We worden hysterisch in dit land

Sommige Amsterdammers winden zich op over de opwinding die is ontstaan over de vervolging van twee AH-medewerkers. Ondertussen zit het openbaar ministerie in zijn maag met de kwestie.

Slechts een kleine minderheid van de Amsterdamse winkelstraat die sinds gisteren nationale bekendheid geniet, verbaast zich over alle commotie over de vervolging van het AH-personeel. Simone van Tul (33) doet boodschappen bij de Gezondheidswinkel aan de Eerste Van Swindenstraat, tegenover de Albert Heijn-vestiging waar alles om draait. ,,Iedereen wordt hysterisch in dit land'', zegt ze. ,,Je kunt niet het recht in eigen handen nemen. Dan is het einde zoek.'' Ook Marijke Harsveld (45) vindt dat de Albert Heijn-mensen niet naderhand de dief nog hadden mogen ,,meppen''. ,,Maar niemand weet wat er precies is gebeurd dus het is lastig oordelen.'' Wel vindt ze dat een omstander een dief of andere boef ,,tegen de grond mag werken'' als dat nodig is. ,,Als hij daarbij zijn neus breekt, dan heeft hij pech. Dat is het risico van het boef-zijn.''

Het openbaar ministerie dat tot vervolging besloot, zit met de zaak in zijn maag. ,,Ik ben ziek'', zegt de hoogste baas van het openbaar ministerie procureur-generaal

J. de Wijkerslooth door de mobiele telefoon. In bed, geveld door griep, hoorde hij vanochtend via de radio hoe prins Bernhard justitie verwijt ,,schandalig'' te handelen wegens het vervolgen van twee hardhandige supermarktmedewerkers. Hij baalt duidelijk, maar De Wijkerslooth zal zich niet publiekelijk in het actuele veiligheidsdebat mengen. ,,Dat doe ik nóóit'', zegt hij nog. Het is onder zijn bewind juist een nadrukkelijk opgelegd beleid geworden: een magistraat bespreekt zijn zaakjes niet in de publiciteit. En al helemaal niet in een strafzaak die de rechter nog moet behandelen.

Bij het parket in Amsterdam, dat de strafzaak voor de rechter brengt, zijn ze na enig beraad wel bereid te reageren op de konklijke interventie. ,,Ik ben enigszins verbaasd'', zegt de Amsterdamse hoofdofficier van justitie L. de Wit. Het probleem is volgens hem dat met name door het dagblad De Telegraaf ,,vanuit de onderbuik'' over deze kwestie is bericht. ,,En dan krijgen in de reactie de emoties de overhand. Ook bij prins Bernhard kennelijk''.

Volgens de hoofdofficier is er recentelijk sprake van ,,een vergroving in de discussie over normen en waarden''. Het is goed als mensen burgerzin tonen maar ,,er dreigt nu wat al te veel begrip te ontstaan voor mensen die iemand anders behoorlijk te grazen nemen''. Als mensen kritisch zijn over het gebruik van geweld moet dat volgens hem ten aanzien van iedereen gelden: boef en overenthousiaste burgerarrestant. Bij de dief stond na zijn aanhouding ,,het neusschot uit stand''. Hij zit nog vast en moet 14 november voorkomen.

Justitie betreurt het dat deze kwestie openbaar is geworden kort na het incident in Venlo waar vorige week een jongen werd doodgeschopt omdat hij twee brommerrijders tot de orde riep. De beslissing tot vervolging van de twee AH-medewerkers dateert al van 3 september. Een week daarna had De Wit al in een brief aan de voorzitter van het Midden- en Kleinbedrijf in Amsterdam laten weten ,,het op zichzelf goed te vinden'' als burgers optreden tegen dieven en vandalen. ,,Dat verdient alle lof''. Als het maar in redelijkheid gebeurt.

Het probleem blijft evenwel voor justitie dat men niet via de publiciteit een strafzaak wil behandelen. Het gaat nog om verdenkingen. En als justitie te nadrukkelijk via de media de zaken bespreekt, loopt men zelfs het risico dat het openbaar ministerie door de rechter niet-ontvankelijk wordt verklaard. Justitie heeft nog niet besloten of men een celstraf of boete zal eisen tegen de hardhandige winkelbediendes. Als prins Bernhard zoals hij aankondigde een eventuele boete betaalt namens het winkelpersoneel heeft De Wit daar vrede mee. ,,Het gaat er ons om dat er uiteindelijk een bedrag wordt overgemaakt''.