Bomhoff: premier klaagde ook over topambtenaar

Premier Balkenende heeft zelf, ruim voor de beëdiging van zijn kabinet, binnenskamers aangekaart dat er ,,een probleem'' was met topambtenaar Van Lieshout van Volksgezondheid. Dat zegt voormalig vice-premier en minister Eduard Bomhoff (Volksgezondheid) in een vraaggesprek met deze krant.

Vlak na de beëdiging van het kabinet leidde Bomhoffs plan Van Lieshout uit zijn functie te zetten tot zware kritiek van de oppositie en regeringspartij VVD. In het debat over de regeringsverklaring in juli speelde de zaak een hoofdrol. Balkenende hield zich toen op de vlakte.

Bomhoff zegt nu echter dat Balkenende in ,,een geheim overleg'', twee weken voor de beëdiging van zijn kabinet, zelf is begonnen over het functioneren van de topambtenaar. ,,Balkenende vertelde dat er een probleem met meneer Van Lieshout was. Die had – ik wist dat niet eens – gezegd dat het strategisch akkoord slecht was voor de volksgezondheid. Jan Peter vond dat vervelend.''

Bomhoff zegt dat hij daarop heeft aangekondigd Van Lieshout over te plaatsen, ook omdat hij zelf niet met de ambtenaar wilde werken. Balkenende maakte geen bezwaar, aldus Bomhoff. ,,De week erna heeft hij me twee keer gebeld over Van Lieshout. Opnieuw heb ik de overplaatsing aangesneden. Hij zei alleen: laat mij er verder buiten. Dat spreekt vanzelf, Jan Peter, heb ik gezegd. Dat zal ik zeker doen.''

Balkenende ,,sluit niet uit'' dat hij zijn reserves over Van Lieshout in het geheime gesprek aan Bomhoff heeft gemeld, zo heeft zijn woordvoerder meegedeeld. Maar hij heeft Bomhoff ,,afgeraden'' Van Lieshout over te plaatsen, aldus de woordvoerder van de premier. Volgens Bomhoff hadden partijgenoten in het kabinet geregeld kritiek op Balkenende. Zo was De Geus (Sociale Zaken, CDA) niet te spreken over het concept van de troonrede. ,,Die zei: Jan Peter, dat moet je overdoen, dat kan veel beter.''

Ook vonden CDA-bewindslieden dat Balkenende in het begin te zeer ,,leunde op Donner''. Hierover is ,,intern in het CDA geklaagd''. Daarna werd het veel minder.

Volgens Bomhoff was minister Herman Heinsbroek (Economische Zaken), die deze week de oprichting van een nieuwe partij aankondigde, zijn gezag in het kabinet al na korte tijd kwijt. Hij ,,ging voortdurend af'' omdat hij onvoorbereid op vergaderingen kwam en ,,niet [wist] wat op zijn terrein speelde'', aldus Bomhoff.

Zaterdags Bijvoegsel: pagina 25