Israël mag van Bush terugslaan naar Irak

Israël heeft het recht om terug te slaan als het door Irak wordt aangevallen. Dat heeft de Amerikaanse president George Bush gisteren gezegd na een ontmoeting in het Witte Huis met de Israëlische premier Ariel Sharon.

Maar het Witte Huis maakte later onderscheid tussen een ongeprovoceerde Iraakse aanval op Israël en wat Irak zou kunnen doen in geval van oorlog.

,,Als Irak morgen Israël aanvalt, neem ik aan dat de premier zou antwoorden'', zei Bush. ,,Hij heeft het verlangen om zichzelf te verdedigen.'' Een woordvoerder van het Witte Huis zei later dat in het geval van een Iraakse aanval in een oorlogssituatie de Verenigde Staten Israël zullen consulteren. ,,Dat is een andere zaak dan als Irak morgen zonder aanleiding een aanval lanceert'', zei hij. Verscheidene Amerikaanse leiders hebben eerder de hoop uitgedrukt dat Israël zich buiten een eventuele Amerikaanse aanval op het Iraakse regime zal houden.

Volgens radio Israël zullen de VS Israël maximaal twee weken van tevoren op de hoogte stellen van de datum waarop zij een eventuele aanval op Irak lanceren. Bush herhaalde gisteren overigens dat hij nog geen besluit heeft genomen om Irak aan te vallen. Hij zei te hopen dat de Verenigde Naties de Iraakse president Saddam Hussein kunnen overreden om van zijn massavernietigingswapens afstand te doen. ,,Onze hoop is dat het Iraakse regime zich vreedzaam zal ontwapenen.'' Maar hij voegde daaraan toe: ,,Hij is een gevaarlijke man. Hij heeft zijn eigen mensen vergast.''

Wat betreft het Palestijnse conflict onderstreepte een hoge Israëlische functionaris dat Bush Sharon niet heeft gevraagd zijn militaire acties tegen Palestijns geweld te verminderen, en dat ook niet zal doen.

De Amerikaanse regering heeft de laatste weken verscheidene malen kritiek geuit op het Israëlische militaire optreden in de bezette Palestijnse gebieden. Sharon had volgens Israëlische bronnen bewijsmateriaal naar Washington meegenomen over plannen van Palestijnse extremisten op korte termijn ten minste 20 aanslagen in Israël uit te voeren.

Sharon beloofde maatregelen te nemen om de zware economische problemen te verlichten waarin de Palestijnen zich bevinden als gevolg van de Israëlische afsluitingen en herbezettingen op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook. President Bush kondigde aan dat onderminister van Buitenlandse Zaken William Burns naar het Midden-Oosten gaat om te werken aan een terugkeer naar de onderhandelingstafel.