Ook zonder claims bungelt ABB

ABB, eens de meest bewonderde onderneming van Europa, wankelt. Asbestclaims bedreigen haar voortbestaan. Toch is er meer aan de hand. `In de kern zijn wij goed'. Maar de vooruitzichten zijn helemaal niet zo gunstig.

Hij verwachtte voor dit jaar een gezonde winst. Dat was in februari, op een persconferentie in Zürich. ABB-topman Jörgen Centerman had net omstandig uitgelegd waarom het technologieconcern een verlies van bijna 1 miljard dollar in het laatste kwartaal had gemaakt. Asbestclaims. Maar dit jaar zou alles beter worden. Zes maanden later wordt hij aan de kant gezet.

September 2002. Jürgen Dormann treedt aan, de vierde topman in vijf jaar. Dormann zegt dat het concern in wezen gezond is. Hij is bij het Zwitsers-Zweedse concern dan al bijna een jaar president-commissaris. Hij zal ABB dus wel kennen. Deze week komt hij plotseling vertellen dat het met de asbestclaims uit de hand loopt. Hij durft niet meer te voorspellen hoe groot de schade voor ABB zal worden. ABB overweegt faillisement aan te vragen voor de dochteronderneming waartegen de asbestclaims lopen, om te voorkomen dat de rest van het concern niet wordt meegesleept. Een scenario waarvan de goede afloop niet vaststaat. De koers van ABB keldert.

Wanneer hij bovendien zegt dat hij de cijfers van zijn eigen managers niet vertrouwt (`Ik weet niet wat wishful thinking is en wat werkelijkheid'), zeggen de beleggers het vertrouwen in hem op. De koers stort een dag later verder in.

Sinds die persconferentie in februari is het met ABB niet meer goed gekomen. Er was de rel om Percy Barnevick, die het concern groot had gemaakt, en diens opvolger Göran Lindahl, die toen al aan de kant was gezet. Beiden hadden zichzelf getrakteerd op vorstelijke pensioenen, zonder het ABB te vertellen. Toen het uitkwam, viel de tot op de Harvard Business School gevierde Barnevick van zijn voetstuk.

En er waren de halfjaarcijfers in juli, die bewezen dat het met ABB inderdaad niet goed ging. Omzet, orders en winst daalden – terwijl concurrenten als Siemens en General Electric fraaie resultaten meldden. En de schuld slonk niet, zoals beloofd, maar werd almaar groter. Ook zonder de asbestclaims, ook zonder Barnevick, was het concern in wezen niet gezond.

En tenslotte is er Martin Ebner, grootaandeelhouder van ABB, die zich twee weken geleden plotseling terugtrok uit de raad van commissarissen. Dormann, de huidige topman van ABB, staat bekend als de protégé van Ebner. En Ebner staat bekend als iemand die van de oprichter van ABB, Barnevick, een minder hoge dunk heeft dan de Harvard-professoren die hun studenten over het succes van ABB onderwijzen. De asbest-affaire is tenslotte de erfenis van Barnevick. Zo is door Ebners toedoen Barnevick uit de beleggingsgroep van de Zweedse familie Wallenberg gezet, met het pensioenschandaal als aanleiding. De familie is eveneens grootaandeelhouder en commissaris bij ABB en deelt er samen met Ebner de lakens uit.

Bankier Ebner, gevierd als het financiële genie van Zwitserland, zit tegenwoordig zelf in financiële moeilijkheden. Is Ebner soms met slaande deuren vertrokken? Wilde hij ABB soms opsplitsen? Samenvoegen en splitsen, op het juiste moment, en anderen overtroeven, daarmee is Ebner rijk geworden. Zou Ebner soms zijn aandelenpakket ABB op de markt hebben gedumpt om voor zichzelf nog te redden wat er te redden was? Hij is om `persoonlijke redenen' weggegaan, meldde twee weken geleden ABB. Ebner zwijgt intussen.

En Dormann? Die prijst ABB. Tegen de Zwitserse krant Finanz und Wirtschaft zei hij gisteren: In onze kernactiviteit zijn wij goed. Zou het? In de eerste negen maanden van dit jaar maakte van de vijf divisies er maar één winst – brutowinst – zo meldde ABB vandaag, en sloeg de totale nettowinst om in verlies. De schuldenberg is weer groter geworden. En weer belooft ABB dat die zal slinken. Maar in het jongste, derde kwartaal maakten drie van de vijf divisies brutowinst, zo klonk Dormann vandaag optimistisch.

    • Paul Friese