Een déjà vu bij Fiat

Over een déjà vu-ervaring gesproken. De Italiaanse premier Silvio Berlusconi heeft zich duidelijk uitgesproken voor een Italiaanse oplossing van de problemen van Fiat Auto, het automobielbedrijf dat onderdeel is van het grootste industriële conglomeraat van Italië. Dat is een tegenslag voor de plannen van het management van Fiat – daartoe aangespoord door de crediteuren – om Fiat Auto reeds in 2004 aan General Motors te verkopen.

Berlusconi heeft geen namen genoemd, maar de voornaamste kandidaat om met een plan te komen voor het in Italiaanse handen houden van Fiat Auto kennen beleggers maar al te goed: Roberto Colaninno. Bovendien vertoont het laatste grote avontuur van deze voormalige magnaat in auto-onderdelen – de overname van Telecom Italia – een treffende overeenkomst met Fiat. De Telecom-saga werd in gang gezet door de hint van de toenmalige Italiaanse premier Massimo D'Alema dat een overname door lokale ondernemers van het vroegere staatsmonopolie hem niet onwelgevallig zou zijn. Binnen een paar weken stak Colaninno zijn hoofd boven de schutting uit en begon hij de eerste overnamestrijd na de geboorte van de euro.

Colaninno – die eind jaren negentig ook de ommekeer bij Olivetti bewerkstelligde – heeft zich gedeisd gehouden na de verkoop van de zeggenschap over Telecom Italia aan Pirelli een jaar geleden. Maar hij is niet stil blijven zitten. Met een paar van zijn getrouwen uit de Telecom-tijd heeft hij onlangs een lege vennootschap op de beurs van Milaan overgenomen, met als motivatie dat die hem hem in de toekomst van pas zou kunnen komen bij het mogelijk maken van `interessante dingen'. Velen zullen zich herinneren dat hij een vroegere vennootschap van Olivetti gebruikte om Telecom over te nemen.

En het is hem ernst als het om Fiat gaat. Colaninno zou een ommekeer voor een deel bekostigen door bij Fiat alles wat geen wielen heeft te verkopen.

Hij en zijn vrienden zouden tot 1 miljard euro van hun eigen geld willen investeren, in ruil voor het recht om het bedrijf te besturen, aldus een ingewijde. Of dit onderdeel zou zijn van een claimemissie en de goedkeuring zou kunnen wegdragen van de familie Agnelli, die 30 procent van Fiat in handen heeft, is onduidelijk. Hoewel een vooraanstaand lid van de familie heeft gezegd dat Colaninno's belangstelling ongewenst is, heeft deze zich daardoor in het verleden niet laten weerhouden.

Het nieuwe jaar begint daarmee al verdacht veel op het oude te lijken.

Onder redactie van Hugo Dixon.

Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com.

Vertaling Menno Grootveld.