Agulo - La Palmita - Agulo

Joyce Roodnat wandelt door Nederland en de rest van de wereld. Deze week op het Canarisch eiland La Gomera.

De kleine bruine vogels met gele biesjes in de takken en de struiken op het Canarisch eiland La Gomera zijn Europese kanaries. Tenminste, dat zegt het vogelboekje. Kanaries danken hun naam aan de Canarische eilanden. Niet andersom. Dat die eilanden Canarisch gingen heten, is geïnspireerd door de gladharige hondjes (canis, vandaar) die hier blijkbaar vroeger ook al de boel domineerden op hun dunne trippelpoten.

Overheerst op Tenerife en La Palma de badgast, La Gomera is het `honden-eiland' waar alleen de wandelaar iets te zoeken heeft. Wie niet woont maar logeert op La Gomera banjert er op grote schoenen over smalle berg-, vallei- en bospaden en vindt dat leuk. Soms wandelt er zo'n hondje mee. Dat krijgt te drinken uit de waterfles, dat deelt mee in de broodjes en de worst en de koekjes voor tussen de middag, dat wordt gekoesterd en toegekoerd. Het is vrolijk, lieftallig en het gedraagt zich als een unieke vriend. En dan komt er een boswachter die zegt: ,,Ha, daar is hij weer. Die zie ik hier altijd met toeristen.''

We moeten even slikken. Hij voelde als familie. Dochter had net een naam voor hem verzonnen. Maar niet getreurd. We lopen in een uitgestrekt bos dat stamt uit het Tertiair (wanneer dat was kan ik nooit onthouden, maar toen dit bos begon bestonden er nog geen mensen). We ruiken vocht, zien enorme varens, zwammen als vliegende schotels, spinnenwebben in kubus-constructie en metershoge laurierbomen met bladeren van opgepoetst groen leer. We wanen ons in Jurassic Park en bij gebrek aan een dinosaurus maken we nog een foto van het hondje.

De honden laten verstek gaan bij de tocht die voert tegen de steile rode rotswand op achter het plaatsje Agulo. Honden wandelen voor hun lol, wij ook, maar wij willen meer. Een klein uur lang klauteren we langs het zigzagspoor naar de bergrug. Komt hij eigenlijk wel dichterbij? Wandelen, je hoort het vaak, dat geeft ruimte in het hoofd voor mooie gedachten. Maar nu even niet. De spieren in mijn kuiten schreeuwen dat het mooi geweest is en mijn gedachten draaien rondjes om één vraag: waarom doe ik dit eigenlijk? Ik houd stil, breng mijn adem op orde, wapper met mijn bloes voor wat koelte en kijk om.

De Atlantische Oceaan glanst als een fluwelen lap onder een hemel met roze-gerande barokwolkjes waarachter naar ik vermoed cherubijntjes met vetrolletjes fladderen. Agulo is een handje witte blokjes. De hellingen van de bergen eromheen zijn kaal en de toppen juist groen, dankzij de veelvuldige nevel. Ik kom boven. Dochter is er allang. Ze heeft een `zilveren slangetje' gezien, een muis en ze informeert of er op La Gomera `kameleonnen' zijn.

We dalen af langs een uren lang slingerend pad en vergapen ons aan de honderden dadelpalmen met hun zware bundels beige vruchten. Nu en dan passeren we een bananenplantage. Tussen de enorme bladeren waakt per groene tros één gifpaarse bloem over de bananen op dwergformaat.

Route (550 m stijgen en 550 m dalen, plusminus 5 uur gaans) behorend tot een wandelvakantie van `Stapreizen'. Inl. tel. 0302302503. www.stapreizen.nl