Sportfatsoen

Ik keek in de spiegel en zag de grijns op het gezicht van de kale man met schaar. Een kale man met schaar is op zich niet erg, maar wanneer diezelfde man kapper van beroep is, kan het te denken geven. Ik zag mijn grijze manen als sneeuwvlokken op mijn schouders neerdwalen en kreeg spijt. Waarom ik uitgerekend in dit smalle moordhol vol scherpe voorwerpen was gestapt is een vraag die ik me later vaak heb gesteld. Kon ik maar eindelijk die neiging onderdrukken om alsmaar van kapper te veranderen terwijl ik wel altijd naar dezelfde restaurants ga.

De kale kapper sprak met een Oost-Europees accent. Hoe het kwam dat ons nietszeggende gesprek plots over het Franse voetbalelftal ging, weet ik niet meer. Het moet waarschijnlijk met het feit te maken hebben gehad dat de finale van het EK 2000 tussen Italië en Frankrijk een paar dagen later in de stad gespeeld zou worden. In de spiegel werd de grijns op het kappersgezicht steeds breder en goorder. Als een slak zonder huisje die op een etterende wond glijdt. De vraag van de kapper was: ,,Noem je dit nog een Franse ploeg?'' Ik sloeg mijn ogen neer. Kun je zomaar met halfgeknipt haar een kapperstoel verlaten? Vastgenageld aan mijn stilte hoorde ik de kapper zijn eigen vraag zelf beantwoorden: ,,Er lopen alleen maar apen rond in dit team.''

Vanzelfsprekend heb ik nooit meer een voet in deze kapperszaak gezet, maar mijn laffe stilte van die dag heeft een spoor vol schaamte in mijn bewustzijn achtergelaten. Zo moeten toeschouwers zich voelen die per ongeluk in een stadionvak terechtkomen waar plots oerwoudgeluiden opstijgen. Machteloos en misselijk. Woensdag moest ik aan de kale man met schaar van twee jaar geleden denken. Ik keek op TV5 naar de EK-kwalificatiewedstrijd tussen Malta en Frankrijk. Van de tien veldspelers bij de Franse ploeg telde ik in de eerste helft negen zwarte en maar een witte speler (Zidane die van Arabische afkomst is). Is dit misschien het beste antwoord op de oerwoudgeluiden die van Eindhoven tot Bratislava steeds luider gonzen? De aangekondigde pijn van de permanente keelaandoening. Steeds vaker zullen zwarte spelers het beeld in de voetbalstadions bepalen. Net als zwarte sprinters bij een olympische honderdmeterfinale bij atletiek. Daar moeten kappers alvast aan wennen.

Misschien ook kunnen initiatieven als die van de Socialistische Partij helpen om verbaal en fysiek geweld, racisme en normloos gedrag in en om de stadions te bestrijden. Afgelopen weekeinde maakte de SP haar samenwerking met de Samenwerkende Organisaties Voetbalsupporters (SOVS) bekend om het sportfatsoen in eer te herstellen. De SP? De partij van de afgeworpen tomaat? Ach, waarom ook niet. Ik vind alle pogingen van de SP in deze verkiezingscampagne om van zich te doen spreken uiterst sympathiek.

Het verbaast me ook niet helemaal dat voetbalsupporters die op 15 mei massaal voor de LPF stemden nu met de partij van Jan Marijnissen in zee gaan. Jan heeft onlangs openlijk verklaard dat hij een flink deel van die 26 LPF-Kamerzetels die straks dreigen te verdampen voor zijn rekening zal nemen. De oprichting van een Comité Echte Fans onder leiding van Tweede-Kamerlid Agnes Kant is daarom een slimme zet. Maar of die hele operatie niet doordrenkt is van glibberige, electorale gedachten is me niet helemaal duidelijk. Op de speciaal daarvoor opgerichte SP-site (echtefans.nl) is de socialistische retoriek niet bijster origineel. Zo luidt de openingszin: `Wanneer het gaat om de aanpak van voetbalgeweld, lijden de goeden al veel te lang onder de kwaden.' Mee eens. En verderop: `Voetbal is emotie en fanatisme is prachtig, maar dat mag nooit een excuus zijn voor ontspoord gedrag.' Sportfatsoen moet je doen, had ook mooi geklonken. Ik weet het niet en vertrouw niemand meer. Hoewel ik de Partij van de Voetbal zijn splinternieuwe lederen tomaat van harte gun.

    • Sylvain Ephimenco