Seks in de bios: Kom hier stopcontact, op je stekker

Het is een verademing als een literair tijdschrift in hoofdzaak literatuur publiceert in plaats van allerlei gebabbel over literaire randverschijnselen. In het najaarsnummer van Tirade, met op de cover de door Guus Middag ontraadselde tekst van Chris van Geel `Ik kan het niet groter', staat vrijwel alleen maar literatuur.

Een prettige verrassing is het verhaal Kans maal verwachting van schrijfster D. Hooyer, die vorig jaar debuteerde met Kruid en kling, een bundel verhalen en stripverhalen. Kans maal verwachting gaat over de knettergekke gokverslaafde vrouw Monica wier kinderen een huwelijksadvertentie voor haar plaatsen. Vier mannen reageren met leugenachtige brieven en met alle vier krijgt ze iets. Ook raakt ze van het gokken af, maar of dat een voordeel is valt te betwijfelen. Monica – zou die naam toeval zijn? – lijkt vooral als ze seks bedrijft sterk op de personages van Monika Sauwer. Hooijers stijl en onderwerpkeuze doen denken aan die van Helga Ruebsamen.

Tussen de avonturen met de vier huwelijkskandidaten door doet Hooyers Monica tot nadenken stemmende uitspraken over gokken. ,,Dat ik gok strookt met ieders verwachting, dat is een vervanging voor seks.'' ,,Mannen zien in de gokkast een vrouw met een gleuf. De gokkende vrouwen hebben het over een spuitende man.'' Aandoenlijk is de seksscène met de `no-booze pillen' slikkende huwelijkskandidaat Ferd 's middags in de bioscoop, zij bij hem op schoot terwijl hij fluistert: ,,Kom hier stopcontact, op je stekker. Jij moet toch weten wat je aanschaft uit de krant ha!''

Van een heel andere orde is het verhaal Verlichting van Stephan Enters over een student die met de afstotelijke vriendin van zijn broer naar een boeddhistische meditatiebijeenkomst in een bedompt rijtjeshuis moet. De geslaagde verhalenbundel Winterhanden, waarmee Enters in 1999 debuteerde, is terecht vergeleken met het vroege werk van Gerard Reve. Ook dit geestig-treurige en sterk in elkaar zittende Tirade-verhaal roept de benauwde sfeer van de jaren vijftig op. De titel Verlichting lijkt dan ook ironisch bedoeld.

Veel ruimte geeft deze Tirade aan poëzie, met gedichten van Martin Reints, Eva Gerlach en – altijd goed – Kees Ouwens. In juni werd in De Balie in Amsterdam een avond gewijd aan Alle gedichten tot dusver van Ouwens en Tirade publiceert de bijdragen van collega-dichters Anneke Brassinga, Elma van Haren en Erik Menkveld. De laatste citeert Gerrit Komrij, die opmerkte dat de criminaliteit in Nederland het best bestreden zou kunnen worden door in elke gevangenis het lezen van Ouwens verplicht te stellen. Menkveld trekt zich hier niets van aan en schreef het gloedvolle gedicht Ode aan Ouwens waarin hij zo min mogelijk eigen woorden gebruikt en vooral zijn geliefde dichter zelf aan het woord laat.

Het prachtigste stuk heeft Tirade voor het laatst bewaard: Het Van Geel Alfabet Zesde supplement van Guus Middag waarin onder de Z van Zeppelinvogel de tekst van Chris van Geel `et niet gro' wordt ontcijferd. Alweer een raadsel opgelost.

Tirade 395 jaargang 46 nr. 3. Uitg. Van Oorschot, €11,30.