Ontvoerde Japanners terug in vaderland

De Noord-Koreanen weten hoe ze iemand gehoorzaam moeten maken. Verbluffend van inhoud en lengte waren de boodschappen van vijf Japanners die 24 jaar geleden door Noord-Korea werden ontvoerd en gisteren voor het eerst in Japan terugkeerden. Yukiko Okudo zei op de gemeenschappelijke persconferentie slechts: ,,Mijn excuses dat ik zoveel zorgen heb veroorzaakt. Hartelijk dank.'' Hitomi Soga hield het op: ,,Ik verlangde sterk jullie te ontmoeten.'' Een tekst die in het Japans uit precies twee woorden bestaat.

De vijf brachten een kort bezoek aan familieleden die al die jaren niet wisten wat er met hun geliefden was gebeurd. Ze verdwenen, net als acht inmiddels overleden lotgenoten, rond 1980 spoorloos aan de kusten van Japan. Een maand geleden erkende Noord-Korea dat geheim agenten deze mensen hadden ontvoerd. Gisteren mochten de vijf even terug, maar ze moesten hun kinderen in Noord-Korea achterlaten.

De eerste ontmoeting met ouders, broers en zussen op het vliegveld verliep met omhelzingen en veel tranen, zoals te verwachten na al die jaren. Maar enkele uren later op een persconferentie in het centrum van Tokio waren de vijf hun emoties weer de baas. Met strakke gezichten en een speldje met de afbeelding van wijlen Kim Il-sung, de stichter van stalinistisch Noord-Korea, op de kleding liepen ze de zaal binnen waar ze allemaal kort het woord zouden voeren voor de pers. [Vervolg JAPAN: pagina 4]

JAPAN

Kinderen van een totalitair leider

[Vervolg van pagina 1] De extreem korte boodschappen waren het enige dat de ontvoerde Jappanner verklaarden. Daarna liepen de vijf de zaal uit, als perfecte kinderen van een totalitair leider.

De wereld waarin zij gedwongen zijn te leven is verbrokkelder dan een gewoon mens zich kan voorstellen. Zo bleek vandaag dat Okudo en haar man Kaoru Hasuike hun kinderen voor het vertrek slechts hebben verteld dat ,,moeder op reis gaat'', terwijl ,,vader voor zijn werk op pad moet''. Geen woord over een bezoek aan familie in Japan. Okudo en Hasuike waren jonge geliefden toen ze in 1978 werden ontvoerd. Ze hebben zich blijkbaar aan hun `gevangenschap' weten aan te passen. Ze zijn in 1980 getrouwd, dragen Koreaanse namen en hebben twee bijna volwassen kinderen. Maar de uitleg aan hun kinderen doet de vraag rijzen of die kinderen wel weten dat hun ouders eigenlijk Japans zijn.

Een geïrriteerde Toru Hasuike, de broer van Kaoru, bracht dit verhaal vandaag naar buiten. Toru is duidelijk kwaad dat zijn broer zelfs tegenover hem de waarheid niet kan, wil of durft te vertellen. Zo vertelde Toru gisteren dat zijn broer op de vraag hoe de ontvoering nu precies in zijn werk was gegaan slechts had geantwoord: ,,Daar praten we ooit nog wel eens over.'' Vandaag wees Toru op een aantal inconsistenties in de verhalen van zijn broer, waaruit duidelijk wordt dat hij niet meer weet wat hij nu moet denken van de man die eens zijn jonge broertje was: zo voorzichtig met zijn woorden dat hij zelfs zijn broer nog niet vertrouwt, werkelijk een propagandist voor Noord-Korea, of iemand die uit zelfbescherming zich volledig heeft verborgen? Zo vertelde Toru ook dat zijn broer over de ontvoeringen praat ,,alsof het hem zelf helemaal niet aangaat''.

De vraag is hoe het nu verder moet. Iedereen in Japan roept dat de vijf met hun gezinnen moeten terugkeren. Maar om te beginnen zullen de vijf zelf in vrijheid het besluit moeten nemen dat ze dat willen. Waar en wanneer kunnen ze dat? Ze hadden al bij aankomst in Japan het speldje met de beeltenis van Kim Il-sung kunnen afwerpen en tegen de Japanse regering kunnen zeggen: zorg maar dat onze kinderen nu ook hier komen. Ook in Japan blijven de ontvoerden echter onder de invloed van Noord-Korea. Mogelijk zijn zij bang voor een onzekere toekomst in Japan. Zorgdragen voor opvang is wel het minste dat de Japanse regering op zich kan nemen. Vooralsnog is er echter niets veranderd aan het plan dat ze hier hooguit twee weken blijven. Wrang genoeg gaat de reis terug naar Noord-Korea dit keer met een vliegtuig gecharterd door de eigen Japanse regering.

    • Hans van der Lugt