KOST EN INWONING

't Is misschien onrechtvaardig zomaar een goedbedoeld gedicht van het internet te plukken, terwijl dit soort poëzieloze poëzie net zo goed in bundels woekert. Maar bij een algemeen probleem past een anoniem voorbeeld. Het probleem is het vrije vers. Een vrij vers betekent niet dat de dichter aan niets is gebonden. Het vrije vers kent alleen andere vormen dan eindrijm en een gelijk aantal lettergrepen per regel. Misschien ontstond het vrije vers ooit uit verzet tegen te mechanische rijmelarij en te strakke lettergrepentellerij, maar in de moderne poëzie is het rijmende, solide ogende gedicht gewoon een variant van het vrije vers geworden. Structuur blijft de ziel van het gedicht, al uit die structuur zich nu op meer manieren dan vroeger denkbaar en realiseerbaar was. Een vrij vers blijft uiteindelijk een gebonden vers door klankwisselingen, metrische verrassingen of binnenrijmen.

Er is daarnaast een speciaal soort vrij vers ontstaan, poëzie die alleen lijkt op poëzie, en die voor de leek moeilijk valt te ontmaskeren omdat vrijheid zoveel meer vormen kent dan beperking. 't Is makkelijker voor een literaire charlatan een non-gedicht op een vrij vers te laten lijken dan het voor een valsemunter is een zelfgemaakt bankbiljet te laten lijken op een echt.

Valse poëzie wordt in grote hoeveelheden aangemaakt. In stukken geknipte mededelingen die de plaats zijn gaan innemen van ontboezemingen. Uitgesmeerd proza dat een vervanging is gaan vormen van mededelingen in telegramstijl. In de achttiende en negentiende eeuw had je in de poëzie talloze ontboezemingen en klachten, maar welke poëtische vernieuwer of hemelbestormer aan het begin van de twintigste eeuw had ooit kunnen voorspellen dat het vrije vers zou worden misbruikt voor zoveel lief-dagboekachtige snikken?

Valsemunters in de poëzie zijn legio. Waartoe dienen de vermommingen van het vrije vers allemaal niet?

Voor bespiegelingen die je vroeger tegenkwam op de scheurkalender. Voor mededelingen die ooit op ludieke wijze het prikbord sierden. Voor wijsheden, al dan niet verpakt in een anekdote. Een grappige vergelijking, een spreekwoordelijke inval, klaar is Kees. In veel vrije poëzie lijkt het kwijnende genre van het aforisme aan een opleving te zijn begonnen.

Onuitroeibaar is het misverstand dat een knappe formulering, een diepe gedachte of een doorvoeld verdriet wel iets met poëzie te maken zullen hebben. Vaak is de formulering ook nog maar zo-zo, de gedachte niet al te diep en het verdriet vrij banaal. Het vrije vers biedt de mogelijkheid materiaal dat te kort is voor een brief of verhaaltje snel en overzichtelijk te poneren.

Dat maakt er nog geen poëzie van. De vrije vorm leidt de mensen om de tuin. Hoeveel lezers zullen niet bereid zijn bijgaande regels voor poëzie aan te zien? Voor slechte poëzie misschien, maar toch. Men zal zich wellicht storen aan nietszeggende woorden als eenzaamheid en gebroken hart (zelfs in bijzondere woorden schept deze aspirant-dichter geen plezier), maar het blijft een gedicht. Zelfs lezers die niet in de val trappen dat hartenkreten als vanzelf poëzie moeten opleveren, zullen zich laten misleiden door de vorm. Met het vrije vers kun je iedereen makkelijk foppen.

Dit soort vrije verzen zijn een plaag. Het simpelste kinderrijmpje bezit meer structuur. Een gedicht is effectbejag, gebaseerd op structuur, niet op het hart.

Op de markt van het vrije vers zijn meer oplichters actief dan je zou vermoeden. Dichters van naam en faam bevinden zich daaronder. Ik besef dat wijzen op misbruik van poëzie iets is als wijzen op misbruik van slagroomtaart, wie er niet van eet heeft er ook geen last van, maar toch het vrije vers blijkt nog geschikter voor lulkoek dan het gebonden vers.

Leegte is als voorbeeld nogal evident. Bedrieglijker wordt namaakpoëzie als het om sympathieke gedachten gaat en amusante observaties. Gevoelsuitstortingen herken je sneller als fake dan de relativerende mijmering of de aforistische uitsmijter.

Leegte komt uit een gedichtenreservoir op internet, geordend naar thema. Van de tientallen categorieën waaronder de liefhebber kan inzenden scoren eenzaamheid en overlijden het hoogst, op haiku na dan. Niets nieuws onder de zon dus. Nieuw is de epidemie van de luchtige krabbel die met enkele woorden per regel tegelijk op het papier lijkt geworpen.

Steeds meer mensen met een vlotte pen proberen hun tekst als poëzie te slijten. Twee tests bestaan er om imitaties van echt te onderscheiden. De eerste: verknip de tekst tot losse regels en laat ze vertalen. De vertaler heeft geen weet van de volgorde en toch zullen bij een vervalsing de vertaalde regels, aaneengelijmd, precies hetzelfde gedicht opleveren. De tweede test: lees de regels gewoon achter elkaar.

Zwarte leegte, koude eenzaamheid tranen van ijs vallen op een gebroken hart. Een beving, een rilling, een windvlaag door mijn kille lichaam: starend in het niets snakt mijn ziel naar adem. Gevangen voel ik mij. Geketend in de boeien van het alleen zijn kruip ik diep in mijn schulp. Tijdloos en kleurloos een gapend gat is mijn gemis. Smachtend verlang ik naar de draad die mij zal hechten, in de hoop om eens weer heel te zijn.

De lust tot poëzie vergaat je.

    • Gerrit Komrij