Op weg naar het einde

Duidelijkheid en Daadkracht, luidt het motto dat minister-president Balkenende zijn kabinet meegaf tijdens de regeringsverklaring van juli. De afgelopen weken is duidelijk geworden dat daadkracht bij dit kabinet een onmogelijkheid is. Het voortdurende geruzie in de fractie van de LPF en tussen de ministers van die partij heeft geleid tot een onhoudbare situatie. Nu is het moment voor premier Balkenende aangebroken te concluderen dat zijn kabinet geen bestaansrecht meer heeft.

De coalitiepartijen zijn Balkenende hierin vanmorgen reeds voorgegaan. Zij hebben de voortzetting van het kabinetsberaad dat gisteravond tot vanmiddag werd geschorst terecht niet langer willen afwachten. Conform de dualistische verhoudingen, zeiden zij reeds op voorhand hun vertrouwen in het kabinet op. Zij zagen in dat de situatie onwerkbaar was geworden.

Er zit niet anders op dan dat op de kortst mogelijke termijn opnieuw verkiezingen worden uitgeschreven. De chaotische taferelen van de afgelopen dagen hebben aangetoond dat een tussenoplossing zoals een lijmpoging geen zin meer heeft. Het ligt dan ook in de rede dat alle bewindslieden die namens deze partij zitting hebben in het kabinet hun ontslag aanbieden. De LPF heeft immers bewezen een totaal ongeschikte coalitiepartner te zijn. Het beste is dat CDA en VVD in een rompkabinet verder gaan tot aan de vervroegde verkiezingen.

Van belang voor de verdere gang van zaken is dat van een programmatisch conflict binnen de coalitie geen sprake is. Voor CDA en VVD betekent dit dat zij het regeerprogramma tot inzet van de verkiezingen kunnen maken. Verschaft de kiezer deze twee partijen vervolgens een meerderheid, dan kan de kabinetsformatie relatief kort duren. Het programma is reeds geschreven en de ministers van CDA en VVD kunnen allen voor herbenoeming in aanmerking komen.

Het onvermijdelijke einde van het kabinet Balkenende is het logische gevolg van een chaotisch verkiezingsjaar waarin de `Fortuyn-beweging' de politieke verhoudingen compleet op hun kop zette. De verkiezingsuitslag waarbij de LPF in één keer de tweede partij in het parlement werd, maakte van deze partij een niet te passeren factor. De onervaren LPF, kort voor de verkiezingen op brute wijze ontdaan van haar leider, had in de macht naar volwassenheid kunnen groeien. Het omgekeerde gebeurde. Incompetentie en ruzie is het enige dat de LPF bond. De LPF zonder Fortuyn is een lege huls gebleken. Het oordeel is nu aan de kiezer.