Eigen school voor beetje gekke happy few

In Sittard is, in aanwezigheid van Nederlandse en Duitse topspringers, het startsein gegeven voor de eerste polsstokhoogschool in Nederland. De happy few van de atletiek hoeft niet langer uit te vliegen.

,,Polsstokhoogspringers die nu niet doorbreken hebben of gebrek aan talent of gebrek aan motivatie.'' Een uitspraak die werd gevolgd door een big smile op het besnorde gezicht van bondscoach Georges Friant. Alsof hij zeggen wilde: kijk om je heen, dan zie je een prachtige accommodatie, voorzien van alle benodigde trainingsattributen; idealer omstandigheden kan een polsstokhoogspringer zich niet wensen.

Terwijl Friant zich zo stellig uitspreekt, staat hij midden in de nieuwe hal van de Sittardse atletiekvereniging Unitas, waar zaterdag het startsein is gegeven voor de eerste polsstokhoogschool in Nederland. Het samenwerkingsproject tussen de Limburgse club en de atletiekunie (KNAU) werd voor een gehoor van bijna honderd trainers in gang gezet met een clinic van de Duitse topcoach Leszek Klima en een demonstratie van zijn pupillen Richard Spiegelburg, de Europese indoorkampioen Tim Lobinger en Lars Börgerling, de zilveren medaillewinnaar bij de Europese kampioenschappen afgelopen zomer in München. De Nederlandse polsstokhoogspringers Rens Blom en Monique de Wilt, die beiden ook worden getraind door Klima, kwamen wegens een blessure niet in actie. Tot de aandachtige toeschouwers behoorde bovendien Nederlands recordhouder Christian Tamminga.

De aanwezigheid van zo veel topspringers zaterdag was symbolisch voor de ambities van de KNAU, die de bouw van een hal in Sittard heeft aangegrepen om de opleiding voor polsstokhoogspringers een professionele impuls te geven. Voorlopig op bescheiden wijze, want wegens geldgebrek is Friant een coach voor zes uur per week en blijven de centrale trainingen voor jong Nederlands springtalent in de leeftijdscategorie van dertien tot en met zestien jaar vooralsnog beperkt tot één dag (zaterdag) per week. Maar dat is het begin, belooft Peter Verlooy, hoofdcoach explosieve nummers van de KNAU. ,,In de toekomst willen we toe naar een dagopleiding voor een twintigtal atleten, voor wie alle denkbare faciliteiten aanwezig zijn. Uiteindelijk hopen we dan rond 2010 over een nieuwe lichting topspringers te beschikken.''

Voorlopig heeft de KNAU gedaan wat binnen haar (beperkte) mogelijkheden ligt: een bondscoach benoemen en ongeveer tienduizend euro fourneren. Een bedrag waarvoor onder andere trainingsattributen zijn aangeschaft. En dat blijft niet beperkt tot een springstellage met een landingsmat. Tijdens de clinic van zaterdag werd het de niet-ingewijden duidelijk dat er reeks toestellen nodig is, omdat polsstokhoogspringen een technisch hoogwaardige discipline is waar voor bijna elke beweging afzonderlijk moet worden getraind.

Polsstokhoogspringen staat te boek als een sport voor lenige en vooral intelligente mensen. ,,Je zou ze de happy few van de atletiek of de gymnasiasten onder de atleten kunnen noemen'', aldus Verlooy, die ,,met alle respect natuurlijk'' de lopers voor ,,de LBO'ers'' van de atletiek verslijt. ,,Lopen kun je overal. Om met een polsstok te springen, moeten voorzieningen worden gezocht. Een polsstokhoogspringer heeft, ondanks alle obstakels, op zeker moment bewust voor die sport gekozen. Bovendien werd hij wegens het ontbreken van een overdekte accommodatie in Nederland gedwongen zijn heil in het buitenland te zoeken.''

Polsstokhoogspringers gelden ook als eigenaardige atleten. ,,Daar zit een kern van waarheid in'', zegt de Nederlandse topspringer Rens Blom. ,,Je moet ook wel een beetje gek zijn om deze sport te beoefenen. Een voorbeeldje: als er een nieuwe mat ligt, proberen velen eerst te testen vanaf welke hoogte een val pijn doet. Zo zijn polsstokhoogspringers nu eenmaal; typische figuren.''

Maar ook vrolijke en sociale mensen voor wie hun sport een levenswijze is. De Duitse toppers zelfs de geblesseerde Danny Ecker was meegereisd waren zaterdag maar al te graag naar Sittard gekomen, terwijl de vergoeding bestond uit een hotelovernachting, een etentje bij de Chinees en een avondje stappen met hun maatje Rens Blom. De Nederlander is hun gabber bij Bayer Leverkusen. Ze bewijzen hem graag een dienst door bij de opening van de polsstokhoogschool in zijn geboorteplaasts aanwezig te zijn .

De sprongen van de Duitsers werden zaterdag bewonderend gadegeslagen door de 67-jarige Servee Wijsen uit Spaubeek. Hij was in de jaren zestig meervoudig Nederlands kampioen met hoogten waar de huidige generatie bijna zonder stok overheen springt. Waar de besten tegenwoordig 5.70 meter springen, is Wijsen nooit verder gekomen dan 4.50 meter. Maar hij sprong eerst met een stok van bamboe, later met een van staal en pas aan het eind van zijn carrière met een stok van glasvezel. En van landingsmatten hadden de springers van weleer nooit gehoord; ze vielen simpelweg in een zandbak.

De faciliteiten waren destijds beperkt, in tegenstelling tot de instelling van de springers. Want die is er volgens Wijsen in de loop der jaren niet beter op geworden. ,,Ik heb vandaag nog wat geleerd. Maar ik vraag me af of dat ook voor de jongeren geldt. Ze vinden tegenwoordig alles gewoon en denken alles te weten. Ik hoop dat de springers in de nieuwe polsstokhoogschool met de neus op de feiten worden gedrukt.''