Doorregeren na de val

Een Kamermeerderheid van CDA, LPF en VVD heeft besloten dat het parlement dit najaar de rijksbegroting en het belastingplan voor 2003 zal behandelen, ook al zijn de voornemens van het gevallen kabinet op onderdelen controversieel. Traditiegetrouw vraagt de koningin demissionaire bewindslieden alles te doen wat in het belang van het land is. Voor het overige pleegt een kabinet in staat van ontbinding zich bij politiek omstreden kwesties terughoudend op te stellen. Het is uiteindelijk aan de Kamer te bepalen welke zaken controversieel liggen. Opvattingen van de oppositiepartijen plegen daarbij te worden gehonoreerd. Budgettaire nood breekt dit keer ongeschreven wet.

De begroting voor het volgend jaar omvat voor maar liefst 3,5 miljard euro aan bezuinigingen en voor 3,3 miljard euro aan allerhande lastenverzwaringen. De oppositie tekent fel verzet aan tegen sommige van die uitgavenbeperkingen en is het ook oneens met bepaalde belastingmaatregelen. Bij uitstel of afstel van de behandeling van deze omstreden beleidsvoornemens loopt de schatkist echter averij op. Het voor volgend jaar beoogde tekort van de collectieve sector (0,4 procent van het bruto binnenlands product) schiet dan gemakkelijk omhoog in de richting van 1 procent. Zo'n groter tekort betekent dat de staatsschuld met miljarden euro's extra groeit. Hierdoor vallen de rentelasten in de volgende kabinetsperiode enkele honderden miljoenen hoger uit. Dat geld is niet langer beschikbaar voor politie, onderwijs en gezondheidszorg. Er valt dus veel te zeggen voor een reguliere behandeling van de gehele begroting voor 2003, ook al is het kabinet gesneuveld en sputtert de oppositie tegen.

Aan de begrotingsbehandeling kleven toch al meer risico's dan gebruikelijk. De gewezen regeringspartijen zijn niet langer gebonden aan hun strategisch akkoord uit juli. Zij kunnen dus naar believen alternatieven van de oppositie steunen. Dan vallen al snel financiële gaten. De opstelling van de VVD brengt extra risico's mee. Fractieleider Zalm wil weliswaar binnen de krijtlijnen van de begroting blijven, maar flink met sommige posten schuiven. Zo wenst de VVD bij nader inzien – en in strijd met het eigen verkiezingsprogramma – de fiscale faciliteit voor het spaarloon te handhaven. Het achterwege laten van deze lastenverzwaring slaat een gat van 800 miljoen euro in de schatkist. De liberalen stoppen dit lek door een voorwaardelijke verlaging van de sociale premies te schrappen (dit levert 500 miljoen op) en door de arbeidskorting minder te verhogen (100 miljoen). De ontbrekende 200 miljoen euro halen zij uit de nieuwe `levensloopfaciliteit' die het kabinet had bestemd voor mensen die uit hun baan breken om bij te tanken of om voor hun familie te zorgen.

In de Tweede Kamer tekent zich een meerderheid af die het spaarloon wil sauveren. Schade voor de schatkist (800 miljoen) is dus gegarandeerd. Het is echter de vraag of de VVD vervolgens ook voldoende steun krijgt voor haar amendementen die 800 miljoen euro dekking moeten opleveren. De kans is groot dat de oppositie de dekkingsmaatregelen geheel of ten dele afwijst. Dan komt de schatkist te kort. Gerommel binnen de grenzen van de begroting vergroot dus de budgettaire risico's: overheidstekort en rentelasten lopen verder op.

Kamerleden die wroeten in de rijksbegroting baseren zich op cijfers uit de in september gepresenteerde papiermassa. Die cijfers zijn al weer achterhaald. Er zijn omvangrijke tegenvallers op komst, met name bij de collectieve uitgaven voor de gezondheidszorg. Deze week stelt het College voor zorgverzekeringen een rapport vast over de uitvoering van de sociale ziektekostenverzekeringen. Blijkens dit rapport liggen de zorguitgaven nu al 650 miljoen euro hoger dan het kabinet in de recente Zorgnota veronderstelt. De grootste overschrijdingen zitten bij de ziekenhuizen, gehandicaptenzorg en de verpleeg- en verzorgingshuizen. In al deze sectoren is kwistig gestrooid met extra middelen tegen wachtlijsten en dat komt nu in de harde cijfers tot uiting. De overschrijding van het zorgbudget voor dit jaar werkt door naar het volgend jaar, tenzij op korte termijn voor ten minste 650 miljoen wordt bezuinigd op andere zorguitgaven, zoals voor medicijnen. De door alle politieke groeperingen geaccepteerde regels voor budgetdiscipline eisen inderdaad dat elke budgetoverschrijding wordt goedgemaakt door aanvullend in de uitgaven te snijden. Maar in het zicht van de verkiezingen gaat natuurlijk geen enkele politieke partij zich sterk maken voor meer bezuinigingen op de gezondheidszorg. Verder doemt een omvangrijke tegenvaller op aan de ontvangstenkant van de begroting. Gedurende het afgelopen decennium is het aandeel van de winstbelasting van vennootschappen opgelopen tot tien procent van de totale belastingopbrengst. Dit maakt de rijksbegroting kwetsbaar tijdens een periode waarin het bedrijven minder voor de wind gaat en de belastbare winsten kelderen.

Spoedige behandeling van de complete rijksbegroting en het volledige belastingplan is onmiskenbaar in het landsbelang. Het tekort van de overheid loopt toch al op door manifeste en nog te verwachten tegenvallers. Het dreigt de komende maanden verder te groeien bij afwezigheid van bindende afspraken tussen politieke partijen over de overheidsfinanciën. De uitkomst: drie maanden voor de volgende Kamerverkiezingen ligt er een loodzware hypotheek op het regeerakkoord van het nieuwe kabinet.