp gingen ook zijn ouders uit elkaar. Mark verhuisde samen met zijn moeder en twee jongere broers van de boerderij aan de rand van Holten naar een klein huurhuis. Dat bracht de nodige stress met zich mee. ,,Ik heb veel vervelende dingen meegemaakt waar ik niet over wil uitweiden'', kijkt hij terug. ,,De leefomstandigheden waren niet ideaal voor een topsporter. Ik sliep met een broer in een stapelbed op een zolderkamertje. Dicht onder het dak, je kon de mussen zien zitten.''

Later heeft hij van zijn salaris bij SpaarSelect samen met zijn moeder een huis gekocht en waren de problemen opgelost. Althans die problemen. Halverwege het vorige seizoen bleek dat hij de ziekte van Pfeiffer onder de leden had. Weg olympisch jaar. Weer ging er een lange periode verloren voor de beoogde kroonprins van het langebaanschaatsen.

De oud-wereldkampioen bij de junioren denkt inmiddels de oorzaken wel te weten. De ziekte van Pfeiffer kreeg hij door overbelasting. In de aanloop naar de Spelen in Salt Lake City joeg zijn coach Peter Mueller hem over de kling – al deed hij er zelf ook graag aan mee. ,,We hadden in augustus, september twee zware trainingskampen met een hoogtestage. Op een gegeven moment merkte ik niet meer dat ik moe was. Ik wilde de anderen in de ploeg laten zien dat ik ze op de hielen zat. Maar ik was lichamelijk uitgeput. Daarna gingen we ook nog twee weken naar Lanzarote. Daar was het warm, niet mijn weer. Ik ben een wintermens.''

Mueller ontfermde zich in deze periode te weinig over zijn jonge talent. ,,Hij was er niet altijd'', bekent Tuitert. ,,Mueller had er moeten zijn om mij af te remmen. De sfeer in de ploeg was al voor het begin van het olympisch seizoen gespannen. Iedereen had een beetje oogkleppen op, liep op de toppen van zijn tenen en was uit op eigen succes. Ook de commotie rondom Marianne Timmer en Peter (die trouwden, red.) deed ons geen goed. Toen we in Nederland terugkwamen, heb ik twee weken keihard doorgetraind, terwijl dat niet had gemogen.'' De lichamelijk kwetsbare schaatser zal al in het voorseizoen tegen de ziekte van Pfeiffer zijn opgelopen.

Koorts, hoofdpijn, pijn in de ledematen, opgezette klieren en vergroting van de milt vormen de symptomen van de virusziekte die veel voorkomt in de schaatssport. Ook Ids Postma, Annamarie Thomas en Chris Witty werden erdoor geveld. De ploeggenoten Jakko Jan Leeuwangh en Tuitert kregen het in dezelfde periode. ,,Dat is geen toeval'', zegt Tuitert met een verwijzing naar het zware programma in het olympische voorseizoen. En vervolgens over de coach die hij twee jaar geleden nog bejubelde om zijn no-nonsense-aanpak: ,,Mueller is met het oog op onze fysieke conditie van toen medeverantwoordelijk. Hij kan ervoor zorgen dat je op het mentale vlak alles uit jezelf haalt. Maar na een bepaalde periode slaat die aanpak door naar de verkeerde kant. Zeker bij iemand zoals ik die eerder afgeremd moet worden dan gepusht.''

Tuitert sprong een gat in de lucht toen bekend werd dat Mueller zou plaatsmaken voor Jac Orie. De jonge coach bracht hem via de weg van de geleidelijkheid weer terug op het juiste pad. ,,Ik kan eigenwijs zijn. Dan moet er iemand zijn die me tot de orde roept. Misschien is het wel goed dat ik soms hard onderuit ga. Dan leer ik m'n lesje. Ik neem nu mee wat ik de afgelopen jaren heb opgestoken. Orie brengt meer structuur aan in de trainingsopbouw. Je werkt bij hem langzaam naar een doel toe. Er wordt nu in onze ploeg meer nagedacht en gecommuniceerd, daar is Orie goed in. In november dachten Gianni en ik: zo hard gaat het nog niet. Vroegen we ons af: is dit wel de goede weg? Ik reed 1.49 op de 1.500 meter, daar waar ik bij Mueller al 1.46 moest klokken. Maar het bleek allemaal in de juiste opbouw te passen.''

De sponsorperikelen bij SpaarSelect leken de rijders aanvankelijk onberoerd te laten. ,,Na het NK afstanden kregen we het er toch moeilijk mee. Je wist dat je contract aan een zijden draadje hing. We waren blij dat er voorlopig een regeling is getroffen.'' Het bericht dat Tuitert bij de mogelijk nieuwe sponsor SBL er in tegenstelling tot zijn ploeggenoten op vooruit gaat, verwijst hij naar het land der fabelen. ,,Daar klopt geen snars van. We moeten allemaal inleveren.'' Met het oog op de Spelen in 2006, zijn grote doel, lijkt Tuitert aantrekkelijk voor elke sponsorploeg. DSB zou interesse in hem hebben. ,,Maar ik ben nooit officieel benaderd. Ik ga ook niet weg bij Orie. Geld is niet het belangrijkste. Ik heb nog nooit zoveel lol gehad in het schaatsen als nu. Ik maak me over de toekomst geen zorgen. Gezien de kijkcijfers en de belangstelling van tv zouden sponsors wel gek zijn om geen geld meer te steken in het schaatsen.''

Gianni Romme is voor Tuitert dit weekeinde de uitgesproken favoriet voor de Europese titel. Dmitry Sjepel en Jevgeny Lalenkov zijn volgens hem gevaarlijke outsiders. En hijzelf? ,,Ik voel me zelfs conditioneel beter dan twee jaar terug. Ik ben rustiger geworden en mentaal sterker. Ik moet bij de start op de sprint nog wat voorzichtig doen door een zwakke lies. Met een plaats in de top drie van het klassement ben ik heel tevreden.''

    • Erik Oudshoorn