Een machtig en ongrijpbaar rasbestuurder

Hij viel op toen hij onlangs voorstelde werken uit de universitaire collectie in tijden van bezuinigingen maar te verkopen. Verder blijft Loek Vredevoogd een onopvallende man, die zijn status van meest invloedrijke persoon in het hoger onderwijs in de luwte verdiend heeft.

Loek Vredevoogd is geen lachebekje, zegt collegevoorzitter Frans van Vught van de Universiteit Twente. ,,Hij is meer een man van een serieus gesprek met af en toe een kwinkslag.'' Deze zomer logeerden de echtparen Vredevoogd en Van Vught een weekend op de Franse boerderij van landbouwminister Veerman. De Europese politiek kwam ter sprake, het openbaar bestuur, religie.

Typisch Vredevoogd, zeggen mensen die hem kennen. ,,Hij is serieus, ja. Praat graag over geloofskwesties'', zegt vriend Rob Reneman, oud-president van de Koninklijke Nederlandse Akadamie van Wetenschappen (KNAW). ,,Hij is gereformeerd, ik ben agnost. Dat zijn pittige discussies. Toch koketteert hij niet met zijn overtuiging.''

In gezelschappen valt hij niet op. Hij praat met een zachte stem, kleedt zich onopvallend en staat niet bekend om zijn vlotte babbel. Het is een rasbestuurder, op wie moeilijk greep te krijgen is. Toch is de 64-jarige collegevoorzitter van de Universiteit Leiden volgens een in september onder 180 onderwijsprominenten gehouden enquête de machtigste man in het hoger onderwijs. Met gemak streefde hij op de ranglijst `kanonnen' als demissionair minister Maria van der Hoeven, onderwijs- en bestuurskundige Roel in 't Veld en voorzitter Ed. d'Hondt van de Vereniging van Universiteiten (VSNU) voorbij.

,,Loek is bescheiden, maar weet gebruik te maken van zijn enorme netwerk'', zegt burgemeester Wim Deetman van Den Haag, die met Vredevoogd op het ministerie van Onderwijs werkte. Frans Van Vught: ,,Hij kan in Zoetermeer de zaak van de universiteiten goed verdedigen.'' Het is geen man van harde conflicten, meer iemand van masseren en netwerken, zegt Peter Geluk, voorzitter van de studentenfractie SGL in de Leidse universiteitsraad. ,,Je weet eigenlijk nooit waar hij naartoe wil. Hij houdt altijd wat informatie achter, hij doet veel binnenskamers.''

Ook in talloze commissies en besturen onderhoudt Loek Vredevoogd zijn contacten. Hij is onder meer voorzitter geweest van het Japan-Nederland Instituut, de Nederlandse Management Opleidingen, de adviesraad Opleidingen Hoger Financieel Management, het Jan Hendrik Oortfonds.

Op 1 januari zet Vredevoogd de kroon op zijn werk. Voormalig minister Hermans (Onderwijs) vroeg hem vorig jaar voorzitter te worden van de pas opgerichte Nationale Accreditatie Organisatie (NAO). In zijn nieuwe functie beoordeelt hij straks alle opleidingen die geld van de overheid krijgen op geleverde kwaliteit. Studies die aan de eisen voldoen krijgen naar Angelsaksisch voorbeeld een stempel en zijn `geaccrediteerd'. Een opleiding die niet voldoet verliest de overheidssteun.

Hermans stelde de organisatie tegelijk in met de invoering van de eveneens Angelsaksische bachelor/masterstructuur op hogescholen en universiteiten. Opleidingen bestaan sinds september uit een brede bachelorsfase van drie jaar, op universiteiten gevolgd door een gespecialiseerde mastersfase van één of twee jaar. ,,Het is nog niet helemaal duidelijk hoe streng ze precies worden, maar op papier is dit nu al de machtigste club in het onderwijs'', zegt de Nijmeegse hoogleraar staatsrecht C. Kortmann. ,,Het voortbestaan van opleidingen is nu in het geding.''

Zijn leven lang loopt Vredevoogd al rond in het onderwijs. In 1938 wordt hij geboren in het Groningse gehucht Zijldijk, als tweede kind van de lokale hoofdonderwijzer. Al snel verhuist het gezin naar het Drentse dorpje Gasselternijveen; het ouderlijk huis staat er tegen de school aan en is er met een gang direct aan verbonden. Hij groeit op in een anti-revolutionair gezin.

Na zijn middelbare school ligt er maar één universiteit voor de hand: de Vrije Universiteit (VU) in Amsterdam. De gereformeerde universiteit, waar de dag nog met gebed begint en eerstejaars het vak filosofie moeten volgen. Hij raakt bevriend met L. van Muiswinkel, nu hoogleraar openbare financiën aan de VU, die met hem economie studeert en in hetzelfde dispuut van het studentencorps zit. ,,Hij haalde goede cijfers, maar werkte keihard voor zijn tentamens'', zegt hij. Geen feestbeest, in ieder geval. Vredevoogd: ,,De discussies over grote onderwerpen, zoals religie of de publieke zaak, dat vond ik veel mooier.'' Van Muiswinkel koppelt Vredevoogd tijdens een schoolfeest aan diens vrouw Greeth.

Na zijn afstuderen wordt Vredevoogd wetenschappelijk medewerker bij de vader van Van Muiswinkel, een hoogleraar bedrijfseconomie. Vredevoogd schopt het tot het faculteitsbestuur.

Toch is de wetenschap niet voor hem weggelegd. ,,Ik was een middelmatige wetenschapper.'' Van Muiswinkel: ,,Hij is te bescheiden.''

Als in 1969 zijn hoogleraar overlijdt, neemt Vredevoogd een tijdje zijn taken waar. Toch krijgt hij langzaam genoeg van de universiteit en wil hij een eigen, christelijke heao-school beginnen. ,,Collega's verklaarden mij voor gek. Ik had hooguit een flauw idee wat een heao precies was.'' In het provinciehuis in Zwolle begint Vredevoogd met een conciërge als enig personeel aan zijn school, die al snel honderden studenten trekt.

In feite is die heao-tijd zijn doorbraak, zegt oud-minister van Onderwijs Deetman. Begin jaren tachtig begint de niet al te spraakzame noorderling op te vallen op het ministerie. Korte tijd werkt Vredevoogd onder minister Pais. Met diens opvolger, Deetman, kan de plaatsvervangend directeur-generaal het goed vinden. Al snel krijgt Vredevoogd de klus om het hoger beroepsonderwijs te reorganiseren.

Hij maakt een plan om de meer dan 500 hbo-instellingen drastisch terug te dringen door fusies. ,,Ik vond dat er veel te veel instellingen waren die elkaar op de vierkante centimeter beconcurreerden'', zegt Vredevoogd. Hij reist het land door met zijn `evangelie van de schaalvergroting' onder de arm en lobbyt bij wethouders en de HBO-raad. De fusieplannen lukken. Nu zijn er minder dan vijftig instellingen over, al vindt Vredevoogd dat de schaalvergroting hier en daar is doorgeslagen. ,,Die pas opgerichte Hogeschool Inholland, waar onder meer de hogescholen van Rotterdam, Alkmaar, Delft en Haarlem in zitten, dat is écht te groot.''

De band tussen Vredevoogd en Deetman – beiden CDA-lid - is nog steeds nauw. Het levert een paar jaar geleden nog een Haagse nevenvestiging van de Leidse universiteit op. Deetman: ,,Wij kunnen het snel eens worden, we houden allebei van snel zaken doen.''

Ondanks de goede relatie met Deetman wil Vredevoogd na zes jaar weg uit Zoetermeer. ,,De fusiegolf was op gang gekomen, ik kreeg het idee dat ik een nieuwe baan nodig had.'' Daar komt bij, zegt Deetman, dat hij niet goed overweg kon met zijn meerdere, toenmalig directeur-generaal hoger onderwijs Roel in 't Veld. Het contact tussen de extraverte In 't Veld en de stille Vredevoogd verloopt moeizaam. Bovendien liggen de interesses van de twee ambtenaren ver uit elkaar. ,,Roel had maar weinig op met het hbo, terwijl Loek daar helemaal in opging.''

Vredevoogd vraagt Deetman of hij niet een andere baan weet. De minister heeft nog wel wat – het voorzitterschap van het bestuur van de Maastrichtse universiteit is vacant. Hoewel sommige collega's op het ministerie het katholieke zuiden afraden aan de gereformeerde Vredevoogd, heeft hij er zes jaar `genoten'. Rob Reneman, destijds hoogleraar fysiologie in Maastricht: ,,Hij vond daar vrij gemakkelijk aansluiting, al was zijn karakter totaal verschillend van het Limburgse. Maar hij is geen man die conflicten opzoekt.''

Van Deetman krijgt Vredevoogd de opdracht mee de studentenaantallen te verhogen, wil de universiteit nog aanspraak maken op subsidie. Met rector magnificus Vic Bonke, nu Tweede-Kamerlid voor de LPF, zet hij grote imagocampagnes op om extra studenten te trekken. Het aantal aanmeldingen van eerstejaars stijgt in één jaar met 40 procent. Er komen nieuwe opleidingen en faculteiten.

Maar Vredevoogds plannen met de Limburgse universiteit gaan verder – meer buitenlandse studenten bijvoorbeeld. Daarom moet het zieltogende Center for European Studies (CES) nieuw leven ingeblazen worden. Op voorspraak van econoom Wil Albeda halen Vredevoogd en Bonke Pim Fortuyn naar Limburg, die als directeur het CES weer op de rails moet krijgen. Fortuyn kan er niet aarden, schrijft hij later in zijn autobiografie Babyboomers. ,,Alle echte zaken worden er gedaan in allerhande bilateraaltjes via de telefoon of het receptie- en cocktailcircuit. (..) Ik kan er niet aan wennen, het is mij te willekeurig en het behoudt de geur van milde fraude.''

Fortuyn leidt een dure campagne, maar slaagt er niet in ook maar één student voor het CES te interesseren. Vredevoogd ergert zich aan de directeur: ,,Hij kwam niet op vergaderingen en maakte er beleidsmatig een potje van.'' Na tien maanden ontbindt Vredevoogd het contract met Fortuyn. Reneman: ,,Loek kan in tijden van crisis heel rechtlijnig zijn.''

Eind vorig jaar blijkt dat er onder Vredevoogd nog een ander conflict heeft gespeeld in Maastricht. Een voormalige medewerker, C. van der Hught, stapt naar het ministerie van Binnenlandse Zaken met documenten waaruit zou blijken dat hij in januari door het college van bestuur is gevraagd de studentenaantallen in het propedeusejaar te verhogen. Door ook de instroom van hbo-gediplomeerden in de telling mee te nemen zou de universiteit meer subsidie binnen kunnen halen. Van der Hught weigerde dat indertijd, maar het bestuur neemt een beslssing buiten hem om, schrijft hij aan het ministerie. Bonke zegt later over de kwestie in deze krant: ,,Ach, er mag zoveel niet. Wij vonden dat die hbo'ers wel als eerstejaars konden meetellen.'' Vredevoogd: ,,Van der Hught moet zich vergissen, we hebben ons netjes aan de regels gehouden.''

Vredevoogd werkt in het Maastrichtse bestuurscollege samen met Job Cohen. Als deze in 1994 kort staatssecretaris van Onderwijs wordt, vraagt hij hem in de zomer om orde op zaken te stellen bij de Universiteit Leiden. De universiteit had eerder miljoenen verloren nadat een projectontwikkelaar veel hogere kosten in rekening bracht dan was begroot. Vredevoogds voorganger Oomen werd door Cohen de laan uitgestuurd. Vredevoogd herstelt de interne orde en mag van het ministerie blijven.

De Leidse universiteit moet selectiever worden, vindt Vredevoogd. Op zijn initiatief voert de universiteit in 1997 als eerste het zogeheten `bindend studieadvies' in. De student die te weinig punten haalt moet een andere studie gaan doen. Ook begint de universiteit met topstudies voor een select aantal uitblinkende studenten. Hoewel vrijwel geen decaan het ziet zitten, richt Vredevoogd de Leiden University School of Management op, een private school met managementopleidingen. ,,Het was zijn liefdesbaby. Die heeft hij doorgezet tegen de algemene wil in'', zegt Frits van Oostrom, hoogleraar en destijds decaan van de Letterenfaculteit.

Noodlijdende faculteiten moeten saneren. Bij de rechtenfaculteit, die na een lange tijd van bestuurscrisis miljoenen euro's heeft verloren, moeten dit jaar 58 werknemers verdwijnen.

Ook tegen het universiteitsblad Mare laat Vredevoogd zich soms van zijn harde kant zien. ,,Hij heeft ons bij publicaties verscheidene malen onder druk gezet'', zegt hoofdredacteur Hans Ariëns.

Als het blad de in opspraak geraakte psycholoog René Diekstra als columnist wil aanstellen, blokkeert Vredevoogd dat. Ariëns: ,,Dat gebeurt niet, zei hij. Daar hebben we ons maar bij neergelegd.''

Toch is Vredevoogd zelden boos te krijgen. Van Oostrom: ,,Hij doet zijn naam eer aan. Hij waakt over de vrede.'' Slechts bij uitzondering schiet hij uit zijn slof. Zoals in september, als hij bij de opening van het academisch jaar dreigt werken uit de universitaire kunstcollectie te verkopen, als de voorgenomen bezuinigingen op het hoger onderwijs doorgaan. ,,Ik heb de universiteit net op orde en dan moet ik wéér bezuinigen'', zegt hij. ,,Zo kan ik de wetenschappers nooit gemotiveerd houden.''

,,Hij was heel emotioneel. Zo fel heb ik hem maar zelden gehoord'', zegt zijn collega Sybolt Noorda van de Universiteit van Amsterdam. Voormalig decaan Van Oostrom is geschrokken door de zeldzaam harde taal van Vredevoogd: ,,Dan wil ik het middeleeuwse begrip van libri catenati weer leven inblazen, de boeken die in het klooster aan de ketting lagen. Dan roep ik de hulp van Greenpeace in en laat mij persoonlijk aan de ketting leggen.''

Veelvuldig wist Vredevoogd in zijn carrière als bestuurder op zijn grote netwerk te vertrouwen. Toch zal hij straks juist onafhankelijk moeten zijn, als hij als voorzitter van de NAO opleidingen een keurmerk moet verlenen. Volgens hoogleraar staatsrecht Kortmann had er beter geen man met bestuurservaring op die plek gezet kunnen worden. ,,De controle had het ministerie beter aan de Onderwijsinspectie kunnen overlaten. Bestuursvoorzitters zijn over het algemeen goede maatjes met Zoetermeer, de lijntjes zijn vaak griezelig kort.''

Bestuursvoorzitter Van Vught van de Universiteit Twente noemt Vredevoogd echter `de juiste man op de juiste plaats'. ,,Hij is evenwichtig en is één van de weinigen die het hele hoger onderwijs overziet.'' Zijn collega Noorda: ,,Op die plek moet geen buitenstaander zitten die met bureaucratische ogen naar het onderwijs kijkt. De NAO moet het onderwijs verbeteren, niet louter controleren. Dan ken ik geen ervarener bestuurder als Vredevoogd.''

Met medewerking van Rob Biersma