Altijd te laat voor de aanslag

`Ongeveer een jaar is voorbijgegaan sinds het begin van de Amerikaanse kruistocht die is uitgeroepen door de Amerikaanse president, waarin hij een internationale coalitie leidde die meer dan negentig landen tegen Afghanistan omvatte. Amerika bereidt nu een nieuwe fase voor in zijn kruistocht tegen de islamitische wereld, dit keer tegen het islamitische Iraakse volk, ter verwezenlijking van zijn plan om de [islamitische] natie te verdelen en te breken, haar rijkdommen te roven en de weg te bereiden voor een Groot-Israël na verdrijving van de Palestijnen.'

Zo begint de tekst van een nieuwe aan Osama bin Laden toegeschreven boodschap die begin deze week door twee moslimfundamentalistische websites en de Arabische zender Al-Jazira werd gepubliceerd. Die campagne tegen de terreur van Al-Qaeda en zijn Afghaanse beschermheren heeft gefaald, aldus de boodschap. Is Afghanistan verenigd en stabiel? Nee, het is versnipperd en onveilig en de opiumproductie is groter dan ooit. Is het terrorisme voorbij? Prijzend wordt melding gemaakt van twee recente aanslagen door Al-Qaeda, die op een Franse tanker voor de kust van Jemen, `levensader van de kruisvaardersnatie', en op een Amerikaanse soldaten in Koeweit.

De verwoestende aanslag op een discotheek op Bali, op 12 oktober, ontbreekt opvallend. De verklaring kan zijn dat de boodschap vóór de aanslag werd opgesteld. Maar verdere `operaties' worden aangekondigd: `Wij gaan door op dezelfde weg [...] Wij hernieuwen onze belofte aan God en de natie en herhalen ons dreigement tegen de Amerikanen en de joden die noch vrede noch veiligheid zullen kennen zolang zij hun agressie tegen ons niet hebben gestaakt.'

Het is natuurlijk niet honderd procent zeker dat de boodschap inderdaad van Bin Laden zelf afkomstig is, hoewel Al-Jazira meldt dat de gefaxte verklaring zijn handtekening draagt en de toon karakteristiek is. Niemand weet zeker of hij nog leeft of dood is, bezweken aan de nierziekte waaraan hij zou lijden of bij de bombardementen in het Afghaanse Tora Bora. Een enkele dagen eerder door huiszender Al-Jazira uitgezonden geluidsband waarop Bin Laden eveneens met verdere actie dreigt, is volgens de Amerikaanse FBI authentiek. Maar die tekst verwijst weer niet naar specifieke recente gebeurtenissen en geeft dus geen aanwijzing over het tijdstip waarop deze is ingesproken.

Hoe dan ook spoort de inhoud van de boodschap met de huidige situatie in de als ultiem aangekondigde oorlog tegen het terrorisme. De Talibaan zijn van de macht verdreven, maar het bewind van president Hamid Karzai dat in hun plaats kwam, heeft op zijn best een wankele greep op het land. Op de Amerikaanse hitlijst heeft intussen Saddam Hussein de eerste plaats overgenomen van Bin Laden: zijn verborgen massa-vernietigingswapens vinden de Amerikaanse leiders een grotere bedreiging dan Bin Laden en zijn islamitische terroristen. En profiterend van de Amerikaanse fixatie op Irak heeft Al-Qaeda zich volledig teruggevochten, zoals de aanslagen van de laatste weken bewijzen.

Deze inleiding is bedoeld om aan te geven dat het voor de afzienbare toekomst een zeer ondankbare taak is om een nieuw boek te schrijven over Al-Qaeda en Osama bin Laden. Een auteur wordt onvermijdelijk, zodra hij klaar is, door de feiten voorbijgesneld: nieuwe arrestaties, terreurdaden, interpretaties. De eerste boeken over Al-Qaeda en Bin Laden voorzagen in een brede behoefte aan informatie na de aanslagen van 11 september 2001 in New York en Washington over de achtergronden van moslimterrorisme en zijn inspiratiebronnen. Maar daarover is inmiddels al het een en ander geschreven.

Twee recente boeken, Al-Qaeda door BBC-televisiejournaliste Jane Corbin en Inside Al-Qaeda door Rohan Gunaratna, onderzoeker bij het Centrum voor de Studie naar Terrorisme en Politiek Geweld van de Schotse Universiteit van St. Andrews, bevestigen deze stelling. Jane Corbin heeft de loopbaan van Bin Laden, de geboorte van Al-Qaeda en de opmaat naar en follow-up van 11 september netjes op een rij gezet, gelardeerd met reportage en interviews. Maar de aandachtige krantenlezer biedt zij nauwelijks nieuws: die weet wel van ideoloog Abdullah Azzam, van de eerdere Al-Qaeda aanslagen en de reizen van Mohammed Atta.

Veel pretentieuzer is het zeer gedetailleerde boek van Rohan Gunaratna. Het heet `het definitieve boek over Al-Qaeda', van de auteur van zes eerdere boeken over gewapende conflicten en `gebaseerd op vijf jaar research', en ook nog vol onthullingen, zo wordt onderstreept. Wat zijn dat voor onthullingen? Hoe Al-Qaeda van plan was om op 1 september het Britse parlement op te blazen, is er één. Een andere: dat Iran de sponsor van Al-Qaeda is, en dat Al-Qaeda, in het verlengde daarvan, banden onderhoudt met Hezbollah. En nog wat kleinere nieuwtjes: zo was Bin Laden de kwade genius achter het opblazen van de antieke Boeddhabeelden in Afghanistan door de Talibaan.

De onthulling over het Britse parlement is de zaak-Mohammed Afroz. Deze Indiër werd in oktober gearresteerd, en bekende vervolgens voor de rechtbank van Bombay als lid van Al-Qaeda met een eigen eenheid terroristen een vliegtuig van Londen naar Manchester te hebben willen kapen en op het Britse parlement te laten neerstorten, op 11 september. Er waren ook nog wat plannen met de Tower en de Theems. Het was op een haar na mislukt, schrijft Gunaratna, en een heel ernstige zaak.

De Britse veiligheidsdiensten namen de bekentenissen van Afroz echter met een korrel zout – en de Indiase uiteindelijk ook. Inmiddels is Afroz op een borgtocht van 2.000 dollar vrijgelaten, heeft hij vernietiging van zijn bekentenis geeist en van de Indiase politie en overheid wenst hij een schadevergoeding van twee miljoen dollar wegens smaad te ontvangen. Wat betreft Iran en Hezbollah: dergelijke beschuldigingen zijn geregeld gedaan van Israëlische zijde, maar tot dusverre niet bewezen. Een speurtocht naar Gunaratna's bronnen levert evenmin iets bruikbaars op. Toch is zijn Inside Al Qaeda, in tegenstelling tot het boek van Corbin, op andere punten vrij ruim van noten voorzien. Al-Qaeda's ideologie overlapt de tegenstelling tussen shi'iten (Iran) en sunniten (Al-Qaeda), schrijft hij; de `gevaarlijkste terreurgroepen ter wereld' hebben zich met elkaar verbonden. Als dat zo is, had hij daaraan dan niet meer dan die paar welhaast achteloze passages moeten wijden? Als schrijvers van boeken over Al-Qaeda zich nu eens op echt nieuws zouden concentreren?

Rohan Gunaratna: Inside Al-Qaeda, global network of terror. Hurst & Company, 272 blz. €24,25

Jane Corbin: Al-Qaeda. Het terreurnetwerk van Osama bin Laden. Mets & Schilt, 285 blz. €20,–

    • Carolien Roelants