ANDERHALVE KM DIEPE GRAND CANYON WORDT SNELLER DIEPER

De Grand Canyon, ook wel het achtste wereldwonder genoemd, dankt zijn ontstaan aan de insnijding door de Colorado River van een plateau dat hoog is opgeheven; hoe lang die opheffing heeft geduurd, en hoe snel die is gegaan, was lange tijd een punt van verhitte discussies. Die konden voortduren bij gebrek aan methoden om dat vast te stellen. Nu is vastgesteld dat de opheffing niet alleen nog steeds doorgaat, maar dat dat ook steeds sneller gebeurt. Dat hebben drie Amerikaanse aardwetenschappers kunnen berekenen op basis van een nieuw door hen ontwikkelde techniek (Geology, sept): ze maten de snelheid waarmee het Colorado Plateau werd opgeheven gedurende de loop van dit proces op basis van de kleine holtes (`blaasjes') die voorkomen in bazaltuitvloeiingen.

`Blaasjes' komen veelvuldig in basalten voor. De lucht die ze bevatten representeert de lucht met al zijn karakteristieken ten tijde van en op de plaats van hun ontstaan. Dat betekent dat de luchtdruk in de blaasjes binnen een lavastroom verschilt: de luchtdruk aan de bovenkant van de lavastroom verschilt van die onderaan. Hoeveel die luchtdruk verschilt hangt af van twee factoren: de luchtdruk die destijds ter plaatse heerste (die luchtdruk is vooral afhankelijk van de topografische hoogte) en van de dikte van de lavastroom. Die laatste kan worden gemeten in het veld.

Door de vastgestelde waarden voor de luchtdruk in de blaasjes te corrigeren voor de plaats binnen het bazaltpakket en voor de dikte daarvan kan ondubbelzinnig een beeld worden verkregen van de luchtdruk die heerste tijdens de basaltuitvloeiingen, en dus van de topografische hoogte waarop dat gebeurde (tijdelijke verschillen in luchtdruk die samenhangen met weerscondities oefenen nauwelijks invloed uit). Doordat er op tal van plaatsen, maar vooral aan de rand van het plateau, en op tal van niveaus binnen het gesteentepakket basalten voorkomen, kregen de onderzoekers een goed beeld van de opheffing van het plateau in de loop der tijd.

Momenteel is het plateau, afhankelijk van de plaats, 1,7 tot 3,3 km opgeheven. Die opheffing moet zo'n 25 miljoen jaar geleden zijn begonnen. Zij vond vanaf dat moment tot ca. 5 miljoen jaar geleden plaats met een gemiddelde snelheid van ongeveer 40 m per miljoen jaar. Dat komt overeen met een totale opheffing van ongeveer 800 meter. Daarna ging de opheffing veel sneller: in de laatste 5 miljoen jaar bedroeg die ca. 1100 meter, wat overeenkomt met een gemiddelde opheffing van 220 meter per miljoen jaar.

Dit betekent dat de Colorado River steeds krachtiger moet eroderen om de versnelde opheffing bij te benen. De nu reeds ruim anderhalve kilometer diepe Grand Canyon zal daarom in (geologisch gezien) rap tempo dieper worden.

    • A.J. van Loon