`Uitbreiding is in hun en ons belang'

Nederland weet nog niet of het moet instemmen met de uitbreiding van de EU met tien landen ineens. Europa-kenner Jacques Pelkmans vindt van wel.

De omschakeling van de vroegere communistische totalitaire staten in Oost-Europa naar democratische markteconomieën is een ,,formidabel succes''. Vijf jaar geleden waren deze landen nog lang niet klaar om lid te worden van de Europese Unie. Maar ze hebben allemaal een geweldige inhaalslag geleverd waardoor ze nagenoeg allemaal aan de voorwaarden van Brussel voldoen. ,,We zijn allang verloofd. Waarom zou de Europese Unie deze landen onnodig desavoueren?''

Jacques Pelkmans, econoom aan het Europa College in Brussel en lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in Den Haag, windt er geen doekjes om. Het moet maar eens duidelijk gezegd worden, vindt hij. ,,De voormalige landen van het Oostblok hebben de afgelopen jaren economisch en politiek geweldige inspanningen geleverd.'' Ze beginnen hun achterstand op het westen in te lopen. Met dat perspectief moet je deze landen beoordelen. Het is nog onvoldoende. ,,Maar ik ben redelijk tevreden'', zegt Pelkmans (56).

Ondanks de val van het kabinet gaat het debat in Nederland over de uitbreiding van Europa met de tien nieuwkomers door. Volgende week, op 24 en 25 oktober, willen de vijftien regeringsleiders van de Europese Unie in principe een knoop doorhakken over toetreding van de kandidaat-leden per 2004. Alle tien – Polen, de Tsjechische Republiek, Slowakije, Slovenië, Hongarije, Estland, Letland, Litouwen, Cyprus en Malta – in één keer. De VVD, LPF en delen van het CDA hebben echter ernstige bezwaren tegen het collectief toelaten van alle tien. Landen als Polen en Tsjechië zouden onvoldoende voor de EU zijn uitgerust. Nog te weinig economische hervormingen, nog te veel corruptie.

Europakenner Pelkmans vindt dat in de losgebarsten discussie ook eens naar de zegeningen moet worden gekeken. Toen Spanje (1986) en Griekenland (1981) tot de EU werden toegelaten waren ook sceptische geluiden hoorbaar. En wie hoort nu tot de snelste economische groeiers in de Unie? Griekenland, zegt Pelkmans, met een geschatte groei van 4,5 procent in dit jaar. Dat geldt ook voor Roemenië. De deelname van Spanje is politiek en economisch een succes. De handel is verveelvoudigd, de staat heeft schulden verminderd en de werkloosheid daalt dusdanig, dat de migratie van Spaanse arbeidskrachten aanzienlijk is afgenomen. Ook landen als Hongarije en Estland kennen een groei van gemiddeld 4 tot 4,5 procent.

,,Uiteraard is het legitiem kritische vragen te stellen over de corruptie, over de bewaking van de buitengrenzen van de EU in verband met illegale vluchtelingen of over de mate waarin Polen economische hervormingen doorvoert'', zegt Pelkmans. ,,We kunnen in de EU geen kneusjes gebruiken.''

Pelkmans nam de afgelopen jaren deel aan talrijke projecten en cursussen in Oost-Europa om te helpen bij het radicale transformatieproces. Vele duizenden West-Europeanen zijn door de Europese Commissie, de lidstaten van de EU en universiteiten naar het oosten gestuurd om deze landen te ondersteunen bij de uitvoering van de hele rataplan aan Europese wetgeving waaraan ze moeten voldoen om lid te worden.

Milieuwetgeving is ingevoerd voor zuiver drinkwater, staatssteun aan traditionele industrieën als kolen en staal is teruggebracht, een overvloed aan juridische maatregelen is genomen om een rechtsstaat, een civil society, te ontwikkelen. Boeren, van Polen tot Slovenië, moeten ervoor zorgen dat hun abattoirs worden gemoderniseerd volgens de Europese maatstaven voor milieu en gezondheid.

Sommige maatregelen eisen ook hun tol. Net als in de voormalige DDR gaat de privatisering ook hier gepaard met werkloosheid. De invoering van indirecte belastingen zoals de BTW heeft de prijs van sigaretten in sommige landen verdubbeld.

,,De dwang tot invoering van Europese wetgeving heeft heilzaam gewerkt'', stelt Pelkmans vast. Landen in Oost-Europa krijgen vertrouwen van investeerders, die liever geld steken in kandidaat-leden van de EU dan in landen die geen kandidaat zijn. Reden waarom de WRR in een rapport aan de regering vorig jaar (Naar een Europabrede Unie), waarvan Pelkmans projectleider was, het lidmaatschap van de Oost-Europese nieuwkomers tot de Europese Unie verantwoord noemde – mits ze zich aan de gestelde voorwaarden houden.

De belangrijkste reden om tot uitbreiding van de Unie te besluiten zijn echter politiek. Begin jaren negentig, enkele jaren na de val van de Berlijnse Muur, waren deze landen instabiel en bijzonder armoedig. ,,Toen ze het lidmaatschap van de EU aanvroegen hadden ze alle belang bij een politiek perspectief, bij een helder baken in het ingrijpende omwentelingsproces'', zegt Pelkmans, ,,zodat mogelijke dubieuze opposanten die roet in democratiseringsproces probeerden te gooien, geen kans kregen.''

Ook wil hij niet verhullen dat de nieuwkomers arme sloebers zijn, die de Europese Unie meer geld gaan kosten. Ongeveer 20 miljard in 2004, het jaar van toetreding, zijn de schattingen. Het huidige EU-budget bedraagt zo'n 100 miljard euro. Maar als de contributie wordt verrekend, komen de kosten op 6 à 7 miljard.

Nieuwe leden kunnen ook gebruik maken van de structuurfondsen voor arme gebieden en van landbouwsubsidies. Daardoor zal de Nederlandse afdracht aan de Unie stijgen, van 5,5 miljard in 2003 naar 8 miljard in 2013. Nu nog zouden de Oost-Europese landen slechts 5 procent van het bruto binnenlands product van de uitgebreide EU vormen. Maar hun lidmaatschap leidt onmiskenbaar tot meer handel, meer economische groei en stijging van de welvaart. ,,Inhaalgroei over twintig jaren is dé sleutel van de uitbreiding'', zegt Pelkmans, ,,in hun en ons belang.''

    • Michèle de Waard