Tijd voor de Levensreserve

Nu het kabinet is gevallen, wordt het schrappen van regelingen als het spaarloon en de algemene lijfrenteaftrek mogelijk uitgesteld. Vooral het wegvallen van de acht jaar oude voordelige werknemersspaarregelingen stuitte op verzet.

Half september probeerde het Verbond van Verzekeraars met paginagrote advertenties de politiek tot andere gedachten te brengen, met een beroep op de vergrijzing van de bevolking en de noodzaak van een betaalbaar pensioenstelsel. Tevergeefs. Bovendien niet zo logisch, want wie een pensioengat heeft, kan dit op vele manieren dempen. Daar hoef je niet altijd een lijfrenteverzekering voor te sluiten. En wie dat wel wil, kan gewoon de premies aftrekken, bij een achterblijvende pensioenopbouw.

Nu is er dus een kans om het tij alsnog te keren, en weer via een advertentie, maar nu ondertekend door de werknemers en werkgevers, het midden- en kleinbedrijf, de verzekeraars en de assurantieadviseurs. De ondertekenaars roepen het kabinet op pas te beslissen in 2003 wanneer bekend is hoe de zogenaamde levensloopregeling (even uit de werksleur) vorm krijgt. Hoewel die verlofknip niets te maken heeft met pensioen en geen alternatief is voor de wegvallende spaarregeling en de lijfrenteaftrek.

Als het kabinet onder druk van de gewijzigde omstandigheden zo'n uitstel accepteert, ontstaat een vreemde situatie. De partijen hebben immers belang bij het traineren van de nieuwe verlofregeling, want dan blijft de spaarloonregeling doorlopen. En zo'n uitstel is jammer, want er bestaat langzamerhand een ondoorzichtig woud van verlofregelingen en financiële regelingen om het gemis aan inkomen te compenseren.

Veel besproken is het verlofsparen uit loon. Je legt via je baas elk jaar maximaal 10 procent loon opzij om er jaren later een jaar (of minder) tussenuit te kunnen knijpen. Dan loopt je inkomen door ten laste van dat verlofpotje, maar houdt je baas de belasting en premies alsnog in. Op papier lijkt dat interessant, maar je bent wel aan je werkgever gebonden, je moet het geld maar over hebben en het is alleen voor werknemers en niet voor allerlei volk dat voor zichzelf werkt.

Kortom, er kleven bezwaren aan die verlofregelingen. Het is te brokkelig en onoverzichtelijk. Er moet één fiscaal-vriendelijke regeling komen voor werknemers en niet-werknemers, waarmee ze belangrijke persoonlijke doeleinden kunnen realiseren, zoals lang verlof, een eigen huis, eerder stoppen met werken, pensioen(aanvulling), studiekosten voor de kinderen, een eigen zaak enzovoort.

Zo'n opzet lijkt op de Levensreserve, een financiële strategie die meer dan eens in deze rubriek is beschreven. De essentie ervan is dat je elke maand een vast bedrag (liefst) in aandelen stopt. En omdat (goede) aandelen op lange termijn meer opleveren dan andere beleggingen en besparingen (behalve misschien het eigen huis) kan het saldo snel oplopen, hoewel dat in deze barre beurstijden amper voorstelbaar is. Sparen kan ook, maar dat schiet niet op. Dit kan iedereen voor zich en op eigen houtje doen.

Maar tot nu toe gaat het aanleggen van zo'n reserve zonder fiscale hulp van de overheid. Weliswaar zijn de koerswinst op aandelen en de dividenden belastingvrij, maar de reserve valt in box 3 en dus betaal je 1,2 procent heffing over het saldo. Volledig onbelast is het dus niet.

Wat kan de overheid hier aan veranderen en verbeteren? De Levensreserve moet een officiële fiscale status krijgen, als levensloopregeling, wat het in feite is. Bijvoorbeeld een vrijstelling van heffing in box 3 en een voor iedereen gelijke maximale heffingskorting voor de jaarlijkse inleg. Dat kost de overheid minder belasting dan de spaarloonregeling die vooral de hogere inkomens bevoordeelt.

Maar met belastingvoordelen alleen ben je er nog niet, want bijvoorbeeld een jaar er tussenuit op kosten van je Levensreserve heeft gevolgen voor de sociale en werknemersverzekeringen. Daar kunnen de verzekeraars (en banken) iets voor bedenken. Die kunnen bovendien met hun kennis en ervaring een passende opzet voor de Levensreserve bedenken in plaats van te blijven mekkeren over het spaarloon en de lijfrenteaftrek. Misschien dat het administratieve apparaat bij werkgevers, banken en verzekeraars eenvoudig omgebouwd kan worden. Dan gaat de spaarloonregeling bijna geruisloos over in de Levensreserve.

    • Adriaan Hiele