EU-referendum is nog steeds mogelijk

Een burgerinitiatief kan nog steeds een referendum afdwingen over uitbreiding van de Europese Unie. Op de valreep, voordat de tijdelijke referendumwet wordt afgeschaft.

Op de site van de Tweede Kamer staat de oproep nog steeds. `De tijdelijke Referendumwet biedt kiesgerechtigden de mogelijkheid om op landelijk, provinciaal en gemeentelijk niveau een referendum te organiseren'. Een zogenoemd raadgevend referendum vanuit de bevolking vergt volgens de tijdelijke referendumwet 40.000 handtekeningen. Daarna moeten 600.000 adhesiebetuigingen worden ingediend. De initiatiefnemers halen hun gelijk als ze vervolgens eenderde van de opkomst van de daaraan vooraf gegane landelijke verkiezingen aan zich weten te binden. Met als mogelijke consequentie dat een overheidsorgaan zijn beslissing moet heroverwegen.

Deze tekst moet tegen het zere been van de huidige regeringscoalitie zijn. Die beijvert zich sinds het `strategisch akkoord' juist om dat referendum af te schaffen. Uitbreiding van de Europese Unie is zo'n potentieel referendumonderwerp. Want in de tijdelijke wet zijn alleen begrotingsstukken en besluitvorming aangaande het Koningshuis uitgezonderd.

Het huidige kabinet kwam ten val vlak voordat het intrekkingbesluit om referenduminitiatieven ongedaan te maken in de Tweede Kamer behandeld kon worden. De kans is klein dat het parlement die intrekkingswet nog behandelt.

Woensdag tekende zich aanvankelijk een krappe meerderheid af in de Tweede Kamer voor een referendum over die EU-uitbreiding, maar uiteindelijk werd een motie van D66-fractieleider De Graaf niet meer in stemming gebracht. Het zou moeten gaan om een vrijblijvend, want raadplegend referendum, voorafgaand aan definitieve besluitvorming. Voormalig staatssecretaris, D. Benschop toonde zich daar in 2000 al voorstander van. Toenmalig premier Kok niet. Die verwees naar de ,,weinig bemoedigende ervaringen met referenda over Europese zaken'' in Frankrijk en Denemarken.

Voormalig D66-minister Van Mierlo was tegen en is dat nu nog. In tegenstelling tot zijn eigen partij, die zich gisteren in het debat voorstander betoonde. ,,Politici horen alleen voor referenda te zijn als de kiezer dat wil'', is zijn reactie op het Kamerdebat. De Jonge Democraten van D66 verklaarden gisteren dat er hoe dan ook een referendum moet komen over de uitbreiding van de EU. Ze zijn bereid daartoe zelf de benodigde handtekeningen te verzamelen.

De tijdelijke Referendumwet heet in Haags jargon ook wel een van de `kroonjuwelen van D66'. Het was de bonus waarmee premier Kok in 1998 D66 Paars II wist binnen te halen. Na de `nacht van Wiegel', waarbij die referendumwet in de Tweede Kamer sneuvelde, zorgde de tijdelijke Referendumwet voor een doorstart van het tweede kabinet-Kok. Procedures voor een Grondwetsherziening werden toen in gang gezet, maar liggen sinds afgelopen zomer stil na het aantreden van het kabinet-Balkenende. Dat zou zorgen voor goede en heldere wetgeving die referenda overbodig zou maken.

Vorige maand zei minister Remkes van Binnenlandse Zaken tegen de Kamer dat een (wettelijk verplichte) tweede ronde voor herziening van de Grondwet slechts een formaliteit betrof. Want tegelijkertijd had het kabinet een wetsvoorstel voor intrekking van die tijdelijke Referendumwet ingediend bij de Raad van State. En om te voorkomen dat over die intrekkingswet een referendum zou worden georganiseerd is er een procedure gestart om dat besluit niet referendabel te verklaren. De val van het kabinet heeft voorlopig voorkomen dat de tijdelijke Referendumwet een vroege dood sterft. Tot aan de verkiezingen heeft zij dan ook geldingskracht.

    • Jos Verlaan