Jullie voeren het EU-debat te laat

Oost-Europese diplomaten bezochten gisteren het parlementaire debat over de uitbreiding van de Europese Unie. Vrolijk werden ze er niet van.

Ze helpen elkaar een handje, de Slowaakse en de Letse ambassadeur. Ze zitten zij aan zij op de publieke tribune van de Tweede Kamer, tijdens het debat over de uitbreiding van de Europese Unie. Het Nederlands van de ambassadeurs is nog niet zo goed dat ze het debat woord voor woord kunnen volgen. En dus leggen ze elkaar af en toe uit wat er wordt gezegd en over welk land het gaat.

Het Oost-Europese corps diplomatique is massaal uitgerukt voor het debat. Om te zien hoe de VVD en de LPF de door Brussel voorgestelde uitbreiding met tien nieuwe lidstaten in 2004 afwijzen. En om te zien hoe premier Balkenende, met hulp van de oppositie, de rug rechthoudt. Ja, natuurlijk heeft Balkenende vorige week vrijdag al gezegd dat Nederland de uitbreiding niet met een veto zal tegenhouden. Maar zal VVD-leider Zalm roet in het eten gooien?

De diplomaten, met hun on-Nederlandse gezichten, vallen op temidden van de veelal wat slonzig geklede Nederlanders op de tribune. Sommige ambassades hebben één persoon gestuurd om de oren en ogen van de natie te zijn. Andere ambassades hebben alle medewerkers `vrij' gegeven om naar het Nederlandse parlement te gaan luisteren. In hun kielzog varen journalisten, vooral uit Polen, het land dat samen met Slowakije en Letland de afgelopen weken het felst is gekritiseerd. Die landen zouden wegens corruptie en een slecht functionerend staatsapparaat nog niet klaar zijn voor toetreding.

Het debat begint voor hen hoopvol. Van Nieuwenhoven (PvdA) noemt de uitbreiding een ,,gouden deal'', vooral ook voor handelsnatie Nederland. Maar al snel verzandt het debat in de vraag of er een referendum moet komen over de uitbreiding. ,,Zoiets bespreek je niet om vijf voor twaalf'', zegt Radek Šedivý, derde secretaris van de ambassade van Tsjechië, met een diepe zucht.

Hij verwoordt het gevoel dat veel kandidaat-lidstaten hebben: twaalf jaar lang hebben ze hun stinkende best gedaan om aan de EU-eisen te voldoen en nu, op het allerlaatste moment, brandt in Nederland nog de discussie los of er onder de bevolking voldoende draagvlak is voor de uitbreiding. ,,Er staat veel op het spel, iedereen moet dat goed beseffen'', zegt ambassadeur Ján Kuderjavý van Slowakije. ,,Beslissen over het lot van een land doe je niet eventjes tussendoor.''

Kuderjavý vindt dat de discussie in Nederland te veel op `gevoel' wordt gevoerd. ,,In mijn land is de bevolking in een vroeg stadium betrokken gemaakt. Ik denk dat Slowaken meer weten over Nederlanders dan Nederlanders over Slowaken. Hier wordt Slowakije zelfs vaak verward met Slovenië. We willen niet per se een positief imago, we willen een imago.''

De Letse ambassadeur Karlis Eihenbaums noemt de discussie in Nederland ,,een kogel die al is vertrokken''. ,,Zo'n kogel is gevaarlijk'', zegt hij. ,,De Hollywood-wijsheid `Genoemd worden is goed, anders leef je niet echt' gaat hier niet op. Er wordt te makkelijk geoordeeld over landen.'' Eihenbaums heeft vorige week, toen de discussie oplaaide, herhaaldelijk contact gezocht met Nederlandse politici en Buitenlandse Zaken, maar door de kabinetscrisis kreeg hij niemand aan de lijn.

Het debat komt weer op gang. Het warme pleidooi van Rosenmöller (GroenLinks) vóór uitbreiding wordt op de tribune met veel instemmend geknik begroet. Palm (LPF) wekt brede verontwaardiging wanneer hij in zijn spreektijd een discussie over het spaarloon wil beginnen. Dit gaat niet meer over de EU, zo oordeelt ook de Kamervoorzitter. Om een opmerking van Rouvoet (ChristenUnie), dat de tegenstanders van de uitbreiding lijden aan ,,bekrompen provincialisme'', wordt gegrinnikt.