Bomhoff: `Ik was alleen hypothetisch ongerust'

Ex-minister Bomhoff hééft helemaal niet gevraagd om politiebescherming met het oog op naderend ontslag van zijn collega Heinsbroek, met wie hij ruzie had. En minister Remkes die gisteren beweerde van wel ,,is niet in zijn eerste leugen gestikt''.

,,Ik heb géén brief aan de politie geschreven waarin ik vraag een analyse van mijn veiligheidssituatie te maken voor het geval Herman Heinsbroek zou aftreden. Dat is apert onjuist.'' Aan de telefoon: ex-vice-premier Eduard Bomhoff. Onderwerp: zijn particuliere veiligheid. Te midden van de broedertwist met Heinsbroek, de implosie van de LPF en de val van het kabinet, is er immers ook het bericht dat hij vorige week per brief een politie-analyse van zijn veiligheid vroeg indien partijgenoot Heinsbroek zou aftreden.

Hebt u gezien dat minister Remkes van Binnenlandse Zaken het gisteren in Netwerk bevestigde?

,,Ik heb geen tv, dus dat is mij ontgaan. Maar als hij met zo'n brief op de proppen kan komen, krijgt hij duizend gulden van mij. Dat zal hem niet lukken. Hij is trouwens niet in zijn eerste leugen gestikt.''

U bent nooit over uw veiligheid begonnen?

,,Jawel. Ruim twee weken geleden, rond 2 oktober, heb ik de plaatsvervangend secretaris-generaal van mijn ministerie verteld dat mijn vrouw en ik zich konden voorstellen dat onze veiligheid in het geding kwam zodra Heinsbroek zou aftreden en hij mij daarvan de schuld zou geven. Met zijn aftreden werd toen al in een brede kring – in het kabinet en de coalitiepartijen – rekening gehouden. Het idee was: deze man maakt nog genoeg fouten, en dan wordt zijn aftreden vanzelf onvermijdelijk.''

U vreesde dat Heinsbroek publiekelijk zou zeggen: Bomhoff is de Brutus?

,,Ik was alleen hypothetisch ongerust. Maar ik kon mij voorstellen dat bewonderaars van Heinsbroek bij mij verhaal zouden halen. Daarom heb ik het aangemeld bij de topambtenaar, die het bericht aan de politie overbracht. Ik deed dat overigens ook omdat we een paar maanden geleden wel zes van die politiemensen over de vloer hebben gehad, die allemaal zeiden: zodra u het idee hebt dat uw veiligheid in het geding is, moet u ons onmiddellijk inschakelen.

,,Na de melding is een agent van de KLPD bij mij thuis langsgekomen. Van mijn vrouw en mij hoefde dat helemaal niet. Maar hij stond erop. Nou goed, zodoende heeft hij een kwartiertje een kopje koffie bij ons gedronken. Ik heb hem mijn verhaal gegeven. We kwamen tot de conclusie dat er vooralsnog geen reden tot ongerustheid was. Ik heb die man ook nog gezegd dat hij het niet aan de grote klok hoefde te hangen.''

Hoe kwam het daar toch terecht?

,,Afgelopen maandag was er Torentjesoverleg met Jan Peter Balkenende en Remkes. Daarin sprak Jan Peter mij aan op een brief die ik aan de politie zou hebben geschreven. Er zou in staan dat Jan Peter van plan was Heinsbroek te ontslaan. Ik zeg: `Jan Peter, dat is onzin!'

,,Er ontstond een ongemakkelijke situatie. Jan Peter vroeg mij te ontkennen. Ik zei: `Jan Peter, ik hoef toch niet álles te ontkennen wat ik nooit heb gedaan?' Ik heb uiteengezet dat die meneer van de politie de zaak veel belangrijker had gemaakt dan hij was. En dat ik zoiets natuurlijk nooit gezegd kón hebben, aangezien een premier niet zomaar een minister kan ontslaan. Maar Jan Peter bleef bij zijn punt. Hij had een proces-verbaal van die agent waarin stond dat ik dat gezegd had. Ik heb nog gesuggereerd de onjuiste passages door te krassen en er mijn paraaf bij te zetten. Niet voldoende, vond Jan Peter. Hij eiste dat ik het in een brief zou rechtzetten. En hij eiste een afschrift aan Remkes. Teruggekomen op het departement heb ik toch maar een briefje gedicteerd. Zoiets als: `Beste Jan Peter, hierbij bevestig ik nooit met de politie te hebben besproken dat jij het voornemen zou hebben minister Heinsbroek te ontslaan. En als je dat nodig vindt moet je Remkes maar op de hoogte stellen.',,Dat was dan weer dat. Totdat ik gisteren vernam dat minister Remkes vertelt dat er een brief van mij aan de politie is waarin ik mijn veiligheid in verband breng met een mogelijk vertrek van Heinsbroek. Zo'n brief is er dus niet. Maar de laatste tijd zijn er zoveel onzinverhalen die pootjes hebben gekregen.''