Rest van EU soepel over uitbreiding

Polen, Slowakije en Letland zijn niet `klaar' voor toetreding tot de EU, vindt een meerderheid in het Nederlandse parlement. Hoe is het advies om de EU met tien landen uit te breiden elders gevallen?

De partijen die het kabinet-Balkenende schragen, buitelen over elkaar heen in het stellen van ,,harde voorwaarden' aan de uitbreiding van de Europese Unie. Zij zijn het niet eens met de conclusie van de Europese Commissie vorige week dat tien landen in Midden- en Oost-Europa in 2004 tot de EU kunnen toetreden.

Hoe is het advies van de Europese Commissie elders in de EU gevallen? Een eerste rondgang leidt tot de voorzichtige conclusie dat de voorgestelde `Big Bang' overwegend op instemming kan rekenen en nergens tot parlementaire opwinding heeft geleid. Ook in Duitsland, dat zich evenals Nederland tot dusver verzet tegen uitbreiding zonder uitzicht op vermindering van directe inkomenssteun voor boeren, is de toetreding van tien nieuwe landen in 2004 tot de EU niet omstreden.

Het is nog niet duidelijk hoever Duitsland in het conflict over de (beteugeling van de) landbouwsubsidies wil gaan. Maar de vorige maand herkozen bondskanselier Gerhard Schröder heeft één en andermaal laten weten dat de uitbreiding en met name de toetreding van Polen zó belangrijk is, dat dit niet door onenigheid over de landbouw vertraagd mag worden.

Maar Schröder vindt ook dat Frankrijk, dat groot financieel belang heeft bij het vigerende Europese regime van landbouwsubsidies, in beweging moet komen. Hij heeft dat gisteravond in Parijs persoonlijk nog eens onder de aandacht gebracht van de Franse president Jacques Chirac. Tot overeenstemming heeft dat niet geleid, zo bleek na afloop.

Frankrijk vindt dat de besluitvorming over de uitbreiding niet belast mag worden door discussies over de landbouwpolitiek. Dat is pas later aan de orde, vindt Parijs, daarin meer of minder gesteund door de meeste andere EU-lidstaten. Vorige maand tikte Europees Commissaris Günter Verheugen Parijs nog op de vingers, omdat er in Frankrijk ,,geen enkel openbaar debat' wordt gevoerd over Europa. Hij zei ,,te willen vermijden dat er een klimaat ontstaat waarin men gaat zeggen dat de uitbreiding in het geniep beklonken is, over de hoofden van de burgers heen.'

Binnen de PS, de Franse socialistische partij die sinds de verkiezingsnederlaag van dit voorjaar in crisis verkeert, gaan sinds vorige week stemmen op voor het houden van een referendum. Zij verwijzen met name naar de landbouwpolitiek. Voor de hervorming daarvan zal de agrarische kiezer volgens hen een ,,zware prijs' moeten betalen.

Groot-Brittannië is, net als Duitsland en Nederland, voorstander van herziening van de Europese landbouwpolitiek, al legt Londen een minder `harde koppeling' met de uitbreiding dan Nederland. De Britse regering heeft steeds een snelle uitbreiding van de EU naar het oosten bepleit, onder meer met geopolitieke argumenten. Zonder uitzicht op het EU-lidmaatschap zou in Oost-Europese landen het draagvlak voor de pijnlijke economische hervormingen kunnen verdwijnen, waarna politieke instabiliteit dreigt. Uitbreiding is ,,een test voor de Europese geloofwaardigheid', aldus premier Tony Blair en uitstel zou neerkomen op ,,verraad' aan de kandidaten.

Een geval apart vormt Ierland, waar de EU-uitbreiding aanstaande zaterdag inzet is van een referendum. Vorig jaar al stemden de Ieren tegen het Verdrag van Nice, waarin de uitbreiding (institutioneel) wordt geregeld. Over de gevolgen van een tweede `nee' wordt door Europese juristen druk gespeculeerd, maar bevorderlijk voor de uitbreiding zal dat in elk geval niet zijn. De laatste peilingen wijzen overigens voorzichtig in de richting van een Iers `ja' tegen het Verdrag van Nice.

De recente Brusselse rapporten over de stand van zaken in de kandidaat-EU-landen hebben evenmin in Spanje geleid tot veel discussie. Madrid is pro-uitbreiding, maar beschouwt haar veelal als een zaak die sombere schaduwen vooruitwerpt, namelijk minder steun uit Brussel. Het conservatieve dagblad Abc erkende ruiterlijk dat Spanje veel aan de Europese Unie verschuldigd is en nu ook solidair moet zijn met de nieuwkomers. Maar het blad vindt ook dat de subsidiestroom niet te abrupt mag worden verlegd naar het oosten. Dagblad El País uitte in een commentaar ook de vrees voor de geopolitieke gevolgen: de aandacht zal afgeleid worden van Zuid-Amerika en de Magreb-landen, gebieden waar Spanje traditioneel veel mee te maken heeft.

In Oostenrijk, dat grenst aan vier van de tien nieuwkomers (Tsjechië, Slowakije, Hongarije en Slovenië) is de uitbreiding een gevoelig onderwerp. De grootste vrees is dat het land overspoeld wordt door goedkope arbeidskrachten. Maar de huidige EU-landen hebben bedongen dat ze Oost-Europese werknemers nog maximaal zeven jaar (na 2004) mogen tegenhouden en net als Duitsland heeft Oostenrijk al laten weten van die optie zeker gebruik te zullen maken.

De argwaan onder de bevolking is daarmee niet weggenomen en vooral de rechts-populistische FPÖ probeert daarvan te profiteren door in te spelen op anti-Europese sentimenten. Maar de FPÖ wordt tegelijkertijd bezocht door interne ruzies, die hebben geleid tot de val van de regering. De kiezers lijken de FPÖ bij de verkiezingen van volgende maand massaal de rug toe te keren, waarmee de politieke tegenstand tegen uitbreiding gebroken zou zijn.

Met medewerking van Steven Adolf (Madrid), Michel Kerres (Berlijn), Pieter Kottman (Parijs) en Hans Steketee (Londen).