Eten

Voor het Japanse restaurant Okinawa aan de Herengracht in Den Haag lag een soort gebruiksaanwijzing in boekvorm. Daarin werd uitgelegd wat je binnen allemaal aan voedsel en de bereiding ervan te wachten stond. Een nuttig idee want nu pas, terwijl ik het las, begreep ik dat een recente ervaring in een ander Japans restaurant niet uitzonderlijk was geweest.

Zonder het te weten had ik een zogeheten teppan yaki-maaltijd genoten. De tafels staan hierbij in carrévorm opgesteld en bieden plaats aan tien tot twaalf gasten. In het midden staat de kok op `een grote edelstalen plaat' kleine porties vis, kip en groenten te bakken. Die worden in zo'n zeven, acht gangen opgediend met lange pauzes ertussen, zodat je voor deze vorm van dineren wel een uur of drie moet uittrekken.

De kwaliteit van Okinawa ken ik niet, maar in dat andere restaurant was het eten verrukkelijk. Toch ben ik er nog niet teruggegaan omdat er ook enkele schaduwzijden waren.

Het begint met het gebrek aan privacy. Je zit met andere groepjes aan tafel en kunt elkaars conversatie goed volgen. In mijn geval mocht ik niet klagen, want aan de overzijde zat BNN's tv-ster Bridget Maasland met een vriendin. Hun gesprek was al die uren zo sprankelend én a-politiek dat ik me goed kan voorstellen dat Balkenende zich dolgraag door haar wil laten interviewen.

Een groter bezwaar was het gedrag van de koks. Die jongens (en hun baas) vinden het niet genoeg om rustig hun werk te doen, ze willen ook nog graag de show stelen. In het boekje van Okinawa staat dat ze `op onnavolgbare wijze, met snelflitsende bewegingen en schijnbaar moeiteloos' het zaakje bereiden.

Ik merkte dat ze niet alleen kok willen zijn, maar ook circusartiest. Peper- en zoutbussen vliegen naar het plafond en worden achteloos met de oksel of de linkerteen opgevangen, terwijl de kok goed in gaten houdt of wij wel met voldoende ademloze bewondering toekijken. Hij wil ook en dat maakt het nog vermoeiender dat we om hem lachen.

Het hoogtepunt van de dolle pret is het gooien van voedsel naar de gasten. Iedereen moet zijn mond opensperren en krijgt met grote precisie door de kok een stuk omelet toegeworpen. Dit plaatst de bezoeker voor een vervelend dilemma. Doet hij niet mee, dan is hij `een zeikerd die nooit voor een geintje in is'. Besluit hij wél mee te doen, dan blijft hij zich de rest van de avond schamen voor zijn lafheid.

Aan andere tafels is de stemming inmiddels zó opgeruimd dat men zich het liefst elk brokje eten wil laten toegooien. Het begint steeds meer te lijken op een scène uit La Grande Bouffe, de beruchte vreetfilm van Ferreri.

En ik deed mee natuurlijk. Hoe kon ik achterblijven? Ik zag Bridget Maasland het stuk omelet feilloos opvangen met die prachtige, brede mond, en ik besloot dat ik namens de oudere generatie deze handschoen moest opnemen. De kok grijnsde naar me. Hij zwiepte de omelet naar mijn hoofd, ik rees omhoog en naar voren terwijl mijn kaken dichtklapten.

De omelet kwam half op mijn broek, half op de grond terecht, en ik wist weer waarom wij de Jap als vanouds moeten blijven haten.

    • Frits Abrahams