Zelfspot van carrièrevrouwen

Kun je tegelijkertijd een goede carrièrevrouw, een goede moeder èn een goede minnares zijn? Over die worsteling schrijven steeds meer vrouwen hilarische boeken. Deze `chick lit' wordt gretig gelezen door vrouwen. Daniela Hooghiemstra legt uit waarom.

Vraag een man eens of hij moeite heeft met de verschillende `rollen' die hij in het leven moet spelen (carrièremaker, vader, minnaar) en je zult stuiten op volledig onbegrip. Mannen spelen geen rollen. Mannen zijn, take them or leave them. Vrouwen daarentegen zijn de vragen die zij stellen over zichzelf. Om de vraag hoe ze moeten leven, draait hun leven. Het begint al bij het opstaan. Doe ik mijn mantelpakje aan à la Jackie Onassis of worden het mijn cowboylaarzen à la Madonna?

De vrouwelijke zelfreflectie is niet vrijblijvend: in het keuren van het resultaat zijn ze voor zichzelf (en elkaar) meedogenloos. Als pinda's uit de bekende reclame van Duyvis wachten ze altijd maar op dat oordeel: oké of niet oké? Zijn wij aantrekkelijk? Zijn wij goede moeders? Blinken wij uit op ons werk? Voldoen wij als echtgenotes?

Het vrouwelijke ongemak heeft niet alleen zijn oorzaak in de huidige moeizame combinatie van werk en zorg. In de jaren vijftig – toen getrouwde vrouwen nog nauwelijks buitenshuis werkten waren er ook al hordes huisvrouwen die zich gefrustreerd voelden omdat zij niet konden voldoen aan het beeld van het ideale huismoederschap dat via Moulinex-reclames hun keukens binnenkwam. Later inspireerde het mooie plaatje van de yuppievrouw met aktetas weer tot jaloezie en zelfhaat. De Britse psychologe Anne Dickson schrijft in haar laatste boek, Vrouwen en Werk, dat jaren van emancipatiestrijd maar bitter weinig hebben opgeleverd: seks en shopping (beide gerelateerd aan wat anderen van je vinden) zijn nog steeds de voornaamste vrouwelijke zorg. De Viva beloofde decennia geleden al dat het ,,fijn is om jezelf te zijn''. Maar hoe moet dat dan? Onafhankelijk en alleen zijn? Of ondersteunend en getrouwd? Hoer of moeder? Sexy of sportief? Dik of dun? Met of zonder okselhaar? Dit permanente zelfonderzoek heeft tot dusver weinig opgeleverd. In ieder geval geen antwoorden. Wel: gezeur aan het hoofd van mannen (`Zeg nu eens dat je waardeert wat ik doe!') en ziekmelding op het werk (`Wat ik doe, is nooit goed genoeg!').

Maar er is een lichtpuntje: uit de vrouwelijke zoektocht naar zelfverwerkelijking komen boeken voort: chick literature noemen ze de trend in Engeland. Boeken van vrouwen over vrouwen die zoeken naar wie ze zijn, wat ze willen en wat ze kunnen. Het dagboek van Bridget Jones, over de twijfelende dertiger die worstelt met haar bestaan als `single' en een aandoenlijk gevecht voert om te voldoen aan haar idealen uit Calvin Klein reclames (`will improve career and find job with potential', `will reduce circumference of thighs by 3 inches') was het eerste grote succes in de reeks. Het boek (en later de film) deed miljoenen vrouwen tevreden en geamuseerd onderuit zakken: zie haar eens onvolmaakt wezen!

Een ander geliefd thema in de chick literature is het moederschap. Dat herbergt immers een mer à boire aan ideaaltypes. In Nederland deed de `ontaarde moeder' het uitstekend in De Gelukkige Huisvrouw van Heleen van Royen. De hoofdpersoon bekijkt in dit boek tijdens haar bevalling een pornofilm en stopt haar kind tijdens een psychose in een doos op zolder. Zo erg ben ik toch niet, denk je als (vrouwelijke) lezer. En je verkneukelt je om het feit dat de hoofdpersoon wel zo erg is. De aantrekkingskracht van het afgelopen voorjaar verschenen The Nanny Diaries, geschreven door de twee Amerikaanse ex-nanny's Nicola Kraus en Emma McLaughlin, schuilt in hetzelfde principe. Het boek doet je huiveren over een verwende, rijke New-Yorkse vrouw die geen aandacht aan haar kind kan besteden omdat ze de hele dag bezig is met het lakken van haar nagels, het uitkiezen van tafelkleedjes en het uitfoeteren van haar nanny. Ha!

Het schuldgevoel over je eigen egoisme is in één klap weg. Het is duidelijk: de chick literature drijft op de behoefte van vrouwen om zich te spiegelen aan hoe andere vrouwen hun `rollen' spelen (oké of niet oké?). Anders dan klassiekers als Madame Bovary van Gustave Flaubert – ook over het tragische lot van een vrouw – wordt de chick literature door mannen nauwelijks gelezen. De behoefte van de schrijfsters van chick literature aan antwoorden op hun eigen vragen staat de universele waarde ervan waarschijnlijk in de weg.

Maar voor vrouwen met vragen is het genre vermakelijk genoeg. Het meest recente in de reeks is Hoe krijgt ze het voor elkaar van de Britse Daily Telegraph-columniste Allison Pearson. Ook weer een grote hit en klaar om verfilmd te worden met Julia Roberts in de hoofdrol. Het schetst de dilemma's van Kate Reddy, precies het soort zich afvragende vrouw waar de chick literature zijn bestaan aan dankt. Als succesvol fondsmanager bij een bank in de Londense City probeert ze een man tevreden te houden en twee kinderen op te voeden, terwijl ze zich ondertussen permanent afvraagt hoe ze dat moet doen en wie ze moet zijn. Echtgenote? Oh Help! Ze heeft nooit tijd voor haar man Richard en wordt verliefd op een klant in New York. Moeder? Oh Help! Als ze haar zieke zoontje naar de dokter brengt, weet ze niet sinds wanneer hij koorts heeft (dat weet alleen de oppas), en hoeveel hij weegt. Carrièrevrouw? Oh Help! Ze spijbelt van haar werk om de kerstzang van haar dochter bij te wonen. Uiteindelijk neemt ze ontslag.

Het boek lijkt in veel opzichten op Het Dagboek van Bridget Jones. In stijl (lijstjes met voornemens, weergave van e-mails en hier en daar telegramtaal), maar ook in de boodschap: de vrouw vindt haar bestemming in onvolmaaktheid. Kate Reddy doet huiveren noch benijden. Ze wekt sympathie, maar je zou geen monument voor haar oprichten. Het boek is noch een pleidooi voor fulltime moederschap, noch voor carrière. Net als Bridget Jones toont Kate Reddy dat eigenlijk alles in haar leven imperfect is. Haar werk is interessant, maar veel te stressvol. Haar kinderen zijn lief, maar ook vaak irritant. Haar huwelijk is niet ideaal, maar wel onmisbaar. De boodschap van Hoe krijgt ze het voor elkaar is dat vrouwen niet moeten proberen om Moeder, Echtgenote of Carrièrevrouw te zijn, maar Zichzelf. Op zich een goede wenk, lijkt me. Maar voor chick literature als Hoe krijgt ze het voor elkaar is het ook een beetje een valse boodschap, die doet denken aan de priester die zijn trouwe kerkgangers vertelt dat ze God moeten zoeken in zichzelf. Wordt het boek niet juist verkocht dankzij het bestaan van al die zoekende vrouwen die aan hun blote zelf niet genoeg hebben? Als er uit 100 jaar emancipatiegeschiedenis één conclusie kan worden getrokken, dan is het wel dat vrouwen dàt nu juist niet kunnen, zichzelf zijn.

    • Daniela Hooghiemstra