`Vrouw verdient 15 pct minder dan man'

Het uurloon van werkende vrouwen in Nederland ligt bijna 15 procent lager dan dat van hun mannelijke collega's. Werknemers die oorspronkelijk afkomstig zijn uit Suriname, de Antillen, Turkije, Marokko en Oost-Europa verdienen 3 tot 15 procent minder dan autochtone werknemers.

Dit blijkt uit een onderzoek van het Amsterdams Instituut voor Arbeidsstudies (AIAS) naar loonverschillen tussen mannen en vrouwen, en tussen mensen uit West-Europa, waaronder Nederland, en mensen uit verder gelegen regio's. Het onderzoek, gefinancierd door het ministerie van Sociale Zaken, is gebaseerd op een enquête onder 18.000 werknemers.

Alle mannen verdienen in Nederland gemiddeld 15,74 euro per uur tegen 13,42 euro voor de vrouwen een verschil van 14,7 procent. Onder autochtone Nederlanders en West-Europese immigranten zijn deze loonverschillen tussen mannen en vrouwen zelfs respectievelijk 15,3 procent en 17,5 procent. AIAS schrijft dat toe aan de grote promotiekansen, die Nederlandse mannen en hun elders uit West-Europa afkomstige collega's hebben. Mannen uit Suriname, de Antillen, Turkije, Marokko en Oost-Europa hebben niet zo'n voorsprong op de vrouwen uit deze regio's.

Nederlandse mannen en vrouwen verdienen samen gemiddeld 14,78 euro. Dat is 3 procent meer dan werknemers uit het Caraïbisch gebied (Suriname en de Antillen) en 15 procent meer dan werknemers uit Turkije, Marokko en Oost-Europa. Bij de mannen zijn de verschillen groter. Zo verdienen de Nederlandse mannen 15,76 euro, 7,5 procent meer dan mannen uit de Cariben en 19,5 procent meer dan mannen uit Turkije, Marokko en Oost-Europa. Deze achterstand is volgens AIAS deels te verklaren uit verschillen in leeftijd, werkervaring en opleiding, maar is voor een deel ook onverklaarbaar.

Niet alleen hebben allochtonen een lager uurloon dan autochtonen, ook hun verdere arbeidsmarktpositie is slechter. Het lukt allochtonen minder vaak dan autochtonen om een nieuwe baan te vinden en zij hebben veel vaker een tijdelijk arbeidscontract. Zo heeft bijna negen van de tien Nederlandse mannen een vast contract, tegen zes van de tien vrouwen uit Turkije, Marokko of Oost-Europa. ,,Dit duidt erop dat werkgevers terughoudend zijn met het aanbieden van een vast contract aan leden van deze etnische groepen'', schrijft de onderzoeker van AIAS. ,,Zij kiezen ervoor om eerst een proefperiode aan te bieden.''

Loonverschillen: pagina 12