Brahms

Johannes Brahms is een grote favoriet van Jaap van Zweden en dus de eerste componist wiens symfonisch oeuvre hij voor Kruidvat compleet vastlegde op drie cd's met het Nederlands Philharmonisch Orkest (1, 3, 4) en het Radio Filharmonisch Orkest (2). Op Philips volgt de complete Beethoven met Van Zwedens eigen Residentie Orkest. De klassieken zijn dus in goede handen bij de vorige generatie van de jeugd van tegenwoordig, dat geeft hoop voor de toekomst van van het symfonieorkest, voor wie daaraan al ooit twijfelde.

Met Brahms' Eerste symfonie als toetssteen, valt in het eerste deel Van Zwedens vlotte tempo op: hij nam het deze zomer in 12 min. 40 sec, terwijl hij daarover bij zijn opname met het Orkest van het Oosten (1996) nog 14.09 deed. Aan de andere kant neemt hij deel twee nu langzamer (12.03 tegen 9.12). Van Zweden zit niet vast aan een interpretatie, hij doet wat hij wil.

Van Zwedens Brahms is een Brahms zonder historische beladenheid, zonder slepende zwaarwichtigheid, maar licht, onstuimig, vooruitsnellend, ontdaan van 19de-eeuwse halfduistere stoffigheid. Deze Brahms is niet retro en ouderwets, zoals de muziekhistorie de op Beethoven teruggrijpende Brahms afzet tegen de avantgardisten Wagner en Bruckner.

Brahms is hier jong, vitaal, flitsend, overrompelend en enthousiasmerend. Dat Brahms twintig jaar zwoegde op deze symfonie is niet te horen. Juist die quasi-onbezonnenheid vergt de ervaring van Jaap van Zweden, die als concertmeester van het Concertgebouworkest jaren lang van de beroemdste dirigenten een masterclass kreeg in dirigeren.

Brahms: vier symfonieën, elf koraalvoorspelen: Brilliant Classics 99946 (3 cd, Kruidvat)

    • Kasper Jansen