Commercie leidt tot juridisering van sportwereld

Informatieverstrekking in de sportwereld wordt wegens de grote commerciële belangen steeds strakker geregisseerd. Wie mag er filmen in een stadion? En mag een voetballer een biografie schrijven?

Vooral ingegeven door commerciële belangen wordt de overdracht van informatie in de sport almaar strakker geregisseerd. Op het speelveld waar privaatrechtelijke belangen botsen met het recht op vrije nieuwsgaring moeten juristen steeds vaker piketpaaltjes slaan. Dat bleek gistermiddag in Den Haag bij de lezing `Sportinformatie en nieuwe media: juridische aspecten' in het T.M.C. Asser Instituut, een instelling voor internationaal recht.

Conflicten tussen de sportwereld en de media over het vrije woord zijn allesbehalve nieuw. Maar het aantal meningsverschillen neemt zienderogen toe, terwijl de strijd verhardt. De inleiders Bertjan van den Akker en Annette Mak, juristen van het advocatenbureau CMS Sterks Star Busmann, konden voor een dertigtal toehoorders hun verhaal moeiteloos aan de hand van recente voorbeelden ophangen.

Een greep uit de actualiteit: voetbalclub Manchester United heeft na ontboezemingen van Jaap Stam en Roy Keane spelers verboden biografieën te schrijven. De Italiaanse publieke omroep RAI heeft voor dit seizoen de rechten van het Italiaanse competitievoetbal gekocht, maar moest twee weken wachten met uitzenden omdat de clubs in conflict waren gekomen over de verdeling van de televisiegelden. Trainer Louis van Gaal laat bij Barcelona geen pers meer toe bij de trainingen, nadat ruzies met de Argentijnse voetballers Riquelme en Rochemback uitvoerig in de media waren belicht. En de Belgen bleven afgelopen week verstoken van rechtstreekse televisieuitzendingen van een kwalificatiewedstrijd van hun nationale voetbalploeg voor het Europees kampioenschap van 2004, omdat geen van de zenders de hoge uitzendrechten wilde betalen.

Hét voorbeeld van geregisseerde informatie komt van Feyenoord. Sinds de rechter heeft bepaald dat de uitzendrechten van een wedstrijd niet toebehoren aan de voetbalbond maar aan de thuisspelende club, biedt Feyenoord een omvangrijk pakket met zelf samengestelde informatie aan. Dat varieert van de uitgave van een eigen krant tot het aanbieden van beelden met interviews van spelers. Vorige maand, tijdens de Champions League-wedstrijd tegen Juventus, werd een Italiaanse zender verboden opnamen te maken in De Kuip, maar kon het door Feyenoord gemaakte opnamen kopen. Dat leidde tot scherpe protesten, onder meer van de Nederlands Vereniging van Journalisten (NVJ).

Het probleem voor juristen is volgens Van den Akker dat er geen sportrecht als zodanig bestaat. Houvast moet gezocht worden bij het auteursrecht, merkenrecht, portretrecht, databankrecht of jurisprudentie in het buitenland. Van den Akker meent dat de situatie in Nederland wordt verzwakt doordat in tegenstelling tot bijvoorbeeld Duitsland het `recht op het ontvangen van informatie' niet in de grondwet is vastgelegd. Een zwaktebod, oordeelt de jurist, die meent dat daarmee de waakhondfunctie van de pers wordt ondermijnd.

De gespannen verhoudingen tussen verkochte uitzendrechten en vrije nieuwsgaring openbaren zich het sterkst als derden op originele wijze de informatie van een wedstrijd via andere kanalen dan de verkochte televisiebeelden openbaar maken. Volgens Mak biedt in die gevallen het auteursrecht uitkomst.

Zij verwees naar een zaak in de Verenigde Staten, waar de professionale basketbalorganisatie NBA het recht op exclusiviteit van wedstrijdbeelden claimde. Het verbod van de rechter was gebaseerd op het oorspronkelijkheidsbeginsel, op grond waarvan de rechten van een toneelstuk wel worden beschermd, maar niet die van een sportwedstrijd. Volgens Mak biedt die uitspraak elke omroep de gelegenheid opnamen te maken in een stadion.

Tijdens de afsluitende discussie bleek dat in de sport in toenemende mate strijd wordt geleverd om het merkenrecht. Vooral de sportkoepel NOC*NSF moet zich steeds vaker wapenen tegen misbruik van de geregistreerde benaming `olympisch'. Sponsors van sportbonden worden origineler in het vinden van constructies waarmee ze zich kunnen identificeren met de Olympische Spelen. NOC*NSF heeft het beeld- en naammerk echter exclusief gereserveerd voor zijn negen hoofdsponsors en wordt als het om misbruik gaat scherp gecontroleerd door het Internationaal Olympisch Comité (IOC). Om uitwassen in te dammen is de nationale sportkoepel druk doende de rechten en plichten voor gebruik van naam en logo op schrift te stellen.

Vervelende ervaringen had NOC*NSF tijdens de Olympische Winterspelen, afgelopen winter in de Amerikaanse stad Salt Lake City. De sportkoepel was not amused toen sponsors van schaatsploegen bewust de grenzen van de reclameregels zochten door relaties met petjes en T-shirts in de schaatshal te laten plaatsnemen of zich te afficheren met medaillewinnaars in krantenadvertenties. De geldschieters lieten toen openlijk weten moeite te hebben alle rechten tijdens de Olympische Spelen uit handen te moeten geven, terwijl zij de schaatsers onder contract hebben.

    • Henk Stouwdam