Maxim Vengerov

Een uitvoering van Bachs Sonates en partita's voor viool solo door de Hongaarse meesterviolist Joseph Szigeti, inspireerde de Belgische vioolvirtuoos Eugène Ysaye in 1924 tot het schrijven van zijn Zes sonates voor viool solo. Later zou violist David Oistrach de `diepe en waarachtige inspiratie en originaliteit' van Ysaye's vioolsonates roemen. De geest van Bach waart er in rond, en tegelijkertijd openen ze technisch nieuwe horizonten, zodat Ysaye de geschiedenis in ging als de grootste vernieuwer van het vioolspel na Paganini.

Er zijn prachtige opnames van gemaakt, bij voorbeeld door Frank Peter Zimmermann en Oscar Shumsky, de bejaarde Russisch-Amerikaanse violist voor fijnproevers. Maar ook nu weer overtreft Maxim Vengerov (1974) met zijn sublieme cd-opname van Ysaye al zijn grote voorgangers. Zijn bezielde vioolspel is zó intens, zó puur en zó sprankelend, dat de sonates van Ysaye magische vleugels krijgen, het aardse getob mijlenver achter zich laten en de luisteraar meevoeren naar hemelse regionen. Ook in de Echo Sonata van Shchedrin ontrafelt Vengerov de complexiteit van het notenmateriaal tot een fascinerende eenvoud en klankschoonheid. Zijn vertolking van Bachs Toccata en Fuga BWV 565, door Bruce Fox-Lefriche bewerkt tot een Sonata voor viool solo, doet in zijn serene zeggingskracht niet onder voor de beste orgeluitvoeringen. Bij wijze van cd-toegift maakt Vengerov live zijn publiek ook nog even aan het lachen met een uit louter pizzicato's opgebouwde Balalaika van Shchedrin, waarbij zijn `Kreutzer' Stradivarius uit 1727 dienst doet als virtuoos bespeeld tokkelinstrument.

EMI Classics 7243 5 57384 2 4. Inl: www.emiclassics.com

    • Wenneke Savenije