`Nederland feitelijk immigratieland'

Tijdens een debat over immigratie gisteren werd de realiteit onder ogen gezien: Nederland is de facto een immigratieland. Maar hoe nu verder?

Nederland is feitelijk gezien al tientallen jaren een immigratieland. Daarover waren de deelnemers aan de conferentie over immigratie De kritische grens het gisteren snel eens. De conferentie werd door NRC Handelsblad in samenwerking met en in De Rode Hoed in Amsterdam gehouden.

Maar is het ook `wenselijk' dat Nederland een immigratieland is? Die vraag stelde publicist Paul Scheffer, die de conferentie opende. Hij hekelde de `zelfverklaarde onmacht' van politici die migratie als een onbeheersbaar en onvermijdelijk proces beschouwen.

Volgens Scheffer is de principiële vraag aan de orde of Europese samenlevingen zich willen ontwikkelen in de richting van klassieke immigratielanden als de Verenigde Staten en Canada. Hij waarschuwde ervoor dat ongecontroleerde immigratie zal leiden tot toenemende ongelijkheid en het ontstaan van een onderklasse. ,,Dat beeld staat haaks op onze cultuur van de verzorgingsstaat, burgerschap en het sociaal contract.''

Tweede-Kamerlid Naima Azough (GroenLinks) stelde dat migratie geen oplossing kan zijn voor arbeidsmarktproblemen, zolang er nog grote problemen bestaan met het aantal WAO'ers, de arbeidsparticipatie van vrouwen en de werkloosheid onder allochtonen. Zij pleitte voor een zakelijke benadering van migratie en een `sluitend Europees beleid.' Ook Kamerlid Kathleen Ferrier (CDA) bepleitte de realistische benadering. ,,Maar we hebben het wel over mensen. We moeten zoeken naar wat mensen bindt. Religie speelt daar een belangrijke rol in.''

Ondernemer en publicist Arie van der Zwan hekelde tijdens de avondsessie juist die overheersende rol van de christelijke moraal in het migratiedebat. ,,Een minder welvarende samenleving kan het zich niet permitteren die christelijke moraal zo hoog op te nemen. Het overheersende kernmerk ervan is bovendien dat je nooit genoeg doet. De morele argumentatie vreet zichzelf op. Je kunt dit soort vraagstukken veel beter praktisch benaderen.''

Van der Zwan ging in debat met Piet Emmer, hoogleraar migratiegeschiedenis aan de Universiteit Leiden, die een pleidooi hield voor `slimme' vormen van immigratie om nijpende tekorten op de arbeidsmarkt op te lossen. Hij noemde het `illusiepolitiek' dat die tekorten op te lossen zijn door de WAO en de bijstand aan te pakken.

Emmer zette ook vraagtekens bij gezinshereniging en gezinsvorming. ,,Het in de eigen groep trouwen is historisch gezien volstrekt nieuw. Als je in een land wilt horen, trouw je buiten je eigen groep.''

Emmer bleek een uitgesproken tegenstander van de acties tegen illegalen die onlangs zijn gehouden in Amsterdam en Den Haag. ,,Illegalen zijn de kruipolie van onze economie. Die moet je niet criminaliseren.'' Het leverde hem de toorn op van Van der Zwan. ,,De overheid kan alleen iets doen als de burger erachter gaat staan. Nu doet de overheid iets en dan begint de burger weer te zeuren.''

Voormalig minister van ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk erkende 's middags dat Nederland al lang een `netto immigratieland' is, maar wilde niet verder gaan dan die ontwikkeling ,,niet onwenselijk'' te noemen. Pronk hield een pleidooi voor het recht van mensen om zich te ontplooien en te proberen elders in de wereld hun lot te verbeteren. Volgens Pronk kan een deel van de migratiedruk worden opgelost door op den duur behalve Turkije ook Noord-Afrikaanse landen als Marokko, Tunesië en Algerije toe te laten treden tot de Europese Unie. Door de welvaart in die landen te vergroten zou de migratie afnemen.

De Duitse hoogleraar migratieonderzoek Klaus Bade hield het publiek een raadsel voor. ,,Nederland en Duitsland werden begin jaren zeventig beide geconfronteerd met het ontstaan van een multiculturele samenleving. Nederland heeft de ene commissie na de andere ingesteld, er is gesproken over het ontstaan van een nieuwe zuil, het poldermodel is erop losgelaten. Duitsland had helemaal geen integratiebeleid. Toch is de werkloosheid onder migranten er minder hoog dan in Nederland. Niemand weet hoe dat precies komt. Dat maakt het ook zo moeilijk om voorspellingen te doen.''