`Europese biotechnologie raakt ver achterop'

De Europese biotechnologie dreigt verder achter te raken op die van de Verenigde Staten. Terwijl landen als Brazilië en China met een inhaalrace bezig zijn. ,,Universiteiten en bedrijven zijn hier nog veel te vaak vijanden van elkaar.''

Waarom duurt het toch zo lang voordat de Europese politiek een standpunt inneemt over gmo-voedsel (voedingsmiddelen die met behulp van genetisch gemodificeerde organismen zijn gemaakt)? F. Sijbesma, de nieuwe voorzitter van de belangenorganisaties voor Europese biotechnologiebedrijven, vraagt het zich af.

Hij is bestuurslid van het Nederlandse chemieconcern DSM en sinds vorige week de nieuwe voorzitter van EuropaBio, de organisatie die de belangen van ruim 1200 Europese biotechnologiebedrijven behartigt. Zo konden de landbouwministers van de Europese Unie het deze week weer niet eens worden over nieuwe regels omtrent het etiketteren en traceren van gmo's. Sommige lidstaten wilden nog strengere regels dan er nu al zijn voorgesteld. Ook het Europees Parlement wil dat. Sijbesma begrijpt het niet. Volgens hem zijn er inmiddels 85 studies waaruit blijkt dat gmo-voedsel niet schadelijker is dan normaal voedsel, zowel voor de consument als voor het milieu. ,,Als gmo-voedsel inderdaad gevaar oplevert moeten we er gewoon mee stoppen'', zegt hij. ,,Maar als het veilig blijkt - en ik zie geen reden om daaraan te twijfelen - dan moeten we ophouden om er zo'n issue van te maken.''

Het probleem ligt sowieso niet bij gmo's, zegt Sijbesma. ,,Verreweg het grootste gevaar van voedsel is dat we er veel te veel van innemen.'' De ziektes die met zwaarlijvigheid samenhangen kosten de staat vele miljoenen euro's.

Mocht de commissie de strengere regels overnemen, dan betekent dat een klap voor de agrarische biotechnologie in Europa. ,,Het traceren en verwerken van gmo's wordt dan dermate complex en duur, dat geen enkel bedrijf er meer aan zal beginnen'', zegt hij. Het zal de ontwikkelingen in Europa voor jaren achterstellen.

En we lopen al zoveel achter op de Verenigde Staten. Volgens Sijbesma gaan de ontwikkelingen daar al minstens vijftien jaar sneller. Niet alleen op agrarisch, maar ook op medisch gebied. Het aantal bedrijven groeit harder.

Hetzelfde geldt voor het totaal aan investeringen en het aantal toegekende patenten. ,,De Europese Unie heeft twee jaar geleden gesteld dat ze in 2010 op een aantal gebieden marktleider wil zijn in de wereld. Biotechnologie zou een van die gebieden moeten zijn.'' In de komende zeven jaar zal er dus nog veel moeten gebeuren.

Misschien dat Europa in het stamcelonderzoek een voorsprong kan nemen. Met stamcellen zouden op termijn wellicht ziektes als kanker, diabetes en de ziekte van Alzheimer behandeld kunnen worden. De Europese Commissie besloot begin deze maand dat onderzoek aan stamcellen mogelijk moet zijn met Europees geld. De Verenigde Staten zijn daarin conservatiever.

Toch is Sijbesma terughoudend. ,,Je komt in een ethisch grijs gebied terecht'', zegt hij. ,,Ik ben in ieder geval niet voor het klonen van mensen. Maar het onderzoek gaat ondertussen wel gewoon door. De politiek moet duidelijk aangeven: dit mag wel, en dat niet.''

Europa blijft volgens Sijbesma te versnipperd. Veel nationale subsidies houden bij de eigen landsgrens op, terwijl wetenschappelijk onderzoek steeds internationaler wordt. Het oprichten van biotech-regio's duurt lang. In Amerika gaat dat veel sneller. ,,Bovendien zijn universiteiten en bedrijven daar geen vijanden, zoals in Europa nog wel eens het geval is.''

Andere landen zijn inmiddels met een biotechnologische inhaalrace bezig. Brazilië timmert stevig aan de weg. En met name China gaat nu keihard, zeker op het gebied van gmo's. Twee jaar geleden sprak Sijbesma met de toenmalige Chinese minister van technologie. Ze vertelde hem dat de Chinese overheid de Europese discussie over gmo's met interesse volgde. Om vervolgens op te merken dat China er maar een beperkte boodschap aan heeft.

Sijbesma zegt dat zijn organisatie de consument al jaren probeert in te lichten over de voordelen van gmo's. ,,Maar we gaan daarbij veel te genuanceerd te werk. '' Vervolgens komt Greenpeace met de term Frankenstein-food, en dat geeft dan weer onnodig veel onrust. ,,Hun boodschap is volstrekt onjuist, maar verkoopt wel. Twee instanties zijn daar erg gevoelig voor. De politiek en de levensmiddelenbedrijven.''

    • Marcel aan de Brugh