Ongenoegen

Volgens bezorgde commentatoren dreigt er een gevaarlijke radicalisering in Nederland. Er is immers niemand meer die het grote ongenoegen van de 1,6 miljoen LPF-stemmers kan verwoorden.

Geschrokken besloot ik zelf maar een poging te doen. Dat leek me, om met Mat Herben te spreken, in het belang van het hele land. Daarvoor moest ik wel eerst te weten komen wat dat ongenoegen precies inhield. Van de autochtone bewoners van de achterstandswijken weten we het wel, en de patiënten op de wachtlijsten hebben er terecht ook nooit een geheim van gemaakt. Maar hoeveel mensen zullen dat in totaal zijn? Laten we zeggen, zéér ruim geschat, 600.000. Blijven er nog een miljoen over die beweren dat ze eveneens onder een ondraaglijk groot ongenoegen gebukt gaan. Wat zou dat in hun geval precies betekenen?

Op koopzondag stelde ik in de Amsterdamse binnenstad een kort, maar krachtig veldonderzoek in. Het resultaat was verpletterend.

Het begon ermee dat het bijna ondoenlijk was de Kalverstraat binnen te dringen. Tot sluitingstijd kon je er over de hoofden lopen. Wat waren ze daar precies aan het doen?

Vonden er op grote schaal plunderingen plaats door allerlei behoeftige lieden? Werden de kledingwinkels bestormd door mensen die nauwelijks meer een draad aan hun lichaam hadden? En rukte men zonder te betalen de etenswaren uit de automatieken van de talrijke cafetaria's in een wanhopige poging het hongeroedeem te bestrijden?

Ik kwam er niet achter. Elke keer dat ik een vraag wilde stellen, werd ik van achteren opgeduwd door iemand die me toevoegde dat de opstand van de burgers eindelijk begonnen was en dat ik moest kiezen: meedoen of naar huis gaan.

Daarom moest ik me beperken tot het optekenen van andermans conversaties. Bijvoorbeeld van die moeder die tegen haar zoon zei: ,,Waar wil je heen: naar McDonald's of naar de shoarma?'' Waarop die jongen zei: ,,Ik vind het allemaal best.''

Op zeker moment snoof ik een baklucht op en zag in de Voetboogstraat een rij wachtenden van tientallen meters staan. Was hier spontaan een gaarkeuken ingericht? Het viel gelukkig mee. Hier bleek Vleminckx Sausmeesters gevestigd, een zaak die voortreffelijke frites schijnt te verkopen.

Ach, waar was het eigenlijk niet druk? Of het nu een warenhuis was, een schoenenwinkel, een bakkerszaak of een bioscoop overal verdrong men elkaar.

In arren moede vluchtte ik bij Vroom & Dreesmann naar een hogere verdieping. Pas daar kreeg ik voor het eerst het voorgevoel dat het met Nederland misschien toch nog goed kan komen. (Maar ik kan niets garanderen).

Ik bevond me opeens tussen louter kerstartikelen. Beter ermee verlegen dan erom verlegen, zullen ze bij V&D hebben gedacht. Er waren al boomballetjes, kerstklokken, ijspegelmotieven, kerstmutsen (met lichtsterretjes op batterijen), raamdecoraties (`statisch hechtend'), kunstkerstbomen (made in China, 99 euro), kerstkransen voor aan de deur, zakjes Powder Snow, twinkelverlichting en ga zo maar de hele Achterpagina door.

Kan er in een land waar de kerstklokken al zo vroegtijdig beieren iets anders nederdalen dan vrede op aarde?

    • Frits Abrahams