School Almelo wil quotum allochtonen

De openbare basisschool `De Bonkelaar' in Almelo wil een quotum voor allochtone leerlingen invoeren. Directeur D. Bolijn denkt aan maximaal 20 procent per klas.

In een interview met de Twentsche Courant Tubantia zegt de directeur dat Nederlands de voertaal moet zijn op school. Hij is bang dat allochtone leerlingen achterstand oplopen als ze niet in een `Nederlandstalige situatie' worden ondergebracht. Bolijn beklaagt zich over de houding van andere basisscholen in Almelo die volgens hem `heel weinig' allochtone leerlingen opnemen.

De Bonkelaar is een school met drie locaties. Op één ervan is 15 procent van de leerlingen allochtoon. Als de 20 procent overschreden dreigt te worden, wil de Bonkelaar allochtone leerlingen doorverwijzen naar een van de andere locaties. Het zou dan kunnen gebeuren dat allochtone ouders hun kinderen naar verschillende schoolgebouwen moeten sturen. Openbare scholen mogen geen leerlingen weigeren.

De gemeente en het bestuur van het overkoepelende Openbaar Primair Onderwijs Almelo wijzen een spreidingsbeleid niet op voorhand af. Wel hoeden zij zich ervoor daarbij harde, getalsmatige criteria te noemen. De gemeente wil begin volgend jaar een discussie houden over een spreidingsbeleid.

Het ministerie van Onderwijs heeft afwijzend op het idee gereageerd. Openbare scholen kunnen spreiding niet afdwingen. In sommige plaatsen, zoals in Rotterdam, maken scholen onderling wel afspraken over een evenredige verdeling van allochtone leerlingen.

Een eerder experiment met spreiding van allochtone leerlingen, in Gouda, bleek teleurstellende resultaten op te leveren. Ze bleken niet beter te presteren dan zonder spreiding. Spreidingsexperimenten waren er ook in Amersfoort, Hoorn, Amsterdam, Waddinxveen en Zaanstad.