Nationale politiek op jacht in Sioux Falls

Verkiezingen voor zetels in de Amerikaanse Senaat en het Huis van Afgevaardigden zijn vaak een lokale aangelegenheid. Totdat ze bepalen wie het de komende twee jaar in Washington voor het zeggen heeft.

De mist hangt over het modderige parkeerterrein naast de Oostpoort van de vleesfabriek Morell in Sioux Falls. De dagploeg komt via een loopbrug naar buiten en wordt beneden opgewacht door een stralende jonge vrouw. ,,Hi, ik ben Stephanie Herseth. Wie bent u? Ik zou uw steun op prijs stellen.''

De gure industrieheuvels aan de rand van de grootste stad (120.000 inwoners) van South Dakota zijn verplicht jachtgebied voor de Democratische kandidaat voor de enige zetel die deze kleine staat in het Huis van Afgevaardigden mag bezetten. Herseth verspreidt vrolijkheid en folders. Zij moet alle arbeiders, inheems of immigrant, achter zich krijgen wil zij enige kans hebben te winnen van een ervaren vriend van president Bush, de 63-jarige Bill Janklow, die vier maal gouverneur is geweest en ruim twee maal zo oud is als zijn uitdaagster.

Het is maar één van de races die South Dakota bij de Congres-verkiezingen van 5 november hebben gemaakt tot een nationaal slagveld. De strijd om de senaatszetel van de Democraat Tim Johnson is een regelrechte `proxy war', een oorlog op afstand tussen president Bush en de leider van de Democraten in de Senaat, Tom Daschle, de andere senator van South Dakota.

De familie van de overleden senator Wellstone in het naburige Minnesota kon vice-president Cheney weren bij de herdenkingsbijeenkomst gisteravond. Die luxe hebben Daschle en partijgenoten in South Dakota niet. Maandag was Lynne Cheney, de vrouw van de vice-president in Sioux Falls, donderdag komt de president in South Dakota campagne voeren, vrijdag volgt Cheney zelf en het Witte Huis hecht zo veel waarde aan de strijd hier dat Bush zondag waarschijnlijk nogmaals komt.

Bush steunt alle Republikeinse kandidaten, maar in South Dakota vooral de man die hij in april op het Witte Huis uitnodigde om de vrijkomende Senaatszetel te bevechten. John Thune, die drie termijnen van twee jaar in het Huis van Afgevaardigden op zijn naam heeft, was van plan zich voor het gouverneurschap te melden, maar de president beschikte anders. Want de meerderheid in de Senaat is wat het Witte Huis boven alles wil bereiken komende dinsdag. Bush voerde gisteren de temperatuur op toen hij er bij de kiezers op aandrong hem die meerderheid te geven opdat hij zijn kandidaten voor tientallen federale rechtersposten kan benoemen. De Democratische meerderheid in de Senaat heeft tot nu toe de benoemingen van rechters die zij `meer dan gemiddeld conservatief' achtte tegengehouden.

Bush komt openlijker dan bij de presidentsverkiezingen van 2000 uit voor zijn conservatieve agenda. Profiterend van de hoogste waarderingsscore sinds vijftig jaar voor een zittende president halverwege de rit, hult Bush zich niet meer in de mantel van het compassionate conservatism. Nu slaan hij en zijn voor de partijpolitieke strijd gemobiliseerde vice-president en ministers een hardere toon aan. Mevrouw Cheney noemde de Senaat maandag, voor een zaal van bejaarden en zwaar hulp behoevenden in het tehuis van de Goede Samaritaan in westelijk Sioux Falls `disfunctioneel'. Reden: het niet aannemen van een wetsvoorstel dat een ministerie van Homeland Security instelt en tegelijk de rechten van het personeel sterk beknot.

De uitverkoren kandidaat-senator heeft het overigens niet makkelijk. ,,John Thune was vroeger een vrolijke, aardige buurjongen'', zegt David Kranz, die al 34 jaar de politiek volgt voor de plaatselijke krant The Argus Leader. ,,Maar nu is hem de verantwoordelijkheid aan te zien die hij op zijn schouders draagt. Hij moet de Senaat winnen voor de Republikeinen.''

Nadat hij alle aanwezige bewoners van de Goede Samaritaan, voor zo ver mogelijk, een hand heeft gegeven, ontkent Thune bijna mechanisch dat hij in een strijd namens twee bazen verzeild is geraakt: ,,Dat schijnt men te vinden, maar het punt is dat Tim Johnson en ik South Dakota op een volstrekt verschillende manier hebben vertegenwoordigd als het gaat om nationale veiligheid, een ruimteschild, betaling van militairen; hij heeft in '91 tegen de Golfoorlog gestemd.''

Het is de zelfde lijn die (bijna) ex-gouverneur Bill Janklow volgt wanneer hij de Rotary Club van Sioux Falls toespreekt. De meeste leden heten Dick, Tom of Nick, volgens ronde reuzenbuttons op hun jas of trui. Zij leggen tijdens het wegprikken van de Holiday Inn-kip uit dat Janklow een daadkrachtig bestuurder is, die niet gewend is te wachten of ongelijk te krijgen. ,,Hij heeft niet alleen vrienden''.

Nadat de zitting formeel is geopend met een staand uitgevoerd nationaal lied, worden ter opwarming nog enkele coupletten van I've been working on the railway gezongen, vroeger een realiteit in South Dakota, naar men verzekert. Dan begint Janklow een monoloog zonder overgangen die hij aankondigt als een vraag-en-antwoord-sessie. Het gaat over oorlogen en de ergste droogte in honderd jaar die de boeren van South Dakota wurgt. De boodschap: met al die ervaring en connecties die ik heb, waarom kiezen voor een meisje van 31?

De jonge juriste in kwestie loopt iedere avond met haar boerenvader over de tv-schermen van de staat (vijf keer zo groot als Nederland, met 750.000 inwoners). Stephanie Herseth is geboren en getogen in South Dakota en weet als hoogvlieger die twaalf jaar buiten de staat studeerde en werkte dat er veel moet gebeuren om jongeren op of bij het boerenland vast te houden. Zij ontvouwt daartoe een plan in de koffiehoek van Zandbröd, een enigszins hippe boek- en snuisterijenwinkel in het centrum van Sioux Falls. Na afloop bestrijdt zij dat zij te progressief is voor deze als 'nogal behoudend' omschreven staat. Zij wordt financieel geholpen door Emily's List, een nationale actiegroep voor vrouwelijke kandidaten die abortus steunen. Zij noemt zichzelf desondanks niet `liberal'. ,,Ik heb een A-beoordeling van de National Rifle Association, ik ben voor de belastingverlaging van president Bush, al zou ik meer nadruk op lastenverlaging voor werkende gezinnen hebben gewild en ik zou voor oorlog met Irak hebben gestemd.''

De boodschap is duidelijk. Wil Herseth enige kans maken op de enige Huis-zetel van South Dakota, dan moet zij dicht bij de consensus-onderwerpen van haar kiezers blijven. Maar als South Dakota zo behoudend is, hoe kan het dan dat de bekendste South Dakotaan in Washington, Senaatsleider Tom Daschle, bekend staat als een nogal vooruitstrevende Democraat?

William Richardson is hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van South Dakota. Hij legt uit dat de inwoners van South Dakota zichzelf vooral zien als democraten (met een kleine d) die zo min mogelijk te maken willen hebben met de overheid. ,,Maar dat lidmaatschap van de Leave me Alone coalitie brengen we niet in de praktijk als er overstromingen zijn of het gras bruin is van de droogte. Dan willen we graag dat onze Congresleden steun lospeuteren in Washington. En dat heeft Tom Daschle uitzonderlijk goed gedaan. Dan vergeeft men hem wel een paar progressieve standpunten op onderwerpen waar men hier niet zo warm voor loopt.''

Volgens Richardson is er wel degelijk sprake van een `proxy war' tussen de Democratische leiding en de president, die met zijn ongeëvenaarde fondsenwerving en campagnereizen het leiderschap van de Republikeinen nog sterker naar zich heeft toegetrokken dan hij al had. Van beide kanten zijn keiharde negatieve tv-reclames over de kijkers uitgestort. Een poging van Democraten om meer Indianen te laten stemmen, heeft voor een schandaaltje met poststemmen gezorgd waar de Republikeinen veel werk van maken.

Het is een teken dat South Dakota, net als de rest van Amerika, zeer gelijk is verdeeld tussen ideologisch steeds scherper opererende Democraten en Republikeinen. Volgens de laatste peiling van de Argus, die morgen wordt gepubliceerd, heeft de zittende Democratische senator Johnson 2 procent voorsprong op de Republikeinse uitdager Thune, terwijl Janklow, de Republikeinse ex-gouverneur, 5 punten voor is op uitdaagster Herseth. De jacht op de 10 procent `onbeslisten' is heftig. De uitkomst bepaalt mede wie het de komende twee jaar in Washington voor het zeggen heeft.

    • Marc Chavannes