Remkes: Geen verbod van Al-Aqsa

Minister Remkes (Binnenlandse Zaken) ziet voorlopig geen aanleiding om maatregelen te nemen tegen de liefdadigheidsorganisatie Al-Aqsa, die banden zou hebben met de Palestijnse terreurbeweging Hamas.

Dat blijkt uit de beantwoording van vragen van de Kamerleden Cornielje, Wilders (beiden VVD) en Teeven (Leefbaar Nederland) die Remkes mede namens minister Donner van Justitie naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

De Duitse zusterorganisatie van Al-Aqsa Nederland werd in augustus van dit jaar door minister van Binnenlandse Zaken Schilly verboden, omdat zij terroristische activiteiten van Hamas zou financieren. Er werden huiszoekingen gedaan bij het kantoor van de stichting in Aken en er werd 300.000 euro in beslag genomen. De Kamerleden wilden weten of het Duitse verbod aanleiding was om ook de Nederlandse tak van Al-Aqsa te verbieden.

Dit is niet het geval, aldus Remkes in de brief. De Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD) heeft het onderzoek naar de Stichting Al-Aqsa ,,geïntensiveerd'. Dit onderzoek heeft tot nu toe echter ,,geen aanleiding gegeven tot uitbrengen van een ambtsbericht aan het openbaar ministerie betreffend mogelijk door de stichting gepleegde strafbare feiten', aldus Remkes in de brief aan de Kamer.

In 2000 stelde het openbaar ministerie in Utrecht een onderzoek in nadat drie docenten op een islamitische basisschool in Amersfoort een antisemitische videoband hadden vertoond. De band was afkomstig van Al-Aqsa. Het OM zag destijds geen aanleiding om tot vervolging over te gaan.

Remkes benadrukt in de brief dat het kabinet de strijd tegen het terrorisme ,,zeer serieus' neemt. Het kabinet zou het ,,onaanvaardbaar' vinden ,,wanneer op het grondgebied van Nederland activiteiten worden ontplooid die het terroristisch geweld in het Midden-Oosten – of elders – ondersteunen', aldus Remkes. Het ministerie van Justitie zal binnenkort een notitie uitbreiden over de juridische mogelijkheden om op te treden tegen vertegenwoordigingen van terroristische organisaties in Nederland. In de notitie zal worden ingegaan op de situatie in de omringende landen en op de vraag of ,,aanvullende wetgeving al dan niet geboden is', aldus minister Remkes.