`Matig' optreden gasramp

De rampenbestrijding tijdens het incident met een lekkende treinwagon op het station van Amersfoort, bijna twee maanden geleden, heeft ,,matig'' gefunctioneerd. Dat stellen onderzoekers van de B&A Groep in Den Haag, die op verzoek van de gemeente het eigen functioneren heeft onderzocht.

Op 20 augustus werd na het ontdekken van een lek in een ketelwagen op het Amersfoortse NS-station die gevuld was met de gevaarlijke stof acrylnitril, alarm geslagen en werd een gebied van vijfhonderd meter gedurende een groot deel van de dag afgezet. Een verkeerschaos was hiervan het gevolg. Grote schade aan de volksgezondheid bleef uit; wel werden ongeveer twintig mensen behandeld wegens prikkende ogen.

De onderzoekers stellen dat na een snelle alarmering en ondanks het ,,goed handelen'' van individuele functionarissen en diensten, de ,,opschaling'' zoals het bijeenroepen van extra politie, hulpverleners en voorlichters ,,haperde''; ook was er sprake van een ,,gebrekkige bezetting'' bij de crisisstaven. Wel kan er ,,op grote hoofdlijnen'' gesproken worden van ,,adequate beslissingen en handelingen'' door gemeente en operationele diensten.

Bron van verwarring in Amersfoort was het intrekken van veiligheidsmaatregelen, luttele minuten later gevolgd door het herroepen van dat besluit. De onderzoekers billijken deze bestuurlijke ,,koprol'' maar laken het gebrek aan overleg dat daarmee gepaard ging. Overigens stellen de onderzoekers dat het incident met de ketelwagon een ,,veel grotere impact'' heeft gekregen dan ,,nodig en wenselijk'' zou zijn geweest.