Computer in de klas

The Economist

Eerst was het de film, toen de radio en toen de televisie. Eens werden ze allemaal gezien als magische technologie die het onderwijs aan kinderen een nieuwe vorm zou geven. Nu is het de computer. Overal maken politici zich sterk voor computers ter vervanging van het saaie oude schoolbord, en soms ook nog van een paar saaie oude leraren, door hun productiviteit te verbeteren. [...] Miljarden zijn er ingestoken om de klassen vol te stoppen met terminals en toetsenborden. [...]

Een stapel studies laat de uitwerking van deze wonderapparaten op de scholen zien. [...] Maar vrijwel geen enkele studie vergelijkt klassen waarin kinderen wel en geen les met behulp van computers krijgen – en nooit worden kinderen aselect in verschillende lesgroepen geplaatst. [...] Die miljarden zijn dus op het gevoel uitgegeven. De installatie van computers leek een aantal mensen een goede manier om kinderen ermee te leren omgaan en hen zo toe te rusten voor de 21ste eeuw. En, zoals elke ouder weet, begrijpt de gemiddelde tienjarige veel meer van computers (én van internet) dan de typische raketgeleerde. Nog veel meer mensen dachten dat leraren computers een nuttig hulpmiddel zouden vinden voor het onderwijs in andere vakken, zoals wiskunde of talen. Maar een nieuwe studie, op basis van Israëlisch materiaal, [...] wekt sterk de indruk dat de verwachtingen van computers in de klas even onjuist zijn als die van films, radio en televisie. Erger nog, ze registreert signalen dat computers misschien zelfs het leren wel belemmeren: kinderen die wiskunde krijgen met behulp van computers lijken het slechter te doen dan vergelijkbare kinderen die les krijgen zonder.

Zou de verklaring kunnen liggen in een technofobie bij leraren of leerlingen? Onwaarschijnlijk, meent Larry Cuban van de Stanford-universiteit, die al jarenlang studie maakt van computers en onderwijs. Vrijwel alle leraren en leerlingen hebben nu zeker één computer thuis. Bovendien mogen leraren en kinderen de computer in de klas dan zelden gebruiken – of doelmatig gebruiken – beide groepen maken thuis heel veel gebruik van computers voor hun schoolwerk. En dat is ook niet zo'n verrassing. Computers kunnen in de klas heel storend zijn. Ze verhogen zelden de leergierige sfeer waarin kinderen het meeste opsteken. De nieuwe algemene opvatting is dat vooral jonge kinderen het beste leren als ze de leraar aankijken. Maar computers moedigen kinderen aan om zich op te splitsen in luidruchtige groepjes. En een van de opgeklopte voordelen van het leren met computers, dat kinderen hun eigen tempo kunnen volgen, is tot dusver onjuist gebleken: de onderwijssoftware is veel eenvormiger dan een goede leraar, die geschoold is om de les toe te snijden op de uiteenlopende vaardigheden in een klas.

[...] Het paradoxale is dan ook dat de educatieve doelmatigheid van computers twijfelachtig is, terwijl er goede aanwijzingen zijn dat twee andere manieren om geld aan scholen te besteden duidelijke voordelen opleveren. De ene is om de klassen te verkleinen; de andere om de opleiding van leraren te verbeteren. Maar ja, welke politicus wil zo'n ouderwets antwoord?

Zijn computers in de klas een goede of een slechte zaak? Discussieer mee op www.nrc.nl/discussie