Blauwe zones tegen calculerende forens

Het invoeren van betaald parkeren in de ene buurt leidt tot congestie van auto's in de andere buurt. `Blauwe zones' zijn in Amsterdam een welkom alternatief.

Jan Janse kon tot voor kort zijn auto nergens kwijt. Elke stoeprand in zijn buurt stond vol auto's van forensen. Janse is 71 en woont vlakbij de pont in Amsterdam-Noord. Voor ,,een 65-plusser'', zegt Janse, is het knap lastig als je telkens ver van huis moet parkeren. ,,Forensen die in de stad werken moeten veel betalen om daar te parkeren. Dus lieten ze de auto hier, gratis, en namen ze in vier minuten het pontje naar Amsterdam CS. De vouwfiets hadden ze onder de arm.''

Sommige auto's bleven twee weken staan. Reizigers maakten een afweging: 100 euro betalen om de auto op Schiphol te laten, of hier gratis parkeren en met de trein in twintig minuten naar Schiphol.

Het is met parkeren als met drugsoverlast. De lokale overheid kan het op één plek de kop indrukken, maar dan duikt het elders in de stad weer op. Zo wordt elke wijk die grenst aan een gebied waar parkeren geld is gaan kosten, gedwongen ook iets te ondernemen. Invoering van betaald parkeren werkt als een olievlek.

Amsterdam-Noord heeft nu een compromisoplossing gevonden: de blauwe zone. Iedereen mag in de buurt van de ponten gratis staan, maar hooguit anderhalf uur. Met een papieren parkeerschijf laat de automobilist zien hoe laat hij de auto heeft neergezet. De eerste boete kost 40 euro. Bewoners hebben ontheffing, waardoor Jan Janse sinds kort zijn auto weer kwijt kan. Betaald parkeren heeft Noord (nog) nergens.

Niet alleen Noord heeft de blauwe zone ontdekt. In december vroeg de Amsterdamse gemeenteraad om een onderzoek naar de wenselijkheid van meer blauwe zones in plaats van betaald parkeren. Lange tijd was zo'n zone taboe, omdat GroenLinks, PvdA en de Groenen geloofden dat als mensen korte tijd gratis mogen parkeren, ze dan eerder met de auto gaan winkelen in plaats van met de fiets of tram. Twee jaar geleden nog wilde wethouder F. Köhler (GroenLinks) alle overgebleven blauwe zones afschaffen. Die partijen zijn zo gekant tegen files, blik op straat en de gevolgen voor het milieu, dat ze voor elke wijk slechts één (ontmoedigings-)beleid toejuichten: betaald parkeren. Het tarief wordt telkens verhoogd; in het duurste stadsdeel, het centrum, kost een dag- en avondkaart nu 25 euro.

Maar ,,het besef begint door te dringen dat mensen nu eenmaal graag auto rijden'', zegt Eise van der Sluis van MKB Amsterdam. Het autobezit in de stad neemt gestaag toe. ,,Dat kun je beter reguleren dan het op bepaalde plekken onmogelijk maken.'' Behalve voor bewoners zoals Janse is een blauwe zone vooral voor winkeliers een veel beter alternatief dan betaald parkeren, zegt hij. Want wat blijkt? Overal waar betaald parkeren wordt ingevoerd, keldert de omzet van kleine winkeliers. Bewoners en andere klanten nemen niet opeens de fiets of tram naar het winkelcentrum, maar rijden gewoon vérder met de auto naar een winkelcentrum waar ze wel gratis kunnen staan. Juist betaald parkeren, zegt Van der Sluis, bevordert het autogebruik of in elk geval de duur van de ritten. In blauwe zones mag je maar een uur mag staan. ,,Er is altijd plek. Dus klanten blijven komen.''

Grootste slachtoffer van betaald parkeren zijn de winkelcentra in oude wijken, zoals de Linneausstraat en de Javastraat in Oost, het Mercatorplein en de Bos & Lommerweg in West. Van der Sluis: ,,Het centrum redt zich wel, daar komen altijd massa's op af. Maar de oude winkelstraten staan om vele redenen onder druk: onveiligheid, verpaupering, kleine winkels die het niet volhouden. Als klanten ook nog wegblijven omdat ze moeten betalen om er te parkeren, is het einde verhaal. Je kunt praten over sociale cohesie in een wijk, maar als winkels en andere voorzieningen vertrekken, verdwijnen ontmoetingsplaatsen, het fundament voor sociale samenhang.''

De vele kleine winkeliers in de Maasstraat (Rivierenbuurt) zijn gered door de blauwe zone, zegt Joke Bakker, voorzitter van de winkeliersvereniging. ,,De omzet daalde met dertig procent toen ze betaald parkeren invoerden. Vier jaar geleden heeft het stadsdeel, als experiment, een blauwe zone hier ingesteld. De omzet steeg weer. Mensen die níet in de buurt wonen, komen weer winkelen. Daardoor blijft er voor buurtbewoners een goed winkelaanbod.''

Om die reden wil de VVD-gemeenteraadsfractie nu ook dat er blauwe zones worden ingesteld rond sportvoorzieningen. Bijvoorbeeld de Jaap Edenbaan en sportpark Middenmeer, waar amateurs voetballen, hockeyen, fitnessen en schaatsen. Het lokale stadsdeelbestuur wil er betaald parkeren invoeren, om auto's te weren en omdat dat geld oplevert. Robert Flos, raadslid voor de VVD in de centrale gemeenteraad: ,,Dat is de ondergang van zo'n sportcomplex. Mensen moeten er met de auto kunnen komen, al is het maar voor drie uur. Betaald parkeren is eigenlijk de ondergang van het verenigingsleven.''

Behalve de bewoners van Amsterdam die de auto nemen, komen er dagelijks tienduizenden forensen naar de stad en nog eens 46.000 bezoekers om er te winkelen, uit te gaan of musea en theaters te bezoeken. In 1992 voerde de gemeente betaald parkeren in in het centrum om zowel de congestie als het aantal benodigde parkeerplekken te verminderen. Zelfs de VVD, zegt raadslid Robert Flos, geeft toe dat het verkeer in de binnenstad daardoor beter doorstroomt en dat de meeste bezoekers het wel uit hun hoofd laten om er met de auto naartoe te gaan.

Maar andere stadsdelen zitten met de gevolgen. In delen van Watergraafsmeer, waar het net als in Noord parkeren nog gratis is, staan de straten overdag vol glimmende lease-auto's van forensen. Bovendien heeft betaald parkeren een ander neveneffect: alleen mensen met geld kunnen nog altijd overal parkeren. Om die reden, en omdat vooral oude wijken gebukt gaan onder wegkwijnende winkelcentra, heeft de VVD in zijn campagne voor meer blauwe zones een onverwachte bondgenoot: de Socialistische Partij.

    • Frederiek Weeda