Juanra vertrouwt de Spaanse rechter niet

Moet de links-radicale activist en muzikant Juanra, die in Spanje wordt verdacht van banden met de ETA, in afwachting van zijn uitlevering de gevangenis in? Het gerechtshof in Amsterdam buigt zich morgen over deze vraag.

De Amsterdamse rechtbank oordeelde eerder deze maand dat de 36-jarige Juan Ramón Rodríguez F., alias `Marc', aan Spanje mocht worden uitgeleverd, maar dat hij zijn uitlevering niet in detentie hoeft af te wachten. Het openbaar ministerie is bang dat de verdachte de benen neemt en wil hem achter de tralies hebben. Juanra vecht zijn uitlevering aan.

De vermeende ETA-handlanger, lid van de rockband `Kop', werd begin dit jaar in een Albert Heijn-vestiging achter de Dam in Amsterdam door een arrestatieteam van de politie aangehouden. De Catalaanse, links-radicale activist verbleef in het nabijgelegen voormalige krakersbolwerk Vrankrijk. F. zou volgens de Spaanse politie hebben samengewerkt met het commando Gorbea van de Baskische terreurbeweging ETA. In Vrankrijk zou hij de onderduikmogelijkheden voor ETA-leden hebben onderzocht.

Spanje vraagt uitlevering van F. omdat hij de naam en het adres van de oprichter van de rechts-extremistische groepering CEDADE aan de ETA zou hebben verschaft. Volgens justitie had de ETA met die informatie een terroristische moord of andere daad kunnen voorbereiden. Deze aanslag heeft overigens niet plaatsgevonden.

F. werd na zijn arrestatie gevangen gehouden in de extra beveiligde inrichting in Vught, de zwaarst bewaakte gevangenis van Nederland. In juni stelde de rechtbank hem op vrije voeten, in afwachting van de behandeling van zijn zaak. De rechtbank besloot toen dat ze meer informatie van de Spaanse officier van justitie wilde hebben.

De advocaat van Juanra, V. Koppe, wijst op de talloze tegenstrijdigheden in de bewijslast die de Spaanse justitie aandraagt. Een deel van de tegen F. gebruikte informatie is daarbij afkomstig van iemand die bij de Spaanse rechtbank aangifte heeft gedaan van foltering door de Spaanse politie. Koppe is ervan overtuigd dat er een ,,reëel risico'' bestaat dat ook zijn cliënt in Spaanse detentie zal worden gemarteld. Koppe baseert dit vermoeden onder andere op onderzoek van Amnesty International en een rapport van de Mensenrechtencommissie van de Verenigde Naties.

De advocaat van Juanra wijst erop dat per 1 januari 2004 het zogenoemde Europese arrestatiebevel wordt ingevoerd. ,,Vanaf dat moment worden de EU-lidstaten geacht blindelings vertrouwen te hebben in elkaars rechtssysteem.'' Juanra, zijn advocaat en sympathisanten die morgen bij het gerechtshof zullen protesteren, hebben weinig vertrouwen in het Spaanse rechtssysteem. Volgens Koppe bestaat er geen reden om aan te nemen dat Juanra zal vluchten. ,,Hier is hij bij zijn kind en zijn vrienden.''

Juanra zelf reageert op internet, op www.indymedia.nl. Daar spreekt hij zijn argwaan uit over het terugtreden van een rechter die hem gunstig was gezind. ,,Meneer Blekxtoon had in mei in een toonaangevend Nederlands juristenblad een artikel gepubliceerd waarin hij zich zeer kritisch uitte over het nieuwe Europese arrestatiebevel, dat met ingang van 1 januari 2004 in werking zal treden, en stelde dat men zeer terughoudend zou moeten zijn met dit nieuwe middel, aangezien niet alle Europese landen het zelfde niveau hebben bereikt voor wat betreft de handhaving van de mensenrechten of bepaalde burgerrechten, en hij noemde met nadruk en uitroeptekens: Spanje!'' Bij de laatste behandeling van Juanra's zaak was genoemde rechter ziek. De vervangende rechter vond de mensenrechtensituatie in Spanje geen belemmering voor uitlevering.